Het Zorginstituut gaat kijken of twee nieuwe afslankmedicijnen voldoende gezondheidswinst opleveren bij de groepen die het meest lijden onder hun gewicht. Als die beoordeling goed uitvalt, dan kunnen een miljoen mensen de middelen vergoed krijgen.
is wetenschapsredacteur van de Volkskrant en schrijft over gezondheid.
Het gaat om de medicijnen Wegovy en Mounjaro, chemische nabootsingen van darmhormonen die onder meer de eetlust bedwingen en de bloedsuikerspiegel reguleren. Patiënten vallen dankzij die middelen flink af: gemiddeld 15 (Wegovy) tot meer dan 20 procent (Mounjaro) na ruim een jaar gebruik.
Wat vooral in het oog springt zijn de gezondheidseffecten in het hele lichaam: de nieuwe obesitasmedicijnen blijken het risico op vele tientallen ziektes te verkleinen.
Vorig jaar concludeerde het Zorginstituut, dat de minister adviseert, dat het afslankmedicijn Wegovy niet thuishoort in het basispakket. Er was onvoldoende bewijs dat het medicijn zijn geld waard is. Zo is onduidelijk wat de langetermijneffecten zijn en of de kilo’s wel wegblijven. Onderzoek, gepubliceerd in vakblad Jama, laat zien dat mensen die stoppen met zo’n obesitasmedicijn weer flink in gewicht aankomen.
Inmiddels is ook Mounjaro goedgekeurd door het Europees Geneesmiddelenbureau en de verwachting is dat er nog veel vergelijkbare middelen zullen volgen. Ruim vier miljoen Nederlanders komen in aanmerking voor de obesitasmedicatie. Als zij allemaal de nieuwe medicijnen gaan gebruiken, zou dat jaarlijks naar schatting 1,3 miljard euro kosten.
Na overleg met artsen, patiënten en zorgverzekeraars heeft het Zorginstituut nu besloten om bij twee groepen patiënten uit te zoeken hoe effectief de middelen zijn en hoeveel gezondheidswinst ze opleveren. Het gaat om mensen met een BMI (bodymassindex, het gewicht gedeeld door kwadraat van de lengte) van boven de 35, wat neerkomt op (zeer) ernstige obesitas. De andere groep bestaat uit mensen met een BMI vanaf 30 met ziekten die samenhangen met hun overgewicht, zoals chronische nierschade en hartfalen.
Volgens het Zorginstituut bestaat bij deze twee groepen het meeste bewijs dat de obesitasmedicijnen tot een betere gezondheid kunnen leiden.
Als de beoordeling gunstig uitvalt, komen de middelen alleen bij die groep voor vergoeding in aanmerking. Het gaat naar schatting om een miljoen mensen. Zij moeten dan wel een leefstijlinterventie volgen, waarbij ze hulp krijgen om hun voedingspatroon en gedrag te veranderen en meer te bewegen.
Andere obesitaspatiënten kunnen pas aanspraak maken op de nieuwe medicijnen als er betrouwbare informatie is over de kosteneffectiviteit (de verhouding tussen de kosten en de baten), aldus het Zorginstituut.
Ondanks de uitblijvende vergoeding heeft het gebruik van de afslankmedicatie een hoge vlucht genomen. Wie het kan betalen, koopt de middelen zelf, online of in een obesitas- of cosmetische kliniek. Vorig jaar verstrekten apothekers 109 duizend keer een afslankmedicijn aan mensen die zelf de portemonnee trokken, zo blijkt uit cijfers die Nieuwsuur opvroeg. In 2022 ging het nog maar om 2.000 keer.
Ozempic, het bekendste afslankmedicijn, wordt al jaren vergoed, maar alleen voor patiënten met diabetes type 2. Dat middel is formeel bedoeld voor het reguleren van de bloedsuiker, maar omdat het ook tot gewichtsverlies leidt, is het ongekend populair geworden bij mensen die willen afvallen.
Wegovy en Mounjaro zijn de eerste medicijnen die louter zijn bestemd om af te vallen. De middelen kunnen bij sommige gebruikers bijwerkingen veroorzaken, zoals extreem braken. Het aantal vergiftigingen door de afslankmedicatie neemt toe; vaak gaat het om mensen die de middelen zonder begeleiding van een arts gebruiken.
Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant