IndieChina De ene na de andere Chinese filmmaker trok zijn werk terug van een filmfestival in New York, onder meer omdat hun familieleden werden geïntimideerd. Zulke ’transnationale repressie’ komt vaker voor.
Straatbeeld van de Chinese wijk op Manhattan. Een festival voor onafhankelijke Chinese films in New York is na een intimidatiecampagne tegen filmmakers en organisatoren afgelast.
Een documentaire over de laatste levensmaanden van de in ongenade gevallen Chinese aids-activiste Gao Yaojie, in ballingschap in New York. Een animatiefilm over een poppenmaker die zelf een marionet wordt, verlangend naar vrijheid. Films over de opstand in Hongkong tegen het gezag van Beijing, over homoprostitutie en over de strenge coronamaatregelen in China.
Het is niet moeilijk te zien welke bezwaren China heeft tegen het IndieChina Film Festival, dat zaterdag zou beginnen in New York. Een week lang zouden daar films, documentaires en debatten op het programma staan die gevoelige onderwerpen behandelen waarvoor in China zelf geen enkele ruimte is.
Maar ook buiten China blijkt die ruimte beperkt. Donderdag maakte organisator Zhu Rikun, zelf een vooraanstaand producent van onafhankelijke Chinese films, bekend dat hij de „ongelooflijk pijnlijke beslissing” heeft moeten nemen het festival te annuleren. Hij hoopt dat „onbekende krachten” dan stoppen met „het lastigvallen van de regisseurs, gasten, voormalige medewerkers en vrijwilligers, waaronder mijn vrienden en familie, die met het festival zijn verbonden”, schrijft hij in een toelichting.
Ook van Zhu zelf zou op het festival werk worden vertoond. In 2013 bezocht hij de regio Sichuan om een documentaire te maken over de vele longklachten onder plaatselijke mijnwerkers. Zhu werd er continu gevolgd en gehinderd, en uiteindelijk gedwongen zijn materiaal te vernietigen. Heimelijk maakte hij geluidsopnamen van een gespannen gesprek met de lokale autoriteiten en verwerkte die tot een film van een uur, Welcome, waarin vrijwel geen beelden te zien zijn.
Een week voor de afgelasting schreef Zhu in een bericht op het Chinese platform WeChat al dat sommige filmmakers „en zelfs hun familie” zijn lastiggevallen. „De veiligheid van filmmakers en hun verwanten heeft de hoogste prioriteit. Als je het festival niet kunt bijwonen, of niet kunt instemmen met vertoning van je film vanwege druk, dan begrijpen en respecteren we dat.” Veel regisseurs en producenten zouden hun werk inderdaad hebben teruggetrokken.
Ook de familie van Zhu zelf zou in China in de problemen zijn gekomen, schreef hij op Facebook. „Vrijdag kreeg ik een telefoontje van mijn vader. Hij vroeg me hoe het met me was en of ik iets verkeerd had gedaan. Zijn toon was vreemd, ik begreep direct dat er iets aan de hand was.” Een vrouw die in Beijing voor Zhu werkt, zou door de autoriteiten zijn meegenomen en gemaand zich niet met Zhu in te laten, omdat die „zeker zal worden vervolgd” als hij naar China zou terugkeren.
Wie precies achter de bedreigingen zit, is onduidelijk. Een van de zalen waar het festival zou plaatsvinden, zou een brief hebben gekregen van „een groep Chinese studenten in New York” die afgelasting eisten omdat de geprogrammeerde films „geen accuraat beeld geven van de huidige Chinese samenleving”.
Het incident past in een bredere trend van zogenoemde ’transnationale repressie’, waarbij stemmen die kritisch zijn over China ook in het buitenland met druk, bedreigingen en intimidatie te maken krijgen. Zo werd onlangs op een tentoonstelling in Thailand werk van Tibetaanse, Oeigoerse en Hongkongse kunstenaars onder Chinese druk verwijderd of afgeplakt.
En eerder deze maand bleek dat de Sheffield Hallam-universiteit in het Verenigd Koninkrijk de vermaarde hoogleraar mensenrechten Laura Murphy had opgedragen haar onderzoek naar dwangarbeid van Oeigoeren in de regio Xinjiang te staken. Volgens de universiteit uit vrees voor juridische risico’s en vanwege de veiligheid van betrokken onderzoekers. Een kantoor van de universiteit in Beijing zou vorig jaar zijn binnengevallen door veiligheidsdiensten.
Maar critici vermoedden dat ook commerciële overwegingen een rol speelden: in een interne e-mail die The Guardian heeft ingezien waarschuwt een medewerker dat Murphy’s publicaties en behoud van de Chinese markt „onverenigbaar” zijn. De universiteit had afgelopen jaar naar eigen zeggen 73 Chinese studenten. Onder druk van een door Murphy aangespannen rechtszaak trok de universiteit het besluit in oktober in.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
De beste filmstukken interviews en recensies van de nieuwste films
Source: NRC