Home

Is er nog magie te vinden in het Nederlandse voetbal?

Dit weekend spelen AZ en PSV en FC Utrecht en Ajax tegen elkaar. Voetbalverslaggever Willem Vissers zag afgelopen week óók de wereldwijd bewonderde goal van Micky van de Ven in de Champions League. Het verleidde hem tot een queeste naar de magie in het (Nederlandse) voetbal.

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Het is de moeite waard om minimaal honderd keer te kijken naar de treffer van Micky van de Ven, afgelopen dinsdag tijdens Tottenham Hotspur - FC Kopenhagen in de Champions League. Een museaal doelpunt.

Tien contacten met de bal, stiekem misschien elf, zo snel ging het. Bijna elke aanraking met links, een paar keer even bijsturen met rechts tijdens een ren die oogt als een ski-afdaling op het vlakke, op gras. Even de stopwatch erbij. Tien seconden, tussen aanname en doelpunt. Usain Bolt met bal. Micky’s magic.

Blijdschap en opluchting

Een dribbel vanaf de rand van het eigen strafschopgebied, tot en met een schot in de korte hoek aan de overkant van het veld. In de filmpjes op internet is ook het aanzwellende gejuich op de tribunes goed te horen, van toenemend ongeloof en van de sensatie aanwezig te zijn bij dit historische moment. Ploeggenoten leggen tijdens de dribbel de handen op het hoofd en stoppen met rennen, want Van de Ven gaat alles alleen doen en daarvan willen ze getuige zijn. Gaat hij ook scoren? Jaja, hij doet het gewoon.

Dan zijn blijdschap, die hij na de wedstrijd de vrije loop laat in snel gesproken Engels, soms met de telefoon in de hand, dwars gehouden zodat hij zijn creatie kan bewonderen. Hij zag in metaforische zin gaten in de dijk en groeide uit tot een verwoestende golf.

En behalve blijdschap was er ook opluchting. Want toen hij in de buurt van het doel van FC Kopenhagen kwam, met alleen tegenstander Mohamed Elyounoussi achter hem, als escorte van de schoonheid, groeide de mentale druk van het moeten scoren. Anders zou het niet meer dan een mooie solo zijn geweest, die geen miljoen keer bekeken zou worden.

Doelpunt voor de eeuwigheid

Micky van de Ven heeft een geheim. Hij weet wat alle razendsnelle spelers zoals hij beseffen. Dat, mits je ook nog aardig kunt voetballen, de kans bestaat dat je zo’n doelpunt maakt. Een kans. Want niemand vermoedt bij het vertrekpunt waar het eindstation is. Er is gelegenheid om de motor eens lekker op te stoken. Niemand neemt in het begin alle risico om je af te stoppen, en als eenmaal op volle snelheid bent, is het eigenlijk te laat voor de opponent.

Zo ontstaat heel af en toe dus een doelpunt voor de eeuwigheid.

Bij deze treffer past de beschrijving magisch. Het is tovenarij, vooral omdat het type doelpunt bijzonder en zeldzaam is. Die constatering is cruciaal. Als iedereen kon toveren, zou het geen toveren meer zijn. Nu komen andere soli door de jaren heen uit het archief tevoorschijn. Van Weah, Son, Messi, Maradona en anderen. Welke is de mooiste? Wie was ook nog gracieus tijdens de dribbel? Wie teerde meer op kracht? Zeg het maar. Magie dus, historie.

Alledaagse magie

Wat ons brengt bij alledaagse magie. Bestaat die ook? Volgens Ziggo wel. De Amerikaanse multinational die in Nederland alle tv-rechten heeft verworven van het Europees voetbal, adverteert bijna dagelijks met de slogan: de magie is terug! De gezichten van de zender etaleren daarbij een verlichte bal, omringd door een stralenkrans en sterrenstof. Maar wat bedoelen ze precies met magie?

Is alles dan magie, in de geest van dat doelpunt van Van de Ven? Nee toch. Als elke wedstrijd magie is, is de devaluatie van het begrip compleet. Is de magie trouwens weggeweest, nu die volgens de slogan terug is? Hoelang dan? Waarheen? Is de hele stortvloed aan oneindig voetbal, tot diep in de nacht, tot en met de doelpunten van FC Noah uit Jerevan, Shamrock Rovers uit Ierland en Breidablik uit IJsland in de Conference League, een grote orgie van magie?

Is Ajax tovenarij? Toch eens beter kijken dan. FC Utrecht? Nee toch. Wie dinsdag Olympiakos - PSV aanschouwde – PSV is in Nederland toch het elftal dat de kwalificatie ‘magisch’ het dichtst benadert – kon niet anders dan teleurgesteld zijn. Met veel moeite pakten de Eindhovenaren een puntje in Piraeus. De tijd van de consument was die avond beter besteed geweest aan Liverpool - Real Madrid of aan Paris Saint-Germain - Bayern München. Desondanks lokken de Nederlandse deelnemers, ook al zullen die met de huidige internationale verhoudingen nooit meer de Champions League winnen.

Echte magie is zeldzaam

De magie van Europees voetbal zit tegenwoordig juist niet in de Nederlandse clubs, uitzonderingen daargelaten, zoals bij PSV - Napoli (6-2) of bij Go Ahead Eagles - Aston Villa (2-1). Ja, dat was pas magie, daar in Deventer, waar een ploeg met een transferwaarde van 30 miljoen euro won van een selectie van 550 miljoen. De verliezende trainer Unai Emery zei na afloop dat hij om dit soort magie van voetbal was gaan houden.

Maar zoiets is dus zeldzaam. Bij Go Ahead zullen ze het nooit vergeten, de avond van 23 oktober. Soms doet een Nederlandse voetballer iets magisch, maar meestal in dienst van een buitenlandse club, want de besten zijn de grens overgetrokken. Van de Ven, die zelfs nooit in de eredivisie heeft gevoetbald, of Ryan Gravenberch bij Liverpool.

Dus hoe paradoxaal ook, in de wetenschap dat echte magie schaars is, trekt de nationale competitie veel kijkers. De eredivisie dus, met ook dit weekeinde heerlijke affiches als AZ - PSV, de uitdager tegen de kampioen, of FC Utrecht - Ajax, de uitdager tegen het rampenplan, waar Fred Grim voor even de verantwoordelijke trainer is, na het ontslag van John Heitinga.

Als elders over de grens iets magisch gebeurt, horen we het wel. We houden van aanraakbaar voetbal van dichtbij. Zeg maar: tovenarij voor beginners. Een beetje kneuterig soms. Iets te veel mislukkingen, al blijft het opletten wat Ismael Saibari (PSV) doet of hoe Kees Smit (AZ) beweegt. Alleen al hoe die laatste lacht terwijl hij verdeelt en heerst op het middenveld, is een puik staaltje magie in de dop.

Vergeten te verdedigen

In kwalitatief opzicht is de eredivisie de zesde competitie van Europa en dat willen de Nederlandse clubs graag zo houden. Hoe moeilijk het dit seizoen ook is om punten te halen in Europa, zo bleek deze week weer met twee gelijke spelen en vier nederlagen, en hoe groot de achterstand op de echte top ook is. Hoe dan ook, wij houden met zijn allen van die huis-tuin-en-keukenmagie, die op de keper beschouwd geen magie is.

Hoewel? In de eredivisie zijn tot dit weekeinde 99 duels gespeeld en nog geen enkel is in 0-0 geëindigd. Ter vergelijking: in de Engelse Premier League zes en in de Italiaanse Serie A veertien. Dat laatste staat gelijk aan anderhalve speeldag.

In de eredivisie vallen gemiddeld ook de meeste treffers: 3,43 per wedstrijd, bijna 1,2 meer dan in de Serie A. Is dat dan geen magie? In zekere zin wel. Of het een goed teken is, is een ander verhaal. Wij houden van aanvallen en vergeten soms te verdedigen. Kijk maar weer naar Europa, hoe onze clubs doelpunten incasseren als de tegenstander beter is.

Maar wij kunnen wel naar Kees Smit kijken, totdat een club uit een land met iets meer magie hem verleidt te verhuizen. Wij genieten van de ontwikkeling van Robin van Persie als trainer, totdat hij Feyenoord inruilt voor iets anders. Wij aanschouwen jarenlang geklungel bij Ajax, waarbij we de magie van vroeger juist trachten te vergeten. Wij zoeken naar onze sprankjes magie, die vaak op onverwachte plekken te vinden zijn. Bij Heracles bijvoorbeeld, dat maanden niets presteerde, de trainer ontsloeg en opeens met 4-1 en 8-2 won. En als we dan naar een verklaring zoeken, probeert de tijdelijke opvolger Hendrie Krüzen de prestatie vooral te relativeren.

Humor als wapen

Wij mogen dan minder magie hebben dan elders, wij beschikken juist over andere wapens. Wij hebben dus dat relativeringsvermogen, en soms ook humor. Cabaretier Theo Maassen droeg vorige week op hem typerende wijze een column voor in het stadion van PSV, dat drie dagen voor die tegenvallende wedstrijd tegen Olympiakos een speelbal maakte van Fortuna Sittard. Hij combineerde handig de opgang van PSV en de neergang van Ajax, verpakt in satire, opgeschreven in een brief aan de Ajax-supporters. Hij komt tot een paar conclusies:

1. Erken de waarheid. Zeg het hardop, voor de spiegel: ‘Ajax maakt me niet meer gelukkig.’

2. Kijk een volledige wedstrijd van PSV. Niet als spion, maar als aspirant-lid. Let op het samenspel, de saamhorigheid, de rust, voel hoe goed het je doet.

3. Koop een PSV-shirt, draag het in eerste instantie onder je gewone kleren. Niemand hoeft het te weten. Als jij het maar weet.

Maassen eindigt met de constatering dat de kleuren hetzelfde zijn, dat alleen de inhoud veel en veel beter is. Hij schrijft:

‘Welkom in de lichtstad.
Welkom in het licht.
Welkom bij PSV.’

Dat hebben wij dan weer. Magisch realisme.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next