Duurzaam vervoer Met plannen voor een groter Europees hogesnelheidsnet en voor investeringen in duurzame brandstof wil Brussel schoner vervoer stimuleren. Onduidelijk blijft nog wie de benodigde miljarden gaat verstrekken.
Hogesnelheidstreinen op het station Montparnasse in Parijs.
Meer hogesnelheidstreinen. Meer rechten voor treinreizigers. En: meer schonere brandstoffen voor vliegtuigen en schepen, twee sectoren die lastig te elektrificeren zijn. Plus minder risico voor energieconcerns die willen investeren in duurzame alternatieven voor fossiele brandstoffen.
Dat alles stelt de Europese Commissie woensdag voor in een omvangrijk pakket maatregelen voor duurzaam vervoer.
Het pakket bestaat uit twee delen: een plan voor een verbeterd Europees hogesnelheidsnetwerk en een plan voor duurzame investeringen in vervoer (Sustainable Transport Investment Plan, STIP). Hiermee wil de Commissie de EU-lidstaten „dichter bij elkaar brengen”.
Reizen van Berlijn naar Kopenhagen moet rond 2030 in slechts vier uur kunnen, in plaats van de huidige zeven uur. En Sofia-Athene moet in 2035 slechts 6 uur duren in plaats van 13 uur en 40 minuten nu.
De plannen kosten vele miljarden euro’s, meldde Europees Commissaris Apostolos Tzitzikostas (Duurzaam vervoer en toerisme) woensdag. Zijn budget komt echter slechts voor een beperkt deel uit bestaande Europese fondsen. „Publieke financiering alleen zal niet genoeg zijn om aan de substantiële investeringsbehoeften te voldoen”, zei Tzitzikostas tijdens een persconferentie in Brussel. Voor het grootste deel van het benodigde budget kijkt hij naar private en institutionele investeerders. De Commissie wil daarbij het risico voor externe financiers wel zoveel mogelijk beperken.
„Onze plannen zullen Europa’s transportsysteem schoner, veerkrachtiger en betaalbaarder maken voor burgers”, aldus Tzitzikostas.
Het nieuwe actieplan voor hogesnelheidstreinen beschrijft wat nodig is om tegen 2040 een sneller en beter verbonden Europees netwerk te realiseren. Het belangrijkste doel is het halveren van de reistijden op veel populaire routes, waardoor de trein een serieus en aantrekkelijk alternatief wordt voor korte-afstandsvluchten.
De Commissie bouwt voort op het Trans-Europees vervoersnetwerk (TEN-T) en voorziet in de verbinding van belangrijke knooppunten met treinen die 200 km per uur en hoger rijden. Hogesnelheidstreinen als de Eurostar halen 300 km per uur; reguliere intercity’s als de IC Direct van NS rijden maximaal 160 km per uur (de HSL-Zuid).
Naast kortere reistijden tussen grote steden wil de Commissie ook nieuwe grensoverschrijdende treinverbindingen mogelijk maken, bijvoorbeeld die tussen Parijs en Lissabon via Madrid en tussen de Baltische hoofdsteden. Tzitzikostas zei dat hij met name in Midden- en Oost-Europa de treinverbindingen sterk wil verbeteren. Daar loopt het spoor achter, benadrukt hij.
Het voltooien van het geplande TEN-T hogesnelheidsnetwerk tegen 2040 kost ongeveer 345 miljard euro. Dat wil de Commissie grotendeels bij elkaar brengen met behulp van private investeerders. Volgend jaar wil de Commissie daartoe een ‘High-Speed Rail Deal’ sluiten met financiële instellingen, EU-lidstaten en de spoorsector.
Volgend jaar wil de Commissie ook een voorstel presenteren om grensoverschrijdende ticketing- en boekingsystemen te verbeteren, zodat reizigers makkelijker treinreizen kunnen plannen en kaartjes kunnen kopen. Die wens heeft Brussel al jaren, maar kon nog niet worden uitgevoerd, onder meer omdat grote spoorbedrijven zoals het Duitse DB en het Franse SNCF niet al hun klantgegevens willen delen met internationale concurrenten.
Ook de consumentenrechten van treinreizigers moeten beter, vindt de Commissie al langer. Zo moet je gemakkelijker geld kunnen terugkrijgen bij vertragingen op internationale reizen (waarbij je veel moet overstappen).
Tzitzikostas vertelde ook dat hij de concurrentie op het spoor wil stimuleren en zo treinreizen betaalbaarder wil maken – „zoals we hebben gezien in Spanje en Italië”, aldus de Eurocommissaris – door tweedehands materieel beter beschikbaar te maken. Nu hebben beginnende treinbedrijven, bijvoorbeeld de Belgisch-Nederlandse nachttreinexploitant European Sleeper, grote moeite om (gebruikte) treinstellen te bemachtigen.
Tegen 2030 moeten alle grote EU-luchthavens die meer dan 12 miljoen passagiers verwerken verbonden zijn met langeafstands- of hogesnelheidsspoorwegen om de verbindingen tussen vervoersmiddelen te versterken. Buiten dit voornemen vallen dus kleinere luchthavens zonder snelle treinverbinding, zoals Eindhoven Airport (6,8 miljoen passagiers in 2024) en Brussel-Charleroi (2024: 10,5 miljoen passagiers).
Het tweede initiatief, het investeringsplan voor duurzaam vervoer (STIP), moet de investeringen in hernieuwbare en koolstofarme brandstoffen versnellen, met name voor vliegtuigen en schepen.
De Europese Unie heeft enkele jaren geleden afgesproken dat de luchtvaart (‘RefuelEU Aviaton’) en de scheepvaart (FuelEU Maritime) steeds meer duurzame alternatieve brandstoffen moeten gaan gebruiken. Het percentage schonere brandstof dat vliegtuigen en schepen moeten ‘bijmengen’ bij hun reguliere brandstof loopt elk jaar op – voor de luchtvaart van 2 procent in 2025 naar 70 procent vanaf 2050.
Om deze doelstellingen te halen, stelde Tzitzikostas woensdag, is ongeveer 20 miljoen ton ‘groene’ brandstof nodig. In 2024 werd wereldwijd naar schatting 1 miljoen ton duurzame vliegtuigbrandstof (sustainable aviation fuel, SAF) geproduceerd. De productie van SAF verhogen vraagt volgens de Eurocommissaris om substantiële investeringen door energieconcerns, geschat op 100 miljard euro tegen 2035.
Biokerosine, synthetische kerosine en groenere scheepsbrandstoffen zijn nu lastig te krijgen. Luchtvaartmaatschappijen en reders kijken angstig naar de prijzen, die volgens Tzitzikostas twee tot tien keer hoger zijn dan die van conventionele brandstoffen.
Energieconcerns zijn dan ook terughoudend om te investeren in duurzame alternatieven. Zo schrapten Shell en BP dit jaar duurzame brandstofinvesteringen in Rotterdam. Zij vragen zich af of er genoeg markt is voor de productie van schonere brandstoffen en of het Europese beleid op dit gebied gehandhaafd blijft.
„Met het STIP willen wij een duidelijk signaal afgeven aan investeerders dat de EU-doelstellingen stabiel blijven”, aldus Tzitzikostas. Hij wil dat snel wordt geïnvesteerd in alternatieve brandstoffen en sprokkelde 2,9 miljard euro aan Europese subsidies bijeen, waaronder 2 miljard van de investeringsbank InvestEU, 300 miljoen van de Europese Waterstofbank en 446 miljoen van een innovatiefonds voor synthetische brandstoffen voor luchtvaart en scheepvaart. De Commissie wil dit bedrag gebruiken om de komende twee jaar te investeringen in schonere brandstof vlot te trekken, aldus Tzitsikostas.
De Europese Commissie wil eind dit jaar of begin volgend jaar afspraken maken met luchtvaartmaatschappijen, energieproducenten en andere betrokkenen over een proefproject voor synthetische kerosine. Anders dan biokerosine, die wordt gemaakt van onder meer gebruikt frituurvet, is synthetische kerosine (e-SAF) nagenoeg uitstootvrij – mits groene energie wordt gebruikt voor de productie ervan. Voor deze proef heeft de Commissie 500 miljoen euro beschikbaar gesteld.
De Nederlandse regering is enthousiast over de Europese plannen, laat staatssecretaris Thierry Aartsen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD) woensdag weten. „Ik juich de ambitie van de Europese Commissie toe om het netwerk van hogesnelheidslijnen in Europa te versterken. Het is natuurlijk fantastisch als je snel, vaak en gemakkelijk naar bestemmingen in Europa kunt reizen. Internationale verbondenheid maakt Europa sterk en maakt ook een open economie als die van Nederland sterk.”
Goede verbindingen, zeker ook per spoor, leiden tot economische ontwikkeling, aldus Aartsen. „Daarom moeten we blijven doorbouwen aan die verbindingen. Steeds meer speelt ook de weerbaarheid van spoorinfrastructuur daarbij een rol.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC