In de wereld van horrorschrijver Stephen King is het kleinestadsleven de ingang naar het onuitsprekelijke kwaad. Welkom in Derry, de stad uit Kings klassieker It – nu ook op het scherm te zien.
is kunstredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over films, series en fotografie.
Mijn lang geleden stukgelezen (plus zand en zeewater) exemplaar van de horrorklassieker It (1986) van Stephen King telt bijna 1.500 bladzijden. Wat ik nog wel wist van het boek (ondanks al die bewerkingen, verwijzingen, imitaties en nu ook prequels, die voor die eerste leeservaring zijn geschoven) was de zin: ‘There was a clown in the storm drain.’ Het is een schrijflesje in het kort: die clown hoort daar niet, dat is meteen duidelijk. En de ‘storm drain’ is weliswaar in vertaling het alledaagse ‘afwatering’, maar bevat in het Engels toch maar mooi het profetische woord ‘storm’.
Wat ik niet meer wist, was dat een van de vele motto’s van het boek van Bruce Springsteen komt: Born down in a dead man’s town. Als u er meteen een snaredrum doorheen hoort, dan klopt dat: het is de openingsregel van Born in the U.S.A., titelsong van het album dat in 1984 verscheen. Midden in de periode dat King met zijn boek bezig was.
Zal er ooit een popsong zijn geweest die zo vaak door iedereen voor de eigen kar is gespannen? Hijs de star spangled banner, bal de vuist en luister vooral niet naar de songtekst over een gedesillusioneerde jongen uit een uitzichtloos gat (dead man’s town) die terugkeert uit een oorlog waar hij niets te zoeken had, uitgespuugd door zijn eigen land. En nee, die tekst hoorde Stephen King ook niet.
Maar dat ‘dead man’s town’ paste naadloos bij het stadje waar Stephen King zijn nieuwste boek had gesitueerd: Derry, Maine. Een klassiek tijdloos Amerikaans decor met het kleinestadsleven dat een verschrikkelijk geheim verbergt. En de OG horrorclown.
Derry is een van de meer dan vijftig fictieve kleine stadjes waar dat enorme oeuvre (65 korte en lange romans, meer dan tweehonderd verhalen) van Stephen King zich afspeelt. Hoe grenzeloos de fantasie van King ook is in zijn boeken, over de topografie van zijn wereld is hij akelig precies. Soms voegt hij zelfs een plattegrondje toe, zoals in Under the Dome (2009), waar we een kaart aantreffen van Chester’s Mill, Maine, inclusief op- en afritten van de autoweg. Je rijdt er zo heen – als het zou bestaan.
Derry is onderdeel van de drie centrale stadjes uit het werk van King, naast Castle Rock (The Dead Zone en Cujo) en Jerusalem’s Lot (Salem’s Lot). Er zijn er veel meer, van Chamberlain (uit Carrie) tot Tarker’s Mill (Cycle of the Werewolf), alle gelegen in de mythische versie van Maine, de meest noordoostelijke staat van de VS, de thuisstaat van Stephen King zelf.
Terwijl het oeuvre van King de meeste verfilmingen telt (op William Shakespeare na), zitten we nu ook nog eens midden in een echte King-revival, waarbij vooral zijn vroege werk een update krijgt. Zijn doorbraakroman Carrie (verfilmd door Brian de Palma in 1976) krijgt een serieversie van Mike Flanagan, The Long Walk (1979) draait momenteel met succes in de bioscoop en deze week komt daar een nieuwe versie van The Running Man (1982) bij, een roman die zich in het dystopische jaar 2025 afspeelt.
Deze nieuwe King-golf werd vooral ingezet door een nieuwe en zeer populaire verfilming van It door de Argentijnse regisseur Andy Muschietti, die in 2017 en 2019 (It Chapter Two) in twee delen werd uitgebracht. Het was duidelijk een It voor een nieuwe generatie kijkers, die wellicht geen horrorboeken van duizendplus bladzijden meer lazen. De nieuwe It moest het wel opnemen tegen de klassieke miniserie uit 1990, voor een hele generatie (te) jonge Amerikanen een mijlpaal in oerangst, goed voor vele slapeloze nachten.
Muschietti is inmiddels, met steun van King zelf, begonnen aan een It-prequel in serievorm. Het achtdelige It: Welcome to Derry (HBO Max) speelt zich af in 1962, precies een Pennywise-cyclus voor de gebeurtenissen in de film It. Er zijn nu al plannen voor seizoenen die zich in 1935 en 1908 afspelen, diep de ongelukkige geschiedenis van Derry in.
Muschietti trapt goed af met de geboorte van een babymutant die dood en verderf zaait. Maar het is duidelijk dat hij zich in de setting van het Derry uit de vroege jaren zestig ook wil richten tot het kwaad dat de mensen elkaar aandoen. Een zwarte filmoperateur wordt beschuldigd van de verdwijning van kinderen als een van de gedaantes van Pennywise huishoudt tijdens een matinee. Je kunt veel van Pennywise zeggen, maar niet dat hij een racist is; hij is een demon voor alle kinderen. Maar wat de volwassenen van Derry elkaar vervolgens aandoen, legt in de serie de verhoudingen van 1962 scherp bloot.
De meeste King-bewerkingen houden zich aan de oertekst, al is het maar omdat het een oeuvre van handelingen, reacties en gedetailleerde plaatsbeschrijvingen is. Elk boek van King is een plattegrond van een toekomstige filmbewerking. Het staat er gewoon. ‘There was a clown in the storm drain.’
Neem de opening van de roman It, waarbij de 6-jarige Georgie Denbrough in zijn gele regenjack met capuchon (populair Halloween-kostuum) tijdens een regenbui zijn papieren bootje laat varen in een goot, tot het verdwijnt in een donkere put. Terwijl hij in de duisternis staart, wordt hij aangesproken door een gedaante die de vorm van een clown heeft aangenomen en zichzelf als Pennywise voorstelt. De kleine Georgie zal in de put verdwijnen, als een van de vele kinderen die slachtoffer van Derry worden.
Vijftienhonderd bladzijden in een paar zinnen: een groep kinderen, outcasts die zichzelf de ‘Losers’ noemen, ontdekt een jaar na het verdwijnen van Georgie dat er een akelig patroon zit in het kwaad dat Derry treft. Elke 27 jaar verdwijnen er kinderen in een golf van moorddadig kwaad dat de gedaante aanneemt van ieders grootste nachtmerrie, maar steeds vaker als Pennywise.
Als de eerste golf voorbij is, zweren de vrienden als volwassenen (27 jaar later) terug te keren naar Derry om het eeuwenoude kwaad, diep verscholen onder het stadje, te keren. De kinderen die uiteindelijk het stadje verlaten, merken dat ze als volwassenen opvallend weinig herinneringen hebben aan hun traumatische jeugd. Totdat ze een oproep krijgen om terug te keren, om zich te houden aan de bloedeed die ze als kinderen hebben gezworen.
Derry, zoals al die plaatsjes bij King, is aan de oppervlakte een idylle, een soort Main Street U.S.A., zoals we aantreffen in de pretparken van Disney. Er loopt een rivier doorheen en de wildernis begint vlak buiten de stadsgrenzen. Een complete wereld, met een sherrif, een bibliotheek, een lokale supermarkt, een garage, kinderen op fietsen, een excentriekeling in een vervallen huis en een stadsgeschiedenis die vergeten is, totdat een stel kinderen de archieven induikt. Het is een wereld die vertrouwd aanvoelt, meer een minitieus beschreven decor dat vooral een filmwerkelijkheid lijkt op te roepen.
De gangbare aanname is dat Derry gebaseerd is op Bangor, Maine, de stad waar King lang woonde en waar nog altijd zijn victoriaanse villa uit 1858 staat (omgeven met een hek met vleermuizen en spinnenwebmotieven). De architectuur, het metershoge standbeeld van mythische houthakker Paul Bunyan (ter herinnering aan de ooit bloeiende houtindustrie) en de Penobscot River zijn allemaal elementen die in Derry herkenbaar terugkeren.
Derry, Castle Rock en Jerusalem’s Lot vormen een mythisch web in het oeuvre van King. Als een verhaal zich er niet afspeelt, dan wordt er wel terloops naar verwezen. Op de kaart van Chester’s Mill aan het begin van Under the Dome zien we dat de zuidelijke uitvalsweg naar Castle Rock voert. De personages uit de boeken en verhalen zijn vaak aan hun plek gebonden, maar het is duidelijk dat het kwaad, ouder dan de mensheid en in vele vormen, fluïde is.
Op de vele fansites rond het werk van King klampen de exegeten zich vast aan het Stephen King Multiverse, waar zonder problemen ook andere oeuvres in worden opgenomen. Met een jaloersmakende soepelheid van geest wordt het Twin Peaks (noordwesten!) van David Lynch en Mark Frost verbonden aan het Derry van King, in het noordoosten. Beide omringd door eeuwig zingende bossen die portalen naar andere werelden en dimensies bevatten, waar Killer Bob en Pennywise hand in hand gaan.
Stephen King werd in 1947 in Portland, Maine geboren. Zijn vader was een veteraan, die handelsreiziger in stofzuigers werd en zijn familie verliet toen Stephen 2 jaar oud was. Er volgde een rondgang langs kleine plaatsjes, waarin zijn moeder altijd op zoek naar werk was en King een veellezer werd, die zonder het te weten inspiratie opdeed voor zijn eigen kaart van het Maine van zijn verbeelding.
In zijn eigen mythologie beschrijft hij hoe hij als jongen in een mobiele bibliotheek Lord of the Flies van William Golding in handen kreeg. ‘Het was het eerste boek met handen – sterke handen die me vanaf de pagina’s bij de keel grepen. Dit was een boek dat niet alleen amusement was, maar ook een zaak van leven op dood.’
Lord of the Flies, over de machtsstrijd binnen een groep jonge schipbreukelingen op een eiland, zou een soort blauwdruk van veel van het werk van King vormen. Wat gebeurt er als onder de meest benarde, dan wel demonische omstandigheden de mensen op elkaar zijn aangewezen, van Derry tot de Shawshank-gevangenis in Castle Rock?
Het eilandmotief speelde vaak op de achtergrond, of King zette, letterlijk, een geheimzinnige stolp over de stad heen (Under the Dome) om te zien hoe de burgers zich in hun isolement zouden gaan gedragen. Antwoord: slecht. De naam Castle Rock zelf was een directe verwijzing naar het boek van Golding, waar het de aanduiding is voor een plek op het eiland waaraan de jongens verschillende mythische kwaliteiten toekennen.
De manier waarop Stephen King zijn wereld inricht, met de americana van het tijdloze kleinestadsleven als een ingang naar het onuitsprekelijke kwaad, heeft de fictie van zijn tijd sterk beïnvloed. Of het nu een populaire Duitse fantasytitel is als Dark (tijdportals slaan op hol!), of een Amerikaanse serie als From (over een stadje waar niemand kan vertrekken), de invloed van de man uit Maine is manifest.
Misschien nog het meest in de Netflixhit Stranger Things, waarvan het laatste seizoen eind november begint. Het fictieve Hawkins, Indiana is een directe afstammeling van Derry, Maine. Inclusief een ingang naar gene zijde, die hier The Upside Down heet.
De gebroeders Matt en Ross Duffer wisten wat ze deden, met een titel die verwees naar de King-roman Needful Things en een typografie die de jarentachtigboeken van King in herinnering moest brengen. Ook Stranger Things begint met de verdwijning van een jongen. En met een groep kinderen, buitenbeentjes en nerds, die op zoek gaan naar een vriend en uiteindelijk de wereld van het kwaad proberen te verlossen.
De recente It-variaties van Muschietti, inclusief Welcome to Derry, zijn niet in Maine opgenomen (of in een filmstudio). De wereld van Derry werd gevonden in Port Hope in het Canadese Ontario, bekend om zijn nog puntgave 19de-eeuwse centrum. Het is natuurlijk een kwestie van geld om in het goedkopere Canada te draaien, maar het geeft deze versie van Derry ook net even de tijdloosheid en vervreemding die past bij een poort naar de hel.
De enige echte It Walking Tour loopt door het centrum van Port Hope, een stadje waar Pennywise inmiddels zo ongeveer ereburger is geworden. Niet gek voor een dead man’s town.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant