Home

Heeft Nederland nu wel of geen schilderij van de wereldberoemde Jan van Eyck – of alleen maar een beetje?

Toeschrijving Het museum Boijmans Van Beuningen beroept zich erop „de enige Jan van Eyck” in Nederland te bezitten. Maar wat wordt er eigenlijk met die formulering bedoeld? „Het is een ongelooflijk lastige kwestie.”

De drie Maria's aan het graf, 1425 – 1435. Collectie Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Verworven met de verzameling van D.G. van Beuningen.

Heeft Nederland nu een schilderij van de wereldberoemde schilder Jan van Eyck in de publieke collectie – of toch niet? Als je het aan Google AI vraagt, dan weet de zoekdienst het zeker. Ja, Nederland heeft één werk van deze meester van de zogenoemde ‘Noordelijke Renaissance’ in bezit: De drie Maria’s aan het graf in het museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, dat „na onderzoek definitief toegeschreven werd aan Jan van Eyck”.

De stelligheid van Google AI is gebaseerd op een persbericht uit 2020 van het Boijmans Van Beuningen, waarin het museum voor het eerst spreekt over het „15de-eeuwse kroonjuweel van Jan van Eyck” in de museumcollectie, dat het museum dat jaar uitleende voor de eerste overzichtstentoonstelling over Jan van Eyck ooit, in Gent. Ook heeft het museum een filmpje uit 2012 op de site staan waarin de toenmalige conservator Friso Lammertse Jan van Eyck expliciet als maker aanwijst, terwijl dat jaar diverse media de mededeling van het museum overnamen dat het paneel na restauratie een „echte Jan van Eyck” zou blijken te zijn.

Maar hoe stellig kan het museum zijn? Gezien de beschikbare argumenten eigenlijk niet, stelt kunsthistoricus Frans Nies deze maand in het tijdschrift Oud Holland, een publicatie ondersteund door het Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis (RKD). In zijn artikel schrijft hij dat Jan van Eyck als enige maker niet hard is te maken, in plaats daarvan zou de bredere benaming ‘groep Van Eyck’ moeten worden gehanteerd. Hiermee bedoelt hij de kring rondom Jan van Eyck, „onder wie hijzelf, zijn broers, zijn leerlingen en/of (oud-)medewerkers”. Ook is volgens Nies een datering ná 1455, dus na Van Eycks dood in 1441 door een anonieme navolger, niet uit te sluiten. 

Discussie

Nieuw is de discussie over het paneel allerminst, die loopt al sinds de herontdekking in 1871. Eerst werd het vooral als een Jan van Eyck gezien, maar toen het paneel in 1940 door de Rotterdamse kunstverzamelaar D.G. van Beuningen werd gekocht, werd diens broer Hubert van Eyck juist als maker vermoed. In 1987 werd er in een publicatie al gesproken over de ‘groep Van Eyck’. In de catalogustekst van het Boijmans bij de expositie De weg naar Van Eyck uit 2012, naar aanleiding van de restauratie, was de formulering ‘Jan van Eyck (?)’. Maar in pr-mededelingen uit 2012 en 2020, onderbouwd met citaten van conservator Lammertse, is dat vraagteken verdwenen. In de huidige online collectiebeschrijving van het museum klinkt het bescheidener: ‘Toegeschreven aan Jan van Eyck’, al staat in de bijbehorende objectbeschrijving dan weer dat het paneel is gemaakt door „de gebroeders Van Eyck”. De Nederlandse Wikipedia heeft het ondertussen over de ‘kring rond Jan van Eyck’, en zegt zich óók op de catalogus van het Boijmans uit 2012 te baseren.

Dus: wat is het nu? Nies, gepromoveerd op Jeroen Bosch en werkzaam als onafhankelijk onderzoeker, wijst erop dat het museum na 2012 geen wetenschappelijk onderzoek over de toeschrijving aan Jan van Eyck heeft gepubliceerd, zoals na een dergelijke verandering van de status van het schilderij te verwachten zou zijn geweest. Ook eerdere literatuur en nieuwe inzichten, zoals opgedaan door het restauratieatelier van het Lam Gods in Gent, zouden niet tot Jan van Eyck leiden. Voor Van Eyck als enige maker zouden er te veel elementen van wisselende kwaliteit in zitten. „Ik bestrijd niet dat het eyckiaans is, maar Jan was te goed voor dit schilderij.”

In het Depot van het Boijmans Van Beuningen staat Ruben Suykerbuyk, sinds 2021 conservator Oude Kunst van het museum, voor het schilderij, dat achter een raam ook voor het publiek is te zien. Suykerbuyk was in 2012 niet betrokken bij de toeschrijving, maar zegt: „Wij blijven erbij dat het werk met hoge mate van waarschijnlijkheid aan Jan van Eyck moet worden toegeschreven, wellicht in samenwerking met zijn atelier.” Hij wijst op een harnas met spiegeling, op „de met zonlicht beschenen flanken van de bergtoppen, die indirect de opkomende zon suggereren”, allemaal „complexe elementen die in de richting van Jan van Eyck wijzen”. De argumentatie in het Oud Holland-artikel vindt hij „niet overtuigend”, maar: een publicatie die de aanname van het Boijmans hard maakt, blijkt na dertien jaar inderdaad niet te bestaan – „nóg niet”, benadrukt Suykerbuyk, want die zou hij zelf wel graag willen schrijven.  

‘Anachronisme’

„Ik kwam er niet uit”, zegt toenmalig Boijmans-conservator Lammertse, inmiddels conservator bij het Rijksmuseum, aan de telefoon. Hij was er na de restauratie in 2012 van overtuigd dat Jan van Eyck de maker was, maar had „geen smoking gun”: daarom is er nooit een publicatie gekomen. Lammertse staat nog steeds achter zijn opvatting van toen, maar nuanceert die desgevraagd nu wel. Want: „Is Van Eyck dan ook de enige maker?”, zegt hij, „of waren er wellicht een of meer ateliermedewerkers bij betrokken?” Want ja, in de vroegmoderne tijd was dat heel gewoon, zegt hij, en dit werk bevat elementen van wisselende kwaliteit. Maar het is „een anachronisme” om voor die tijd een onderscheid te maken tussen een schilder en zijn atelier: „In zijn tijd gold het als een Jan van Eyck, dus noem het gewoon Jan van Eyck.” Volgens Suykerbuyk is de relevante vraag daarom nu vooral wat ‘Jan van Eyck’ als maker inhoudt: „Waar houdt Jan van Eyck op en waar beginnen zijn medewerkers?”

De vraag of Nederland nu wel of niet een echte Jan van Eyck heeft, blijkt dus niet zo stellig te beantwoorden als Google AI op basis van oude persberichten doet. „Het is een ongelooflijk lastige kwestie”, zegt Suykerbuyk. En Lammertse zegt: „We weten het niet zeker. Het is een ongoing discussie.” Nies vreest ondertussen dat de toeschrijving ondanks deze nuances over de kunsthistorische praktijk van de 15de eeuw toch „een eigen leven gaat leiden”: de belangen voor een museum om werk van een bekende schilder te bezitten zijn nu eenmaal groot.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Rotterdam

Het laatste nieuws en de beste stukken over de mooiste havenstad die er is

Source: NRC

Previous

Next