Wie meerdere talen machtig is, heeft aanzienlijk minder risico op vroegtijdige hersenveroudering dan iemand die maar één taal spreekt, blijkt uit onderzoek. Ook streektalen zoals het Fries tellen meetbaar mee als taal.
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.
Meertaligheid kan ouderdomskwalen zoals dementie vertragen en de hersenen langer fit houden, schrijven wetenschappers onder leiding van de Chileense hersenwetenschapper Agustín Ibañez in vakblad Nature Aging. Hoe meer talen men beheerst, des te beter men beschermd is tegen ouderdom, blijkt uit de cijfers die Ibañez analyseerde, van ruim 86 duizend Europeanen uit 27 landen.
Een ‘mijlpaal’, reageren twee andere neurowetenschappers, in een tegelijk gepubliceerd commentaar. Een tweede taal spreken is voor veel mensen immers makkelijker en goedkoper dan voeding of levensstijl veranderen. ‘Meertaligheid kan net zo belangrijk zijn als campagnes voor fysieke activiteit of voor stoppen met roken.’
‘Heel overtuigend’, vindt ook hoogleraar Engels Merel Keijzer van het ‘Biligualism and Aging Lab’ van de Universiteit Groningen na lezing van het onderzoek. Wel tekent ze aan dat uit de cijfers niet direct blijkt wát het heilzame effect precies is – of alleen het leren van een taal op school voldoende is, of dat men de taal echt moet spreken. ‘In ons eigen onderzoek zien we het gunstige effect vooral bij mensen die actief verschillende talen naast elkaar gebruiken.’
Al decennia vermoeden wetenschappers dat meertaligheid het brein langer gezond houdt. De extra taal zou de hersenen ‘cognitieve reserve’ geven, een extra laklaag tegen slijtage. Maar hard bewijs ontglipt de wetenschap nogal eens, vooral doordat de onderzochte groepen mensen vaak klein zijn.
Ibañez doorbreekt die impasse nu, door zijn enorme steekproef van Europeanen punten toe te kennen voor factoren die de veroudering versnellen (zoals overgewicht of overmatig drinken) en factoren die juist beschermen (zoals beweging en een hoger opleidingsniveau). Dat legde hij langs cijfers van het aantal talen dat men in een land spreekt – in ons land is slechts 7 procent ééntalig en zegt liefst 40 procent vier talen of meer enigszins te beheersen.
Stop dat allemaal in de statistische blender, en meertaligheid blijkt het risico op vroegtijdige hersenveroudering zelfs te halveren, aldus de onderzoekers. In een andere analyse zag Ibañez het risico op vroege veroudering met zo’n 15 procent afnemen per taal extra die men spreekt. Handig, voor wie op het werk Engels of Duits spreekt en naast het Nederlands ook Spaans, Turks of Arabisch spreekt.
Dat ‘is heel goed voor ons vakgebied’, vindt Keijzer. ‘Ik denk dat nu echt wel buiten kijf staat dat meertaligheid voordelig is. Maar dit onderzoek voelt ook een beetje als een schot hagel. Nu moeten we dit verder invullen, met kleinere studies die meer in detail ingaan op wat de specifieke meertalige ervaring ís.’
Zelf voerde Keijzer samen met haar collega’s een groot, vergelijkbaar onderzoek uit onder 12 duizend inwoners van Drenthe, Groningen en Friesland. ‘Daarin vonden we ongeveer hetzelfde. Hoe meer talen men spreekt, des te beter het is.’ Ook streektalen zoals het Fries tellen daarbij meetbaar mee als taal.
Onder wetenschappers gaan overigens meerdere verklaringen rond voor het effect. Misschien houdt meertaligheid de hersenen jonger doordat het beheersen van meerdere talen een speciale vorm van controle vereist, legt Keijzer uit. ‘Je moet die talen uit elkaar houden.’
Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant