Home

Een betere representatie van vrouwen in de Tweede Kamer helpt tegen laag vertrouwen in de politiek, maar is niet de enige remedie

Tweede Kamer

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

De kersvers gekozen Tweede Kamer kan bij haar installatie deze woensdag een mijlpaal vieren: het aantal vrouwelijke Kamerleden heeft een nieuw record bereikt. Van de 150 parlementsleden zijn er nu 65 vrouw, één identificeert zich als non-binair. Het is het hoogste percentage vrouwen sinds in 1918 Suze Groeneweg als eerste vrouwelijke Kamerlid aantrad – overigens gekozen door louter mannen, vrouwen kregen pas een jaar later stemrecht.

Vijf vrouwen kwamen deze keer met voorkeursstemmen in de Kamer. Dat is onder meer te danken aan een campagne die de stichting Stem op een Vrouw al sinds 2017 voert. Zij moedigt kiezers aan strategisch te stemmen op vrouwen die laag op de kieslijst staan, op een schijnbaar onverkiesbare plek, zodat zij toch verkozen kunnen worden. Zo wil de stichting een betere representatie van vrouwen in de politiek bereiken.

Dat dit nog steeds nodig is, blijkt telkens weer uit de kandidatenlijsten die partijen indienen. Het aandeel vrouwen hierop daalde de laatste jaren zelfs: van 38 procent in 2021 naar 36 procent in 2023 en 35 procent dit jaar. Jammer is dat het alleen partijen aan de linkerkant van het politieke spectrum zijn die bewust meer vrouwen op hun kieslijsten zetten, blijkt uit een analyse van Stem op een Vrouw. En bij de SGP stond, traditiegetrouw, weer geen enkele vrouw op de lijst. Een compliment verdient daarom de SGP-afdeling Vlissingen die voor de gemeenteraadsverkiezingen zes vrouwen, onder wie opnieuw lijsttrekker Lilian Jansen, selecteerde.

Als gekeken wordt naar andere criteria dan sekse, is het gebrek aan diversiteit in de Tweede Kamer nog nijpender. Het percentage Kamerleden met een migratieachtergrond blijft achter bij hun aandeel in de Nederlandse bevolking. Dat geldt ook voor mbo’ers en parlementariërs die van buiten de Randstad komen. De volksvertegenwoordiging weerspiegelt daarmee maar een deel van de bevolking. Uit het Nationaal Kiezersonderzoek 2023, een onderzoek dat na iedere verkiezing wordt gehouden, blijkt dat slechts 31 procent van de kiesgerechtigden zich goed vertegenwoordigd voelt in de Tweede Kamer.

Toch is het niet altijd zo, blijkt uit hetzelfde onderzoek, dat mensen zich „automatisch” goed vertegenwoordigd voelen als er meer mensen in de politiek zitten die op hen lijken, zoals vrouwen of politici met een migratieachtergrond. „Belangrijker is dat burgers het gevoel hebben dat politici opkomen voor hun specifieke belangen”, aldus de onderzoekers. Die belangen worden niet alleen gevormd door hoe ze eruitzien en bij welke groepen ze horen.

En daar wringt de schoen: veel burgers voelen zich niet gehoord door de politiek, concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau onlangs. Het vertrouwen in de politiek is op een dieptepunt beland, blijkt uit weer ander onderzoek. Hier ligt dus de uitdaging voor deze nieuwe Tweede Kamer: mensen willen Kamerleden vragen horen stellen over hún problemen. Daarbij helpt het als die Kamerleden door hun eigen achtergrond weten wat er speelt.

Betere representatie helpt dus, maar is niet de enige remedie tegen het lage vertrouwen in de politiek. Voorlopig moet Nederland het doen met de Kamer die nu is gekozen. Laat de volksvertegenwoordiging zich bewust zijn van de verantwoordelijkheid die op haar rust om álle burgers te vertegenwoordigen.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next