Home

Met elk postuum boek dat van Harper Lee (‘To Kill a Mockingbird’) uitkomt, dooft haar licht een beetje

Hongerige uitgevers konden het weer niet laten om met het werk van Harper Lee aan de haal te gaan. Nu in de vorm van een bundel essays en korte verhalen: Het land van eeuwig geluk. Hoe blij moeten lezers zijn met die vingeroefeningen voor haar klassieker?

is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.

Ze hadden Harper Lee met rust moeten laten. Die arme Harper. Tot tien jaar terug was haar reputatie puntgaaf.

Die reputatie rustte op twee zuilen. De eerste; dat ze begin jaren zestig met haar jeugdvriend Truman Capote naar de stad Holcomb in de Amerikaanse staat Kansas was afgereisd. In 1959 was daar een boerenfamilie bruut uitgemoord, en Capote rook dat daar literatuur in zat. De bescheiden Lee ging mee en fungeerde als een zachtaardige ijsbreker tussen de flamboyante Capote en de teruggetrokken dorpsbewoners in Kansas.

Mede dankzij Lee vertelden ze hem hun verhalen, en Capote verwerkte die tot zijn onovertroffen truecrimeklassieker In Cold Blood (1966).

De andere zuil was haar enige eigen roman: To Kill a Mockingbird (1960), of Spaar de spotvogel in het Nederlands.

Morele psalm

Het is meer dan een roman, het is een Amerikaans gospel, een morele psalm. Het veroordeelt racisme en omarmt het Zuiden tegelijk. Vanuit het perspectief van het 9-jarige jongensmeisje ‘Scout’ zien we de diep gesegregeerde samenleving van Alabama in de jaren dertig, waar Lee opgroeide.

Scouts vader, de wijze weduwnaar Atticus Finch, wordt aangewezen als advocaat voor de zwarte man Tom Robinson, die wordt beschuldigd van het verkrachten van een witte vrouw. Ten onrechte, weet Atticus aan te tonen, maar boze dorpelingen zitten niet op onschuld te wachten – die willen Robinson lynchen. Atticus toont zijn kinderen Scout en haar broer Jem hoe je voor je morele overtuigingen moet opkomen, ook als je vrienden en buren daarop niet zitten te wachten.

Mockingbird is een hoop dingen tegelijk. Coming-of-ageroman, familieroman, een schets van het armoedige maar trotse Zuiden. De toon van Scout is perfect getroffen: haar kinderlijke wel doorhebben wat er gebeurt, maar niet helemaal waarom.

Dilemma voor de lezer

En als je het goed leest, zadelt het boek jou als lezer met een dilemma op. Een van de spannendste scènes is die waarin boze witte dorpelingen Tom Robinson uit de gevangenis willen sleuren om hem te lynchen. Scout weet het te voorkomen. Ze spreekt een van de potentiële lynchers aan, de vader van een klasgenootje, en weet zo – zonder dat ze het zelf weet – de persoon in de massa weer op zijn eigen individuele menselijkheid te wijzen. Als lezer ben je opgelucht, want je weet: lynchen is fout. Rechtspraak moet zegevieren.

Maar het boek eindigt met de dood van de boze dorpeling Ewell. Uit wraak op Atticus valt hij Jem en Scout aan. De kluizenaar Boo Radley springt in, steekt Ewell neer. En Atticus en de politie doen het voorkomen alsof hij in zijn eigen mes is gevallen. Natuurlijk ga je daar als lezer in mee: Ewell was een rabiate schurk, Boo is een held. Maar eigenlijk moet je inzien dat Ewells dood, net als lynchen, eigenrichting is. Ook hier zegeviert de rechtspraak niet. Wanneer het om zijn eigen kinderen gaat, gelden zelfs voor Atticus andere principes.

Enfin. Mockingbird won de Pulitzer, werd verfilmd met Gregory Peck als Atticus, kreeg een centrale rol in de culturele canon van de VS.

Harper Lee trok zich terug, schreef nooit een nieuwe roman, kreeg een cultstatus.

Atticus, een racist

En toen opeens, in 2015, verscheen Ga heen, zet een wachter. Een hype in boekenland. Lee was bijna 90. Haar boek speelde zich vijftien jaar na Mockingbird af. Het sprankelende, dappere, onderzoekende van Scout is weg. Jem is dood. Atticus vecht ondertussen tegen overheidsbemoeienis over burgerrechten voor zwarte Amerikanen. Atticus, dat monument van moraliteit – hij blijkt een racist.

De reacties van recensenten waren vrijwel unaniem: dit hadden we nooit willen lezen. Dit verpest de reputatie van Mockingbird.

Al snel vroegen mensen zich af of de hoogbejaarde Lee soms onder druk van een hongerige uitgever dit manuscript had vrijgegeven, helemaal toen bleek dat Ga heen, zet een wachter nooit als opvolger was geschreven, maar juist als een eerste mislukte versie van Mockingbird.

Niksige non-fictie

Lee stierf in 2016, maar nu is er een nieuw boek: Het land van eeuwig geluk, niet eerder bijeengebrachte essays en korte verhalen. Is dit, na Zet een wachter, een plus of een nieuwe min voor haar postume reputatie?

De hier verzamelde non-fictie is niksig. Een recept voor kaantjesbrood. Een brief aan Oprah Winfrey over hoe weinig schoolboeken er waren toen Lee klein was. Een stuk voor Vogue, in 1961, over liefde (‘Met liefde is alles mogelijk’). Truman Capote was een uitzonderlijk figuur, schrijft ze, want hij geeft mensen ‘het gevoel dat hij hun, wanneer hij in hun leven komt, het beste van zichzelf geeft’. Een stuk over Gregory Peck dat eindigt met het inzicht dat wat hem zo geschikt maakte voor de rol van Atticus was, ‘Hij legde er zichzelf in.’ Tja.

In het essay ‘Als kinderen Amerika ontdekken’, schrijft ze onvervalst patriottisch over Amerika, over hoe aardig mensen voor hun buren zijn, over de grandeur van het Lincoln Memorial, de Rocky Mountains, San Francisco. ‘Als meer jonge mensen met open ogen en dito geest op reis zouden gaan om dit land te zien, zouden ze er inniger om gaan geven’, schrijft ze in 1965.

Voor de goede orde; toen was Kennedy al vermoord, waren er al rellen over burgerrechten en Vietnam, maar Lee schildert een nog onaangetast pastoraal Amerika. Het is vreemd om te lezen.

Leest als warmdraaien

De vroege verhalen, waar het boek mee opent, zijn beter. Een handvol jeugdverhalen zijn het, over kinderen in zuidelijke dorpjes zoals die waar Lee was opgegroeid. Je leest hoe behendig Lee het perspectief van een kind beheerst – en toch: ook deze verhalen zijn vingeroefeningen. Een soort warmdraaien, voordat ze rijp was om Mockingbird te schrijven.

Maar dat is de crux van deze leeservaring; wat uitgevers nog aan brieven en manuscripten uit oude lades en zolderkasten weten te trekken, zo goed als Mockingbird gaat het niet worden. Waardoor je denkt: laat het maar gewoon lekker in die lades en kasten liggen. Mockingbird is genoeg.

Harper Lee: Het land van eeuwig geluk. Uit het Engels vertaald door Kitty Pouwels. De Bezige Bij; 189 pagina’s; 23,99.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next