Home

Akkoord over afgezwakt EU-klimaatbeleid na marathonvergadering

Klimaat In de aanloop naar de klimaattop in Belém moesten de Europese landen het eens worden. Europa zwakt zijn klimaatdoelen af, door bijvoorbeeld meer ruimte te bieden aan uitstootvermindering buiten het continent.

Eurocommissaris voor Klimaat Wopke Hoekstra in Brussel, op woensdag 4 november.

Het hoge woord is eruit. Het klimaatdoel van de EU – 90 procent minder uitstoot in 2040 ten opzichte van referentiejaar 1990 – blijft de komende jaren overeind en is wettelijk bindend, zo besloten de Europese lidstaten na bijna 24 uur beraad. Maar: om tot die overeenkomst te komen, staan de landen elkaar meer flexibiliteit toe, waarmee het klimaatbeleid wordt afgezwakt. Landen mogen nu meer inzetten op uitstootvermindering in het buitenland, spreken af dat ze terug kunnen komen op het klimaatdoel, en stellen de invoering van ETS2, uitstootbeprijzing voor burgers en bedrijven, met een jaar uit.

Het werd een zwaarbevochten compromis, op weg naar klimaatneutraliteit in 2050. „Falen is daarbij nooit een optie geweest”, sprak Lars Aagaard, de Deense klimaatminister die het voortouw nam bij de onderhandelingen. Eurocommissaris Wopke Hoekstra (Klimaat) liet tussen de regels doorschemeren dat het ambitieuzer had gekund: „It takes 27 to tango”, sprak hij meermaals. Na het akkoord gevolgd door: „We zijn erin geslaagd om dát waar te maken”. De uiteindelijke meerderheid bestond uit 21 lidstaten.

Maar de harmonie in Brussel was lange tijd ver te zoeken. Bij complexe klimaatbesprekingen liepen de wensenlijsten van de lidstaten ver uiteen – van groen en progressief, tot grijs en conservatief. Het waren met name de geitenpaadjes waarover tot diep in de nacht werd gesteggeld.

Het doel van 90 procent reductie per 2040 blijft dus overeind, maar lidstaten krijgen meer ruimte om een deel van die uitstootvermindering in landen buiten de EU te behalen, met koolstofkredieten. Het plan was eerst om maximaal drie procent via die route toe te staan, dat is nu vijf procent geworden.  Dat betekent dat de uitstoot bínnen de EU met 85 procent verminderd moet – en dat terwijl de Europese Wetenschappelijke Adviesraad voor Klimaatverandering pleit voor 90 tot 95 procent op eigen grondgebied.

Woorden als klimaat, duurzaamheid en vergroening klonken overigens weinig in de urenlange onderhandeling. ‘Concurrentiekracht’ werd daarentegen op rechts en op links ferm geroepen. Maar waar de progressieven denken aan de schone industrie van de toekomst – clean tech – betekent het uit de mond van de conservatieven het overeind houden van de traditionele industrie.

Sommige landen hebben veel industrie die ze koolstofvrij moeten maken, benadrukt Petr Hladík, de Tsjechische minister van milieu. „Denk aan chemie, staal, cement en glas. We maken ons zorgen over die sectoren”. Hij deed een beroep op een ‘solidair Europa’: „We kunnen Centraal- en Oost-Europa in deze transitie niet buiten beschouwing laten.”

Die roep om solidariteit vond weerklank bij dwarsligger Polen, dat streefde naar gebruik van koolstofkrediet tot wel 10 procent en erop aandrong de investeringen in defensie ‘niet te hinderen’.

Ook is er een ontsnappingspad bevochten. Elke vijf jaar wordt de haalbaarheid van het klimaatdoel voor 2040 opnieuw geëvalueerd – inclusief beoordelingen om de twee jaar – waarbij de lidstaten nog eens 5 procent koolstofkredieten extra kunnen inzetten mocht de geopolitieke situatie daarom vragen. Landen als Zweden en Spanje waren hier aanvankelijk sterk op tegen, omdat ze geen „nieuwe onzekerheden wil creëren”, aldus Sara Aagesen, de Spaanse minister voor ecologische transitie.

Tussendoel

Naast het wettelijk bindende klimaatdoel voor 2040, stond een tussendoel voor 2035 op de agenda. De EU wilde dat doel graag presenteren bij de internationale klimaattop volgende week in het Braziliaanse Belém (COP30), maar hiervoor was – anders dan voor het 2040-doel – unanieme instemming vereist. Daarom was het zaak dat alle lidstaten zich gehoord voelden, om geen verdere politieke druk uit te oefenen op de klimaatwet. Hoewel er geen specifieke uitstootvermindering is afgesproken, kwamen de EU-landen uit op een bandbreedte van 62,25 tot 72,5 procent aan CO2-reductie voor 2035.

Ook wordt het zogeheten ETS2-systeem, waarbij burgers en ondernemers – net als de zware industrie in Europa – indirect voor CO2-uitstoot gaan betalen (via doorrekeningen door bijvoorbeeld oliemaatschappijen en gasbedrijven) met een jaar uitgesteld naar 2028.

Terwijl de klimaatdoelen in Brussel langzaam maar zeker afzwakten, presenteerde VN-milieuprogramma UNEP dinsdag een nieuw klimaatrapport, Off Target. Daaruit blijkt dat het belang van ambitieuze doelen nog altijd hoog is. De aarde warmt minder hard op dan vorig jaar het geval bleek (deze eeuw met 2,3 tot 2,5 graden, in plaats van 2,6 tot 2,8 zoals aanvankelijk werd gedacht), maar nog altijd flink harder dan wat men tijdens het Klimaatakkoord in 2015 beoogde, met een doel van 1,5 graad.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next