De EU-landen willen de uitstoot van broeikasgassen in 2040 met 90 procent verlagen, maar de lidstaten houden nadrukkelijk de deur open om dit klimaatdoel tussentijds af te zwakken. De lidstaten mogen tot maximaal 10 procent van de beoogde uitstootvermindering buiten Europa realiseren.
is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.
De Europese milieuministers bereikten het klimaatakkoord woensdagochtend na een chaotisch marathonberaad van bijna 24 uur. Duitsland, en andere meer ambitieuze klimaatlanden zoals Nederland, stonden pal tegenover Italië, Polen, Hongarije en Frankrijk, die de lat lager wilden leggen.
Het klimaatsceptische kamp won: het 2040-voorstel van Europees Commissaris Wopke Hoekstra (Klimaat) werd gedurende de nacht steeds verder uitgekleed. Mede daardoor konden uiteindelijk bijna alle EU-landen instemmen met het akkoord.
Op papier staat de doelstelling van 90 procent minder broeikasgassen (zoals CO2) in 2040 (ten opzichte van 1990) nog overeind. De lidstaten besloten evenwel dat 5 procent daarvan buiten de Europese Unie bereikt mag worden, bijvoorbeeld door de aanleg van bossen of investeringen in groene projecten aldaar. Onder druk van Italië mogen lidstaten die dat willen nog eens 5 procent broeikasgasvermindering buiten de EU halen. Lidstaten kunnen vanaf 2031 met dergelijke projecten beginnen.
In het voorstel van Hoekstra was deze flexibiliteit beperkt tot maximaal 3 procent, en bovendien pas inzetbaar vanaf 2036 als vangnet. Commissie-ambtenaren en milieu-experts menen dat 5 procent broeikasreductie elders het maximale is. Er zijn volgens hen niet genoeg geloofwaardige projecten. Daarmee zou meer uitbesteding ‘gebakken lucht’ worden en een verspilling van geld. Demissionair minister Sophie Hermans (Klimaat) waarschuwde daarvoor bij de start van het beraad.
Een tweede afzwakking van Hoekstra’s voorstel is dat elke twee jaar het 2040-klimaatakkoord opnieuw tegen het licht wordt gehouden. Als de omstandigheden daarom vragen – een groot verlies aan concurrentiekracht, grote sociale gevolgen – kan het 2040-doel verlaagd worden.
Dat gebeurt ook als de opvang van CO2 door bossen en landbouwgewassen tegenvalt. De kans daarop is groot, omdat steeds meer bos in vlammen opgaat door de hittegolven, en gewassen minder goed groeien door droogte. Hermans stelde bij aanvang dat onzekerheid over het einddoel bedrijven afwachtend maakt met hun investeringen in de vergroening van de economie.
Op indringend verzoek van onder meer Polen, Hongarije en Bulgarije werd ook besloten de milieuheffing op de brandstof voor auto’s en voor de verwarming van huizen uit te stellen. De producenten van benzine, gas en huisbrandolie zouden vanaf 2027 voor de uitstoot van CO2 moeten betalen, dat wordt nu 2028.
Woensdagochtend bleek dat Polen, Hongarije en Slowakije ondanks de toezeggingen nog steeds niet tevreden waren. Zij stemden tegen, maar dat was niet voldoende om het akkoord te blokkeren. Het Europees Parlement moet nog instemmen met het 2040-doel dat de ministers hebben afgesproken.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant