Home

Achterhaald Amerika

Telefoons waren niet welkom bij de twee concerten die de levende Amerikaans legende Bob Dylan gaf in Amsterdam. Je mocht ze bij je houden in een verzegeld hoesje dat na afloop weer werd geopend. Zesduizend senioren, met in hun midden een aantal begeesterde twintigers, suisden zo terug in de tijd: naar toen Dylan nog meester was van het universum en niet Steve Jobs.

Het hielp de aandacht te concentreren en dat was winst want een Dylan-concert is altijd een wandeling langs de afgrond. Dit keer een sublieme, in elk geval voor  Dylan-veteranen die niet snel meer schrikken van wat muzikale horten en stoten. Gelukkig had ik geen META-bril op, anders had ik die ook moeten afgeven en nog minder gezien van de gruizige bard, verscholen achter zijn vleugel. Online staat een opname van het concert door een Bob-Head, gemaakt vanuit haar laars. Oeps – volgende keer dus ook de laarzen uit. Al lijkt het Dylan vooral te gaan om die verblindende zee van rode en witte lampjes.

De 84-jarige Dylan, ooit wereldwijd de „stem van een generatie”, nu te horen ‘praatzingen’ als een oudtestamentische onheilsprofeet, was ook een goede herinnering aan het vervliegen van Amerika’s culturele dominantie. In de halve eeuw na de Tweede Wereldoorlog sprak de leidende rol van het land in leefstijlen en soft power vanzelf, van spijkerbroek tot hiphop en Pulp Fiction.

Sinds Trump de sloopkogel laat slingeren, is dat voorbij. En dat ligt niet alleen aan hem. In de strijd om de tienermarkt begon Amerika het al af te leggen tegen de rest van de wereld, rekent schrijver Stephen Marche voor in The New York Times. Meer dan de helft van de artiesten die minstens 10.000 dollar per jaar toucheren op Spotify, hebben hun standplaats in niet-Engelstalige landen. Azië, met name Zuid-Korea, laat Hollywood stof happen met series, games en popmuziek.

Inmiddels neemt Amerika ook dagelijks afscheid van zichzelf, onder de mokerslagen van de vastgoedmagnaat-president. Veelzeggend is de Midas-transformatie van het sobere Witte Huis, het ‘huis van het volk’, in een soort klatergouden hybride van het Versailles van Lodewijk XIV en de kleedkamer van Koning Carnaval. Dylan trad er ooit op, kenmerkend nukkig, voor de Democraat Obama. Trump geeft er liever feestjes voor tech-miljardairs en Republikeinse tradwives.

In Nederland is die teloorgang van Amerika als cultureel model nog niet overal doorgedrongen, ook niet in de politiek. De gewaagde en om die reden bewonderenswaardige campagne van D66 – of beter: die van Rob Jetten – was één en al Obama, versie 2008. Het kraakwitte overhemd, de opgestroopte mouwen, de wapperende vlaggen, de zelfbewuste poging tot onder-ons-humor (helaas mislukt door een lompe Oranje-misstap) en vooral de blijde boodschap dat we ‘het’  kunnen.

Alom is die pose geprezen als het ‘terugveroveren’ van patriottisme op radicaal-rechts, begrijpelijk, maar zulke montere mobilisatie overleeft een reality check meestal niet lang.  Bij democratisch patriottisme en engagement hoort ook het besef dat niet alles ‘kan’ als je het maar hard genoeg wil, maar dat soms ook pijnlijke keuzes en offers nodig zijn. Politiek is geen magisch denken. Een Echternach-processie van politieke aspirant-verlossers, drie stappen vooruit en twee (of meer) achteruit, heeft het sinds 2002 bewezen.

Ook heel Amerikaans, zij het van andere snit: de ideologische afslag van de VVD van Dilan Yesilgöz naar cultuurstrijd. Hakken in het zand tegen alles wat riekt naar ‘links’, van Goelag tot gemeentebelastingen. Dat is de wereld van Obama’s tegenpool JD Vance en – op klompenformaat – Wierd Duk. Ook dat verlate amerikanisme spiegelt een karikaturale keus voor: ‘rust’ in de portemonnee of iedereen slaaf met paars haar.

Waarom toch die amerikanisering in stijl en toon, nu het Beloofde Land zich juist van ons begint af te keren? Wat de Obama-imitatie van Jetten betreft: die ‘kan’ werken. In het Nederland van 2025, ontgoocheld na twintig jaar ondergangspopulisme, gaat oppervlakkig optimisme mogelijk langer mee dan een diep doorvoelde poging het land te bekeren – zie het echec van prediker Omtzigt. Hoe feestelijk het D66-optimisme blijft, weten we vermoedelijk pas ruim na Pakjesavond.

En de cultuurstrijd van Yesilgöz? Aan haar moest ik, na afloop, denken bij deze woorden van Bob Dylan in AFAS, vrij vertaald uit Black Rider: „Je viel in het vuur en voed je met de vlammen / Maar nu slaat het uur om te stoppen met zwammen.”

Sjoerd de Jong is redacteur van NRC. Hij schrijft om de week op deze plaats een column.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Amerika

Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet

Source: NRC

Previous

Next