Formatie Het terugtreden van Hans Wijers legt een structureel probleem in formaties bloot. Informateurs moeten hun eigen rol zo klein mogelijk maken. Maar die dienende rol verhoudt zich slecht tot het verleden dat diezelfde mensen hebben.
Hans Wijers (D66) leest een verklaring voor na een gesprek met D66 en CDA over de kabinetsformatie. Wijers stapt op als informateur vanwege privé-appjes.
De eerste vraag die informateur Sybrand Buma zich op vrijdagochtend stelde, was: „Hoe ziet míjn appgeschiedenis er eigenlijk uit?” Hij is altijd „vrij bescheiden” in wat hij zegt, maar weet: een formatie is „een delicaat proces”. „Deze wereld”, hij bedoelt de Haagse politieke wereld, „is anders dan de buitenwereld, dat merkte ik meteen weer toen ik hier naar binnen stapte. Wat buiten Den Haag klein lijkt, kan hier binnen heel groot zijn.”
De politiek zeer ervaren Sybrand Buma, een CDA’er die nu burgemeester van Leeuwarden is, kent de „harde politieke werkelijkheid”, zegt hij op vrijdagmiddag een paar keer tegen journalisten. En die werkelijkheid is dat zijn mede-informateur, D66’er Hans Wijers, zich terug moest trekken na vragen van NRC over Wijers’ privé-appverkeer. In dat appverkeer had hij onder meer VVD-leider Dilan Yesilgöz „die feeks van de VVD” genoemd. Buma, en D66-leider Rob Jetten, allebei goed op de hoogte van de Haagse binnenwereld, leken er allebei meteen in te berusten dat Wijers’ vertrek onvermijdelijk was.
En daarmee is de situatie rondom de formatie meteen totaal anders. Ten eerste in personele zin: Sybrand Buma gaat in zijn eentje verder als informateur. Hij zal komend weekend alleen nadenken over hoe de formatie verder moet. Maandag gaan de onderhandelaars van D66 en CDA in gesprek over asiel en migratie, het eerste inhoudelijke onderwerp dat deze formatie besproken wordt.
Buma, die zichzelf eerder leek te zien als secondant van Wijers, moet nu bedenken wie hij erbij wil uitnodigen, en hoe hij het kwetsbare formatieproces gaat bewaken voor verdere ontsporingen. Zijn eigen appgeschiedenis gaat hij in ieder geval niet navlooien, zegt hij op vrijdagmiddag. Daar heeft hij geen tijd voor.
Belangrijker is dat het terugtreden van Wijers grote politieke gevolgen heeft. D66 is bij de verkiezingen de grootste partij geworden, de partij behaalde acht zetels meer dan het CDA. Er is geen wet die voorschrijft dat een informateur van de grootste politieke partij moet zijn, maar feit is dat nu alleen een CDA-prominent overblijft. Rob Jetten noemt dit „ongebruikelijk”, maar zegt dat er geen tijd is om er iemand bij te zoeken „omdat er per se iemand van D66 bij moet”.
Toch is een informateur per definitie niet onafhankelijk. Hij of zij wordt vrijwel altijd aangesteld vanwege de partijachtergrond, anders had net zo goed een ambtenaar of externe deskundige gekozen kunnen worden. En juist dat gegeven maakt dit proces zo kwetsbaar. Een informateur, of een verkenner, heeft altijd een partijpolitiek verleden, en is daarom nooit los te zien van de Haagse werkelijkheid.
Dat bleek ook in het geval van Hans Wijers. Die had, zo blijkt, recent nog contact met de groep ondernemers uit de media-, reclame- en communicatiewereld die zichzelf Stem voor Stabiliteit noemt. Die groep, onder leiding van mediaondernemer Willem Sijthoff, streeft naar een centrumrechts kabinet van D66, VVD en CDA. In de groep lopen sympathisanten en donateurs van alle drie de partijen rond.
Het terugtreden van Wijers kan, ironisch genoeg, de formatiedynamiek rondom die drie partijen veranderen. In deze fase van de formatie mag de VVD niet meepraten. Die beslissing, genomen onder verkenner Wouter Koolmees, heeft VVD’ers behoorlijk nerveus gemaakt. Wat er ook gebeurt, zij mogen altijd aan tafel zitten. Dilan Yesilgöz greep de eerste onthulling van NRC over Wijers meteen aan voor een nieuwe poging om er toch bij te komen:
Er is, natuurlijk, voorlopig nog geen sprake van, maar bij de VVD ruiken ze hun kansen.
Formaties zijn periodes waarbij de Haagse binnenwereld het met elkaar moet uitzoeken. De Koning, tenminste nog iets van een buitenstaander, speelt sinds 2012 geen rol meer in het proces. En dat leidt, zo blijkt elke keer opnieuw, tot ongelukken. In 2021 lekte verkenner Kajsa Ollongren, een D66’er, per ongeluk de ‘positie Omtzigt: functie elders’-notitie. Dit leidde tot een van de diepste politieke crises van de afgelopen decennia.
Twee jaar geleden moest verkenner Gom van Strien, senator namens de PVV, zich terugtrekken nadat NRC had bericht over een aangifte tegen Van Strien in een fraudezaak. Oud-minister namens de PvdA Ronald Plasterk, door Geert Wilders geworven als informateur, kwam die fase nog door. Maar die moest zich later alsnog terugtrekken als kandidaat-premier na onthullingen van NRC over een patentenkwestie.
Telkens weer is dit het probleem: informateurs en verkenners (een rol die pas sinds 2012 bestaat) moeten een proces begeleiden en daarom hun eigen rol zo klein mogelijk maken. Ze moeten zorgen voor een goede chemie aan tafel, moeten wensen inventariseren en zoeken naar overeenkomsten. Maar die dienende, bijna onzichtbare rol verhoudt zich slecht tot het verleden dat diezelfde mensen hebben, en altijd met zich meedragen. De gordijnen horen even dicht te gaan, is het idee, er kan pas vertrouwen gewonnen worden als er geen invloed van buiten is. Maar juist de informateur zelf is, onbedoeld, vaak de verstorende factor.
De allereerste informateur, de VVD’er Dirk Stikker, had die dynamiek al door. In 1951 begeleidde hij de formatie van het tweede kabinet-Drees (PvdA, KVP, VVD en CHU). Toen hij zijn eindverslag had ingeleverd, zei hij, volgens het Nieuw Utrechts Dagblad, tegen journalisten: „U hebt mij met bewonderenswaardig succes in het vizier gehouden. Nu zou ik graag mijn vrijheid terugkrijgen. Mij hoeft u niet meer in het oog te houden.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Begin de dag met de belangrijkste politieke ontwikkelingen uit Den Haag
Source: NRC