Hoe leuk is het nu eigenlijk, om een megahit te scoren en ineens ten prooi te vallen aan massahysterie? Ergens snappen we het natuurlijk wel. Want ja, Ademnood is, ook dertig jaar na verschijning, nog steeds een alom aanwezige knaller. In zoverre zelfs dat vertolkers Katja Schuurman en Babette van Veen afgelopen weekend in de Amsterdamse Afas Live stonden voor ‘Het Grote Ademnood Discobal’.
Onvermijdelijk is dan ook een driedelige documentairereeks, te zien op HBO Max, die pronkt met de belofte van ‘het echte verhaal’. Logisch, want wat is een documentaire zonder een ‘echt’ verhaal? Toch maakte de eerste aflevering die belofte grotendeels waar. Het succes van de meidengroep Linda, Roos en Jessica kwam toch ook met een onvermijdelijke keerzijde.
Jonge twintigers waren ze, Katja Schuurman, Babette van Veen en Guusje Nederhorst (overleden in 2004), toen er ineens een tweetrapsraket van beroemdheid werd gelanceerd. De drie jonge vrouwen waren halverwege de jaren negentig te zien in soapserie Goede Tijden, Slechte Tijden, toen achter de schermen het idee begon te leven om de populariteit verder uit te bouwen.
Platenbaas Frank Wisse zag dat de serie enorm leefde, en dacht: daar kun je met gemak vijftigduizend platen mee verkopen. Componist Eric van Tijn vond het allemaal maar stom gedoe, en dacht: ‘In die serie zitten een paar mooie meiden, dan maken we er een meidengroep van. Hebben ze toch geen zin in.’
Maar nee hoor, ondanks interne twijfels over het lied (Van Veen vond het helemaal niet zo’n goed nummer), ging de populariteit al snel door het dak. En dus waren Van Veen, Nederhorst en Schuurman plots fulltime ‘Linda, Roos en Jessica’: doordeweeks in de opnamestudio van GTST, in het weekend met optredens door het hele land, levend op ‘liquid dinners’ vol chardonnay.
Uit de verhalen blijkt dat sturing en begeleiding daarbij grotendeels ontbraken, terwijl daar met die plotselinge massahysterie voor de jonge vrouwen toch alle reden toe was. Tekenend is bijvoorbeeld de onzekerheid van Schuurman over haar gewicht destijds, die ook meermaals doorschemert in interviews uit die tijd. Zoals Van Veen haast terloops aangeeft: ‘Er waren niet echt mensen die opletten of het goed ging met ons.’
Die reflectie leek in de eerste aflevering sowieso te ontbreken bij de mannelijke ‘kingmakers’, die ook dertig jaar na dato vooral over de vrouwen spraken als objecten of pionnen, en niet als volwaardige artiesten. De jonge vrouwen konden als sekssymbool in de markt worden gezet, en dat was voor iedereen goed, toch? Ergens kreeg de terugblik daarmee vooral iets viezigs.
Geen wonder dat de terugblik voor Schuurman en Van Veen zelf óók moeilijk was. Een vormende periode was het, maar bepaald niet alleen maar positief. Zo gaf dat ‘echte verhaal’ toch een wat nare bijsmaak bij een onverwoestbare klassieker.
Over de auteur
Alex Mazereeuw schrijft voor de Volkskrant over film en televisie en is eens in de vijf weken tv-recensent.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant