Home

Humanitair drama in Soedan kan niet zonder antwoord blijven

Al Fashar

Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.

De toch al uitzichtloze situatie in het westen van Soedan is met de inname van Al Fashar, eind vorige maand, een nieuwe onvoorspelbare fase ingegaan. De handelsstad was het laatste bolwerk van het Soedanese regeringsleger in de regio Darfur. Volgens de schaarse berichten die de buitenwereld bereiken, zijn vele duizenden burgers er verstoken van voedselhulp en gezondheidszorg. Er zijn meldingen van gruwelijke massaslachtingen en standrechtelijke executies. In één ziekenhuis, het Saudi Maternity Hospital, zijn volgens de Wereldgezondheidsorganisatie, zeker 460 patiënten en hun familieleden vermoord.

De Verenigde Naties noemen het geweld van de meedogenloze Rapid Support Forces (RSF), dat sinds 2023 in oorlog is met het regeringsleger, „etnisch gemotiveerd”. De Arabische milities van de RSF, voortgekomen uit de groep die het in 2003-2005 in hetzelfde Darfur voorzien had op niet-Arabische gemeenschappen, gebruiken in filmpjes op sociale media ogenschijnlijk trots het woord „genocide” voor hun nietsontziende moordcampagne. Iedereen die in de stad zou achterblijven, waarschuwden ze vooraf, zouden ze beschouwen als aanhanger van het regeringsleger. Niet voor niets kondigde het Internationaal Strafhof vorige week onderzoek aan naar „oorlogsmisdaden” en „misdaden tegen de menselijkheid” in Al Fashar. Al 150.000 mensen kwamen sinds het begin van de oorlog om het leven. Van de 51 miljoen inwoners van het land zijn er nu 12 miljoen op de vlucht. Terecht spreken internationale organisaties van de grootste humanitaire crisis van dit moment.

Bij zulk menselijk leed verwacht je behalve wereldwijde verontwaardiging ook gerichte actie om verder bloedvergieten te voorkomen. Maar die blijft uit. Bij ingewikkelde conflicten ver van huis is het makkelijk om het Westen desinteresse aan te wrijven. Die zal voor een deel meespelen, maar de in dit conflict onverdraaglijke passiviteit van wat ooit ‘de internationale gemeenschap’ genoemd werd, is ook de manifestatie van een nieuwe gure wereldorde waarin nog louter het recht van de sterkste geldt. Een wereldorde ook waarin landen die mensenrechten als universeel beschouwen steeds minder te zeggen hebben.

De strijd tussen de RSF van generaal Hemedti en het regeringsleger van president Abdel Fattah Burhan draait platgeslagen om de macht van het land, maar ook om controle over de rijke goudmijnen. Daarbij krijgt het regeringsleger wapensteun van onder andere Egypte en Saoedi-Arabië, terwijl de RSF met het gedolven goud geavanceerde wapens kan aanschaffen in de Verenigde Arabische Emiraten. Al deze landen zijn bondgenoten van het Westen. Maar de verhoudingen zijn niet meer wat ze waren: westerse landen zijn met aanstormend China en verstorend Rusland bezorgder hun vriendschap met deze regionale machten op het spel te zetten dan andersom.

Een homogene internationale gemeenschap heeft natuurlijk nooit bestaan. Maar onder andere die eerdere etnische zuivering in Darfur in 2003-2005 leidde er twintig jaar geleden wel toe dat binnen de VN steun kwam voor het concept responsibility to protect (‘R2P’): het was de internationale plicht om te interveniëren als daar menselijk lijden mee gestopt kon worden. Die hoopvolle tijd voelt nu als een eeuwigheid geleden. Dat onschuldige burgers in Soedan het grootste slachtoffer zijn van verschuivende machtsverhoudingen valt niet te verkroppen. ‘R2P’ mag als volkenrechtelijke leidraad inmiddels dood en begraven zijn, landen die mensenrechten ook maar enigszins serieus nemen, kunnen nu niet wegkijken.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next