Home

Nederland is steeds minder geliefd bij arbeidsmigranten

Migratiesaldo Migratie naar Nederland uit „van oudsher typische arbeidsmigratielanden” als Polen, neemt af. Alleen het aantal migranten dat uit Turkije komt, neemt toe. Hoe kan dit?

Vrouwen sorteren asperges bij aspergebedrijf Verstappen in Leveroy.

„Nederland is verslaafd aan laagbetaalde arbeid”, zei toenmalig NSC-minister Eddy van Hijum eerder dit jaar bij het verschijnen van een kritisch rapport over arbeidsmigratie van verschillende ministeries. „Dit rapport laat zien dat de huidige omvang van arbeidsmigratie onhoudbaar is.”

Het is maar de vraag of dat in de toekomst nog steeds zo is, zegt Ruben van Gaalen, demograaf bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), in reactie op nieuwe migratiecijfers die zijn bureau op woensdag publiceerde. „We moeten in Nederland wellicht wennen aan het idee dat we straks niet meer zo geliefd zijn. Dat zijn we nu al veel minder dan we denken.”

Uit de cijfers van het CBS blijkt dat het Nederlands migratiesaldo vanuit de meeste landen de afgelopen jaren sterk is gedaald, dat is het aantal mensen dat Nederland binnenkomt, minus het aantal dat vertrekt. Daardoor groeien de migrantenpopulaties uit die landen elk jaar minder hard.

De daling van het migratiesaldo is het sterkst zichtbaar „bij de typische arbeidsmigratielanden binnen de Europese Unie, zoals Polen en ook Roemenië en Bulgarije”, zegt Van Gaalen. „Ook buiten de EU daalt het aantal arbeidsmigranten uit typische kennislanden, zoals India, Zuid-Afrika en Rusland.”

Het migratiesaldo uit Polen is inmiddels zelfs negatief: er vertrokken 490 mensen meer dan er bijkwamen. Vorig jaar kwamen er nog netto 1706 Poolse migranten bij.

Het aantal migranten uit Turkije stijgt juist licht, terwijl Turkse migranten van oudsher vooral vanwege werk naar Nederland kwamen. Daar is nu iets anders aan de hand, zegt Van Gaalen. „Ten eerste zijn de arbeidsregels voor Turkije soepeler dan voor andere migranten, vanwege het associatieverdrag met de EU. Er zijn studenten en kennismigranten bij gekomen. En er komen ook meer vluchtelingen uit Turkije, die vluchten voor het regime. Zij zijn vaak hoogopgeleid. We zien dat de kinderen van de recente gearriveerde migranten uit Turkije het beter op school doen dan het Nederlandse gemiddelde.”

Wat maakt Nederland aantrekkelijk voor arbeidsmigranten? Die vraag speelt mee in de discussie rond de nieuwe huisvestingsregels voor arbeidsmigranten, die demissionair VVD-minister Mariëlle Paul vorige week zonder overleg met betrokken partijen van tafel veegde. Voormalig NSC-minister Eddy van Hijum ontwikkelde het plan om de positie van arbeidsmigranten te verbeteren, opvolgend minister Paul trok het in omdat het volgens haar de positie van arbeidsmigranten juist zou verslechteren. Organisaties die arbeidsmigranten vertegenwoordigen spreken dat laatste tegen.

Van Gaalen kan niet zeggen welke invloed het recente besluit van de minister zal hebben op de instroom van arbeidsmigranten. Bovendien is de afname van het aantal arbeidsmigranten van de afgelopen jaren niet per se het gevolg van het migratiebeleid. Van Gaalen: „In Midden- en Oost-Europa is het aantal mensen dat wil migreren, ook wel een beetje op. Polen vergrijst sneller dan Nederland. Bovendien heeft Polen een economie die flink gegroeid is. De lonen in Nederland zijn nog wel hoger, maar het loont steeds minder om hiernaartoe af te reizen.”

Dat de aanwas gestaag krimpt, neemt niet weg dat de groep arbeidsmigranten in Nederland nog elk jaar groeit. In 2023, het meest recente jaar waarover cijfers beschikbaar zijn, was 13 procent van alle immigranten in Nederland hier naartoe gekomen vanwege werk. Alleen de groep die hier voor het gezin naartoe kwam is groter. Voor deze cijfers kijkt het CBS alleen naar mensen die ná 1998 naar Nederland zijn gekomen, omdat de reden voor immigratie voor dat jaar niet werd geregistreerd.

In werkelijkheid is de groep die hier dankzij arbeidsmigratie naartoe kwam nog groter dan de cijfers suggereren. Een groot deel van de gezinsmigranten reisde namelijk een gezinslid achterna dat zelf arbeidsmigrant is. Bijna 160.000 gezinsmigranten wonen met iemand samen die hier vanwege werk naartoe kwam. Dat zijn er aanzienlijk meer dan de groep die met een asielmigrant samenwoont: dat zijn er maar 33.000.

Een groot deel van de gezinsmigranten gaat hier zelf aan het werk. Bij gezinsmigranten uit de EU is het een grote meerderheid, bij gezinsmigranten van daarbuiten bijna de helft. De rest volgt een opleiding of werkt niet. Een relatief kleine groep ontvangt een pensioen of uitkering. 

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next