Het besluit om bijzondere opsporingsambtenaren (boa's) te verbieden religieuze symbolen zoals hoofddoekjes en keppeltjes te dragen, laat op zich wachten. Minister Van Oosten van Justitie en Veiligheid wil dit verbod nu via een wet regelen, na een kritisch advies van de Raad van State die stelt dat het met huidige wetgeving niet mogelijk is. Dit betekent dat het langer kan duren voordat het verbod van kracht wordt.
Aanvankelijk beloofde het kabinet, waarin de PVV en NSC nog deelnamen, dat het verbod eind 2025 zou ingaan via een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). De Raad van State adviseerde echter dat een dergelijk verbod verschillende grondrechten raakt, waaronder gelijke behandeling en vrijheid van godsdienst. Zij raden aan om het verbod wettelijk te regelen, zodat zowel de Eerste als de Tweede Kamer hierover kunnen stemmen. Daarvoor is nog wel een meerderheid nodig.
Het debat over neutrale uniformen voor boa's speelt al jaren. Sommige gemeentes laten hun boa's religieuze symbolen dragen, tot de onvrede van de vakbond. Het plan om deze symbolen te verbieden was al opgenomen in het hoofdlijnenakkoord van het kabinet-Schoof, met als doel het vertrouwen in de onpartijdigheid van boa's te vergroten.
Het College voor de Rechten van de Mens heeft eerder geoordeeld dat een verbod op religieuze symbolen voor boa's "stigmatiserend en niet effectief" is. Volgens hen kunnen zichtbaar religieuze boa's ook zonder problemen onpartijdig hun werk doen. De discussie over de invoering van een neutraal uniform voor boa's houdt dus nog aan.
Source: Fok frontpage