Home

De fanclub van Normaal wil ‘høken’ op de erfgoedlijst. Kan dat?

De achterban van Normaal draagt de cult rond de Achterhoekse band voor als immaterieel erfgoed. Zo moet ook høken – ‘gewoon gek doen, maar op een normale manier’ – beschermd worden. ‘Het gaat erom dat de fans het als erfgoed zien.’

is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.

‘Wie niet wet wat høken is, die wet echt niet wat ie mist’, zijn de eerste zinnen van het Normaal-nummer Høken is normaal. Als het aan de achterban van de Achterhoekse rockband ligt, wordt voor altijd vastgelegd wat ‘høken’ is. In het vijftigste bestaansjaar van Normaal kondigde fanclub het Anhangerschap woensdag aan dat ze de cult rond de band heeft voorgedragen als immaterieel erfgoed.

Maar kan dat wel? ‘Immaterieel erfgoed zijn de tradities, rituelen, festiviteiten en gewoonten die van generatie op generatie worden doorgegeven’, volgens het Kennisinstituut Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN). Hoe borg je gebruiken rond een band die er (straks) niet meer is?

‘Ja, daar zitten haken en ogen aan’, beaamt directeur Saskia van Oostveen. ‘Een band zelf kan sowieso geen immaterieel erfgoed worden, maar wel de fancultuur eromheen. Het gaat erom dat de fans het als erfgoed zien. Wij willen weten hoe zij zich gaan inspannen om het levend te houden.’

Brekken, angoan en daldeejen

Voormalig Tubantia-journalist Dolf Ruesink oordeelde in zijn boek over Normaal, Feesten als wilde beesten, vorig jaar al dat de Achterhoekse rockband in het rijtje immaterieel erfgoed hoort, tussen het Zomercarnaval in Rotterdam, piratenmuziek, shanties zingen en de Matthäus-Passion in de Grote Kerk Naarden. En dan met name vanwege het rond Normaal ontstane høken, ook wel brekken, angoan en daldeejen. Ruesink beschrijft het als ‘een vorm van enthousiast en ongeremd feestvieren zonder dat daar geweld, seks of agressie aan te pas komt’.

In zijn woensdag verschenen nieuwe boek, De Schatkamer van Normaal, somt Ruesink op wat onder meer bij høken komt kijken: buikschuiven op het natte gras, worstelwedstrijden in de modder, gooien met graspollen, touwtjespringen met aan elkaar geknoopte shirts, zittend op de grond als groep ritmisch roeien en bier over het hoofd van een medebezoeker gieten.

In aanloop naar het afscheidsconcert in 2015 – waarna nog een paar reünieconcerten volgden – zei Bennie Jolink dat het einde van Normaal geenszins het einde zou betekenen van alle Normaal-tradities. ‘Ik denk het niet’, zei de frontman in Een wagen vol verhalen. ‘Er zijn meerdere organisatoren die doorgaan met Høkersweekenden.’

Tentfeesten

Hij kreeg gelijk. Dit gebeurt nog steeds, bijvoorbeeld georganiseerd door fanclub het Anhangerschap. Voorzitter Ron Lam denkt dat hun feest bij Café de Tol in Zelhem, waar bands optreden in de geest van Normaal, de nalatenschap kan borgen. ‘Daarnaast zijn er in het hele land tentfeesten à la Normaal.’

Een belangrijke verdienste van de band is volgens Ruesink dat men zich op het platteland ‘vijftig jaar geleden nog schaamde voor streektaal’. De boodschap van Normaal is volgens hem altijd geweest: ‘Kruip niet in je schulp, kom uit voor wie je bent en hoe je spreekt.’ Ruesink en Lam zien dat bandjes zoals de Heinoos en The Marshalls het dialect nieuw elan geven.

De toekomst zal uitwijzen of daarmee høken, ‘gewoon gek doen, maar op een normale manier’, zoals Lams beknopte definitie luidt, zal voortbestaan. Of dat toch een zinnetje uit het Normaal-lied bewaarheid wordt: ‘Moar ens zal ‘t høken oavergaan.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next