Oh, Matthijs de Ligt, wat ben ik blij voor hem. Het was een bijzinnetje in het bericht over zijn herselectie voor Oranje: „Ik heb mijn mindset veranderd. Eerst wilde ik geen fouten maken, nu wil ik zoveel mogelijk dingen goed doen.” Het lijkt een klein verschil, maar dat is het allerminst.
Hij oogde lange tijd niet zeker in zijn spel, zei bondscoach Ronald Koeman. Dat is precies wat er gebeurt als je geen fouten wil maken: je wordt onzeker. Je durft niet, je bevriest. Je experimenteert niet met de bal. Want dat kan misgaan. Het klinkt doodsimpel om je mindset te veranderen, maar zo makkelijk is dat niet. Dat is heel moeilijk, en lukt bijna niet zonder hulp van buitenaf.
Zo zat ik te peinzen, en ineens viel het kwartje. Matthijs de Ligt voetbalt sinds 2024 in Engeland, bij Manchester United. En wie loopt er ook in Engeland rond? Juist! Sarina Wiegman. De bondscoach van de vrouwen weliswaar, maar het kan niet anders dan dat de twee elkaar in het geheim ontmoeten.
Afgelopen week was Wiegman te gast bij Eva Jinek, en ze vertelde: „Ik denk dat fouten maken cruciaal is. Als je speelt om te winnen, dan moet je actie ondernemen. Als je actie onderneemt, kun je iets briljants doen, maar je kunt ook een fout maken. Als je dat wil voorkomen, dan ga je spelen om niet te verliezen. Daar zit geen energie in, en geen avontuur. Volgens mij wil je dat juist opzoeken. Je moet fouten maken, anders leer je niks.”
Wat is dat toch met fouten maken. Onze kinderen worden opgevoed alsof de wereld vergaat als je een fout maakt. Veel mensen durven niet eens een beslissing te nemen, uit angst dat het de foute is. Terwijl foute beslissingen juist de interessantste zijn: daarvan leer je over jezelf. Daarvan groei je, als mens. Als je het zo bekijkt, bestaan foute beslissingen niet eens.
Wiegman denkt er net zo over. Ze moedigt haar speelsters aan fouten te maken. En als ze dat doen, bespreekt ze de fouten rustig. Ze wordt niet boos: „Ik vind dat schreeuwen en foeteren er niet bij hoort aan de top. Je kunt duidelijk zijn, en over prestaties en gedrag praten. Maar dat hoeft niet door iemand onder druk te zetten met stemverheffing of intimidatie. Daar geloof ik helemaal niet in.”
Laat dat nu bevestigd worden door wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit van Gent. Professor Leen Haerens heeft talloze atleten bevraagd, en telkens weer blijkt dat een positieve, ondersteunende coachingsstijl het beste werkt. Als je sporters zelf verantwoordelijkheid geeft en op een positieve manier praat over gemaakte fouten, dan presteren ze het best, worden ze het meest creatief en zelfstandig. Het lijkt verdikkie wel het opvoeden van kinderen.
Maar zeg, we hebben het hier over topsport. Dat is hard, niet soft. Atleten moeten tegen een stootje kunnen, hoor ik u denken. Af en toe je innerlijke José Mourinho naar buiten laten komen mag toch best. Mis. Het is een hardnekkig misverstand dat zelfs af en toe schreeuwen effect heeft, blijkt uit de onderzoeken van de UGent.
Hoe je een écht goede coach bent, heeft Sarina Wiegman goed begrepen. En al zullen ze het nooit hardop zeggen, het kan niet anders dan dat ze Matthijs de Ligt bij een Engels kopje thee stiekem met zijn onzekerheden geholpen heeft.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken