Charlotte was 18 toen ze zwanger bleek. In de dagen erna maakte ze keuzes die haar een leven lang hebben achtervolgd. In deze serie spreekt Barbara van Beukering mensen die spijt hebben van een beslissing.
Barbara van Beukering is journalist. Voor Volkskrant magazine interviewt zij wekelijks mensen over spijt.
‘In de zomer na mijn eindexamen kwam ik erachter dat ik zwanger was. Ik was net 18 en had sinds een maand een vriend die tien jaar ouder was. We hadden drie keer seks gehad. De eerste twee keer gebruikten we een condoom, de derde keer hadden we niets bij ons en namen we het risico. Toen de zwangerschapstest positief bleek, schrok ik niet. Ik dacht: o, dan word ik dus heel jong moeder. Mijn vriend reageerde ook heel ontspannen. Hij had al een huis en een baan en ik zou gewoon wat later kunnen gaan studeren. We hadden niet het idee dat het niet kon of dat ons leven zou instorten.
‘Kort na de zwangerschapstest gingen we met ons gezin een weekje naar Parijs. Ik moest het natuurlijk vertellen en dat hing als een donkere wolk in de lucht. Met mijn broer en zus sliep ik op een hotelkamer en op een avond heb ik ze verteld dat ik zwanger was. Het voelde alsof ze het nogal dom vonden. Daarna heb ik mijn moeder gehaald. Door de stilte die ze liet vallen, merkte ik dat ze was geschrokken. De volgende dag adviseerden mijn ouders me om naar een arts te gaan.
‘In plaats van op kamers te gaan, besloot ik bij mijn vriend in te trekken. Terwijl hij overdag aan het werk was, zat ik in mijn eentje in dat huis te malen. Ik wist wel wat ik wilde, maar het voelde alsof iedereen mijn zwangerschap afkeurde. Toen ik een goede vriend, met wie ik al twee jaar intensief omging, vertelde dat ik zwanger was, liet hij mij vallen als een baksteen. Uit de bibliotheek haalde ik een boek over bevallen. Er stond in hoe je moest ademhalen en puffen tijdens de bevalling en dat ging ik oefenen. Ik kon eindeloos naar foto’s van bevallingen kijken.
‘Mijn vriend en ik besloten een afspraak te maken voor een besluitvormend gesprek met de psycholoog van de abortuskliniek. Op de dag van de afspraak was de psycholoog ziek, maar de receptionist stelde voor dat zij het gesprek kon voeren omdat we niet zoveel tijd meer hadden. Ze vertelde me dat ik veel te jong was, dat ik eerst nog moest studeren. Dit zou mijn leven verpesten. Haar eigen dochter was 25, dat was een veel betere leeftijd om zwanger te worden. Toen ik dat aan mijn ouders vertelde, zei mijn moeder dat ze zich wel in de woorden van de receptionist kon vinden: ‘Je relatie kan ook uitgaan, en dan woon je op een flatje en zit je in de bijstand.’
‘In oktober reden mijn vriend en ik in de witte Fiat Panda van mijn moeder naar de abortuskliniek. Om 10 uur moest ik in mijn nachthemd in de wachtkamer zitten, mijn vriend kon me om 13 uur weer halen. Toen hij drie uur later kwam, zat ik nog steeds in die wachtkamer, het liep heel erg uit. Ik weet nog dat ik mijn vriend aan zag komen rijden en dacht: als ik nu snel naar buiten loop, kan ik nog weg. Dit is mijn uitweg. Op dat moment werd ik geroepen. Eerst werd een echo gemaakt, maar ik mocht niet naar het scherm kijken, dat was niet goed voor mij. Ik was elf weken zwanger. Daarna ging ik onder narcose.
‘Ik was diep ongelukkig. Het bleek een illusie dat als je iets weghaalt, alles weer wordt zoals daarvoor. Ik kon niet meer slapen, ging bijna niet naar school, was heel neerslachtig. Ik sprak er met niemand over want het is verdriet dat je jezelf hebt aangedaan. Een jaar later kwam ik die vriend tegen die me zo had laten vallen. Hij vroeg hoe het met me ging en ik hoorde mezelf antwoorden: ‘Heel goed, ik heb een dochter en ze heet Julia.’ Hoewel ik dacht dat ik door zo te liegen gek aan het worden was, voelde het ook als een gelukkig moment. Heel even was het kind er toch.
‘Twee jaar later, ik zat inmiddels op de kunstacademie, heb ik mijn ouders een brief geschreven. Ik schreef dat ik me zo verlaten had gevoeld en dat ik het moeilijk vond dat ze me nooit hadden gevraagd wat ik zelf wilde. Dat ze niet naar mij hadden gekeken maar alleen hadden geredeneerd vanuit de conventionele gedachte dat ik moest studeren. In de envelop stopte ik ook een artikel uit tijdschrift Opzij waarin stond wat voor impact abortus kan hebben. Zelfs al ben je ervan overtuigd dat abortus op dat moment de beste keuze is, dan nog kan het intens verdrietig zijn. Mijn ouders hebben nooit op die brief gereageerd.
‘Toen ik 24 was en in het laatste jaar van mijn studie zat, werd ik zwanger. Twee weken na mijn afstuderen kregen mijn vriend en ik een zoon. Het was geweldig om eindelijk moeder te worden. Maar het gevoel van spijt om mijn eerste zwangerschap verdween niet. In de jaren daarna kregen we nog drie zoons. Met elk kind dat er kwam hoopte ik dat dit het gat zou dichten. De kinderwens werd vervuld, maar het verdriet dat het afbreken van die eerste zwangerschap had veroorzaakt is nooit verdwenen. Altijd denk ik in april: nu zou mijn kind jarig zijn geweest. Dit jaar 28.
‘De meeste spijt heb ik ervan dat ik niet mijn eigen intuïtie heb gevolgd. Het is niet alleen berouw over het feit dat ik het kind nooit in mijn armen heb gehad, maar vooral de boosheid op mezelf dat het gevoel van spijt onverteerbaar maakt. Ik was al zo dom om geen voorbehoedsmiddelen te gebruiken en vervolgens was ik ook nog eens zo’n sukkel om naar die kliniek te gaan. Niemand heeft me naar binnen geduwd. Ik ben zelfs niet naar buiten gerend toen het kon. Het is heel moeilijk te accepteren dat ik zelf degene ben die heeft ingegrepen. Ik heb mezelf en het kindje verloochend. Dat verwijt ik mezelf enorm.
‘Mijn leven was anders gelopen als ik die beslissing niet had genomen. Dan was ik jong moeder geworden, en ik wil dat niet idealiseren, maar ik ben ervan overtuigd dat ik dat had gekund. Ik had dan meer rust gevonden omdat ik had gedaan wat ik zelf wilde. Lang heb ik getwijfeld aan mijn eigen gevoel, het heeft me jaren gekost om daar weer bij te komen. Ik ben altijd op zoek geweest naar een soort heelheid.
‘Ik bevind me nu op een goed moment in mijn leven. De vader van mijn kinderen en ik zijn al lang uit elkaar. Mijn jongste zoon is nu 13 en ik heb eindelijk tijd om te ontdekken wat ik zelf belangrijk vind. Ik werk met kundalini activation, dat zijn spirituele sessies die mij erg hebben geholpen om milder naar mezelf te kijken. Om te accepteren dat het zo gelopen is. Ik weet nu dat je op je onderbuikgevoel moet vertrouwen. Nooit doen wat anderen vinden maar je eigen hart volgen, dat is uiteindelijk de beste manier om te leven.’
Eén van de vervelendste emoties die we kennen is spijt, omdat het gaat over iets wat je zelf gedaan of juist niet gedaan hebt. Kampt u ook met diepe gevoelens van spijt en wilt u daarover in deze rubriek praten, stuur dan een mailtje naar b.vanbeukering@gmail.com.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant