is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
Als het aan sommige Fransen ligt, wordt iedere Europeaan binnenkort verplicht een Louis Vuitton-tas te kopen. Er hangt een prijskaartje aan van 2.500 euro, maar in het kader van de Europese gedachte moet af en toe een offer worden gebracht. Tenslotte geven veel Europeanen ook probleemloos 2.500 euro uit aan een vakantie.
Woensdag opende de Chinese webshop Shein een grote winkel in het hart van modestad Parijs. De reacties gaven in één beeld een prachtig overzicht van de polarisatie in de huidige samenleving: het volk versus de elite.
Aan de ene kant van de weg sloten de Fransen massaal aan in een ellenlange rij om Chinees design te kunnen shoppen. Aan de andere kant stonden demonstranten die niet willen dat op een exclusieve plek in het eldorado van de haute couture een warenhuis verrijst met ‘goedkope rommel’ die na één keer dragen in de voddenzak kan.
Toen Shein online ook nog ‘kindersekspoppen’ bleek te verkopen, hadden de tegenstanders een stok om mee te slaan en de politiek voor hun karretje te spannen. De Franse regering deed meteen een beroep op Brussel om Shein op de zwarte lijst te zetten, hoewel de Chinezen snel de verboden spullen van de site haalden.
Het is een nieuw front in de internationale handelsoorlog, die Europa inmiddels al even fanatiek voert als de VS. Eerst waren er de heffingen op Chinese elektrische auto’s, toen de nieuwe verhoogde heffingen op staal, daarna het privéoorlogje van een Nederlandse minister tegen Nexperia, en nu het debat over de vestiging van een Shein-warenhuis die in Parijs als een frietkot tussen de vijfsterrenrestaurants wordt gezien.
Frankrijk klopt zich nogal op de borst dat zijn producten superieur zijn. Helaas staan de Franse automerken Peugeot en Citroën bovenaan de lijst van minst betrouwbare auto’s, vooral vanwege technische mankementen. De hoge prijs van broeken van Hermès, mantelpakjes van Dior en zonnebrillen van Chanel betekent niet meteen dat die ook kwalitatief zoveel beter zouden zijn.
Volgens berekeningen op TikTok zijn de productiekosten van een Louis Vuitton-tas van 2.500 euro – materiaal en arbeid – uiteindelijk niet meer dan 150 euro. De hoge prijs wordt vooral veroorzaakt door de enorme indirecte kosten voor het in stand houden van het dure imago (de reclamecampagnes in exclusieve bladen, de billboards, de promotiecontracten met celebrity’s), en de hoge winstmarges. De Franse couture is duurzamer, maar veel van die mode verdwijnt ook na één keer dragen op een galavoorstelling in een diepe inloopkast.
Dat in China spullen worden gemaakt tegen hongerloontjes is niet waar. China kent allang minimumlonen – afhankelijk van de regio tussen 2,50 en 3,50 euro – die ver onder de westerse standaard zitten, maar waarvan de meeste Chinezen kunnen rondkomen.
Als Chinese spullen niet voldoen aan Europese veiligheidsnormen of regels, moeten die in de EU worden verboden. Maar als dat alleen is bedoeld om verplichte winkelnering in Parijs te bewerkstelligen, dan moet de elite zich afvragen of het volk wel Louis Vuitton wil.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant