Home

Blawan: ‘Mijn muziek is een manier om naar mezelf te kijken’

Blawan Jamie Roberts alias Blawan was een succes-dj en maakte remixen voor onder andere Radiohead. Inmiddels richt hij zich op zijn eigen muziek, onlangs presenteerde hij het experimentele debuutalbum SickElixir op ADE.

Jamie Roberts, oftewel Blawan, in de Funkhaus studio’s in Berlijn in 2018.

Aan het eind van het gesprek, nadat muzikant Blawan verschillende hobbels in zijn leven en de oplossingen daarvoor heeft beschreven, vertelt hij waar het werkelijk om gaat, als je muziek maakt. Het gaat erom dat het je niks kan schelen. „Maak je niet druk, het is wat het is. Ben je bezorgd dat de hi-hat te hard staat: nou en?? Zet hem harder!” Hij lacht.

De Brit Jamie Roberts alias Blawan (Barnsley, 1987) was bekend als techno-dj die optrad op festivals als Glastonbury, Awakenings, Primavera en een vaste avond had in de beroemde club Berghain, in Berlijn.

Na twee decennia als dj te hebben gewerkt maakte hij het album SickElixir, dat vorige maand verscheen. Daarop geen soepele techno maar verwarrende klanken. Met schurende ritmes en rafelige synthesizerklanken roept Roberts beelden op van zuigende moerassen, zo desoriënterend alsof je geblinddoekt in een achtbaan zit.

Voor hemzelf was het scheppingsproces niet alleen bevrijdend, hij heeft er ook zijn mentale en fysieke problemen mee overwonnen. Roberts, die ooit begon als metal-drummer, zit nu in de kleedkamer van Tolhuistuin, in Amsterdam, waar hij die avond, 22 oktober, een uitverkocht, experimenteel en tegelijk swingend optreden zal geven, tijdens ADE. Zijn verleden staat op zijn lichaam getatoeëerd, van de demonen op zijn armen tot de woorden ‘Kick’ en ‘Drum’ op zijn vingers. Vanavond geeft hij zijn tweede ‘echte’ concert ooit. „Tot voor kort was ik vooral dj, ik draaide midden in de nacht of ’s ochtends vroeg, en was een van de vele artiesten. Straks speel ik om half negen ’s avonds. Dat is spannend.”

Zijn technoliefde begon toen hij vijf of zes jaar oud was. „Door mijn vriend Dale die van iemand een opname had gekregen van een festival, met happy hardcore. ‘Gabber’, zeg maar. Op zijn kamer luisterden we samen de hele dag naar die cassette.”

Roberts ziet verwantschap tussen de snelle techno en de industriële stijl van sommige metalgroepen: door de hypnotiserende kracht van het ritme. Hij werd drummer in bands, en was fan van de Scandinavische scene rond At The Gates en Mayhem. Hij verdiepte zich in de mogelijkheid om elektronica ruig te laten klinken. Hij maakte remixen, onder andere voor Radiohead. Ondertussen verzamelde hij techno-platen en begon te werken als dj. Ook maakte hij eigen nummers, zoals de angstaanjagende undergroundhit ‘Why They Hide Their Bodies Under My Garage’  uit 2012.

Blawan: „Voor de luisteraar zijn de nummers abstract. Maar voor mij verwijst ieder geluid naar mijn stemming op het moment dat ik het maakte.”

Het dj-werk bleek een valkuil. „Elke dj heeft een manager die overal ter wereld zoveel mogelijk optredens voor je boekt. Maar als je het hele weekend hebt gedraaid en op dinsdag in de studio staat, is je creatieve batterij niet genoeg opgeladen – voordat je donderdag weer op pad moet.”

De omslag kwam in 2019. Om zijn drugsgebruik te beheersen stopte hij deels met draaien en vond werk op een zuivelboerderij op het Duitse platteland. Daar vond hij het „geweldig”. Maar als hij af en toe terugging naar de Berghain, kwam ook de verleiding terug.

Hij besloot te breken met de dj-scene en Berlijn en zich op zijn eigen muziek te concentreren. In woningen in Leeds, Parijs en Lissabon bouwde hij studio’s waar SickElixir ontstond. Het werd een weerslag van zijn verslaving en van de dood van enkele oude vrienden aan drugsgebruik. Sinds een jaar is hij zelf clean. Hij haalt zijn schouders op. „Ik ben natuurlijk de rest van mijn leven een junkie, zo werkt het nu eenmaal.”

Blawan maakte zo’n 200 schetsen waaruit veertien liedjes overbleven. Belangrijkste taak was het bewerken en aanpassen van het brongeluid. „Als ik synthesizers gebruik, keer ik hun klank binnenstebuiten en ondersteboven.” Dat heet ‘glitching’, ofwel het bewust laten haperen van een muziekopname. „Ik ga verder dan glitching, ik doe ‘resampling’, dat wil zeggen dat je tonen een effect geeft, en dat je het effect een effect geeft, tot het een eindeloze keten is.” Binnen het vaak claustrofobische geluid vallen ook juist contrasten op, zo kreeg ‘Weirdos United’ een lyrisch intermezzo, en heeft de bassynthesizer in ‘WTF’ een ‘Billy Jean’-achtige swing.

Blawan noemt zijn muziek een ‘spiegel’. „Voor de luisteraar zijn de nummers abstract. Maar voor mij verwijst ieder geluid naar mijn stemming op het moment dat ik het maakte. Door de liedjes te luisteren, of zoals straks live uit te voeren”, hij wijst omhoog naar de zaal van Tolhuistuin, „ben ik terug bij dat moment. Dat waren vaak zwarte ogenblikken. Toch vind ik het niet zwaar om terug te luisteren. Ik ben emotioneel vaak erg betrokken bij anderen, maar niet genoeg bij mezelf. De muziek is een connectie, een manier om mezelf te aanschouwen.”

Het titelnummer waarmee het album afsluit is een eerbetoon aan Dale, de vriend die hem met muziek in contact bracht en afgelopen jaar overleed. „Ik heb meerdere vrienden verloren aan drugs, hij was de meest recente. Dale heeft zo’n positieve rol gespeeld in mijn leven dat ik hem, hoewel we al een paar jaar niet met elkaar omgingen, wilde gedenken. Het nummer ‘SickElixir’ is een sonic ‘dank je wel’ aan mijn vriend.”

SickElixir is verschenen bij XL Recordings. Blawan komt volgend jaar terug voor festivaloptredens.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Boeken

Het laatste boekennieuws met onze recensies de interessantste artikelen en interviews

Source: NRC

Previous

Next