Klassiek soloconcert Muziek kent tal van genres en subculturen: NRC’s muziekprofessor biedt essentiële muziekkennis. Deze week: het klassieke soloconcert. Wat moet je luisteren?
Het is de hamvraag die eens in de vijf jaar rondzingt onder Chopin-minnende pianoliefhebbers: welke van Chopins twee pianoconcerten nemen de finalisten van het Internationale Chopin Concours in Warschau mee de arena in? Wie in de laatste ronde van deze prestigieuze muziekwedstrijd triomfeert, wordt in één klap de wereldpodia op gekatapulteerd. Welke muziek je kiest voor de finale is dan niet alleen een kwestie van persoonlijke voorkeur, maar ook een strategische manoeuvre: welk soloconcert vormt de beste match met het oor van de jury? Kies je de ‘flashy’ route met Chopins Eerste pianoconcert, de publiekslieveling en het concert waarin het drama en de technische virtuositeit aan de oppervlakte glinsteren? Of ga je voor het Tweede pianoconcert, dat zich met zijn introspectieve lyriek minder opzichtig verkoopt, maar waarin je kan uitblinken in kwetsbaarheid en intimiteit? Vorige maand gebeurde het onverwachte: met het Tweede pianoconcert, dat de meesten links laten liggen, ging de Amerikaan Eric Lu er met de winst vandoor.
Het soloconcert biedt voor veel klassiekemuziekliefhebbers het beste van twee werelden: net als bij een symfonie word je meegezogen in een orkestrale wereld, maar dan krijg je er ook nog een solist bij die instrumentaal knal- en siervuurwerk afsteekt. Meestal is zo’n concert opgeknipt in drie delen: snel, langzaam, en weer snel. Pianisten, violisten en cellisten hebben de ruimste keuze qua hoeveelheid muziek, maar zelfs voor pauken, banjo, en – in de meer exotische hoek – mondharp, water en tapdancer zijn er concerten geschreven.
Het concert ontstond in het barokke Italië, maar rees vooral in de Romantiek op als pronkstuk van instrumentale expressie. Concerten werden langer, het contrast tussen solist en orkest werd scherper uitgelicht en de muziek werd steeds spectaculairder. Onder componisten ontstond een wedloop van virtuositeit: concerten werden volgestouwd met technische hoogstandjes die het publiek tot euforie dreven, zoals helse tempo’s, duizelingwekkende notenwatervallen en denderende akkoorden. Geen wonder dat bij muziekconcoursen de eindstrijd traditioneel wordt beslist met een soloconcert: op zo’n showtoneel kan een solist volop laten horen wat-ie in huis heeft. Maar zo’n concert biedt ook ruimte voor contemplatie: in een langzaam middendeel krijgen donzige melodieën en verstilde momenten ruim baan.
Aan het einde van een concertdeel klinkt vaak een cadens, een laatste vonk virtuositeit. Soms schreef de componist die noten en soms improviseerden of componeerden solisten dit stukje muziek zelf. In de cadens zwijgt het orkest, terwijl de solist zich een paar minuten lang even helemaal kan laten gaan, voordat ze er samen een spetterend einde aan breien.
Als er één componist is die als een Dagobert Duck in de concerten zwom, is het wel Antonio Vivaldi. Hij componeerde er meer dan vijfhonderd, waarvan de vioolconcerten Vier Jaargetijden het allerberoemdst zijn. Die muziek mag voor sommigen dan cliché geworden zijn, als je noten weet te schrijven die driehonderd jaar later nog zo ijskoud in je wangen prikken of als een zachte lentebries over je huid strijken, dan heb je iets buitengewoons gemaakt.
Mozarts klarinetconcert is warm, melodieus en elegant, met een langzaam middendeel dat voelt als een dikke knuffel van je lievelingsoma. Cellisten zweren bij het concert van Elgar: drama, drama en nog meer drama, op een manier om niet genoeg van te krijgen. Rachmaninovs Derde pianoconcert is bij velen favoriet omdat het zo’n diepgaande emotionele achtbaan is, gecombineerd met sensationele speeltechniek om je aan te vergapen. Ook onmisbaar: het vioolconcert van Sibelius, het lijfstuk van Janine Jansen. Alleen al dat begin: als een adelaar boven de Finse wouden, zweeft en duikt de viool boven het orkest, met dezelfde dromerige magie als een Turner-schilderij.
Het beste concert van deze eeuw? Het pianoconcert van de Brit Thomas Adès uit 2018 maakt kans op die titel. Van sinistere mijmeringen tot explosieve ritmische erupties: Adès laat horen hoe het romantische virtuozendom overleeft in een hypermodern jasje.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden
Source: NRC