Jasper van den Hoek | Zoekt erkenning Jasper van den Hoek (37) is geboren uit incest. Hij strijdt voor juridische erkenning dat kinderen als hij ook slachtoffer zijn van hun vaders daad. „Je moet leven met de wetenschap dat je voortkomt uit geweld.”
Jasper van den Hoek: "Wat mij is overkomen is zó lang niet belangrijk gemaakt."
Jasper van den Hoek (37) is geboren doordat zijn opa zijn moeder misbruikte. Ze raakte als minderjarige zwanger van hem. Zijn (groot)vader werd opgepakt en strafrechtelijk veroordeeld toen Jasper vijf jaar oud was. Nu streeft Van den Hoek naar erkenning dat hij, naast zijn moeder, óók slachtoffer is van het misbruik waaruit hij is geboren.
Vanzelfsprekend is dat niet. Van den Hoek meldde zich in 2023 bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven, dat maximaal 35.000 euro kan uitkeren aan mensen die slachtoffer zijn geworden van een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf en daardoor ernstig lichamelijk of geestelijk letsel hebben opgelopen. Aanvankelijk wees dit fonds zijn aanvraag af omdat hij niet ‘direct’ slachtoffer was van het zedenmisdrijf: het geweld was tegen zijn moeder gericht.
Van den Hoek ging in beroep bij de rechtbank Gelderland tegen de beslissing van het fonds. De rechtbank oordeelde dat een uit incest geboren kind wel degelijk óók slachtoffer is. De trauma’s leidden bij Van den Hoek tot depressies, problemen met het omgaan met emoties, verslaving en dakloosheid. Volgens de rechter ligt ernstige psychische schade voor een kind dat in deze situatie wordt geboren en opgroeit voor de hand, dus is er wel degelijk een rechtstreeks verband tussen het geweldsmisdrijf en de schade. De rechter weegt ook mee dat een uit incest geboren kind in een strafzaak tegen de dader wel een vergoeding kan vragen. Waarom dan niet door het Schadefonds, wanneer, zoals in dit geval, de dader is overleden? Het Schadefonds Geweldsmisdrijven kreeg opdracht om Van den Hoek als direct slachtoffer te erkennen.
Het fonds ging in hoger beroep – die procedure loopt nog. Tegelijk kende het Van den Hoek wel een vergoeding van 20.000 euro toe, omdat hij als kind getuige was geweest van het geweld tegen zijn moeder. Maar dat is voor Van den Hoek niet hetzelfde.
Samen met zijn advocaat Lisa-Marie Komp, vertelt hij op het kantoor van Prakken d’Oliveira in Amsterdam, over zijn zoektocht naar rechtvaardigheid.
Van den Hoek: „Het heeft mijn leven getekend. Ik heb heel veel therapie gehad, daardoor is mijn zelfbeeld wel veranderd. Maar ik heb me mijn hele jeugd een soort monster gevoeld. Niet alleen door mijn geboorte, maar ook doordat ik de trauma’s van mijn moeder op mij geprojecteerd kreeg. Ze kon vaak niet voor me zorgen en bracht me dan naar mijn oma en haar nieuwe man. Dan hoorde ik mijn moeder tegen haar zeggen: „Ik zie het in zijn ogen, hij is net zoals hem.” En daar bedoelde ze dan onze vader mee. Elke emotie die ik toonde, stootte haar af, daar kon ze niet mee omgaan. Ik geloof dat ik van nature een vrolijk kind was, maar het voelt ook alsof ik met een burn-out ben geboren. Het misbruik en het geweld tegen mijn moeder gingen nog jarenlang door, ik ben daar ook als jong kind bij geweest.”
Van den Hoek: „Zes jaar geleden werd ik zwaar mishandeld na een avond uit. Slachtofferhulp Nederland wees me toen op het Schadefonds en dat leidde tot een vergoeding. Ik begon te beseffen dat ik ook erkenning zou kunnen vragen als slachtoffer van incest. Pas een paar jaar later was mijn situatie stabiel genoeg om daadwerkelijk een aanvraag te doen.”
Advocaat Lisa-Marie Komp: „Het is veelzeggend dat je het fonds daarvoor niet kende: kinderen in jouw situatie staan niet op het netvlies. Als er maatschappijbreed begrip was geweest dat kinderen geboren uit incest slachtoffer zijn, dan was er ook aandacht geweest voor de risico’s die jij liep en was je zoektocht naar hulp heel anders verlopen.”
Van den Hoek: „Daarom vind ik het belangrijk dat hierover gepraat gaat worden. Ik weet hoe het is om niet gezien en gehoord te worden, hoe wanhopig dat je maakt. Als het hierdoor ook maar een béétje makkelijker wordt om hierover te praten, draag ik daar graag aan bij.”
„Ik kan alleen maar denken hoe verschrikkelijk het is wat die vrouw heeft meegemaakt, ik vind het moeilijk me daarmee te vergelijken. Er zijn nog steeds momenten dat ik denk dat ik me aanstel. Wat mij is overkomen is zó lang niet belangrijk gemaakt.”
Jasper van den Hoek.
„Ik ben er redelijk nuchter in, journalisten en politici zijn ook gewoon mensen. Maar het was wel een heel bijzonder moment toen de Tweede Kamer in september een motie aannam om het slachtofferschap van mensen als ik te erkennen. Dat ik dat in gang heb gezet, ongelooflijk.”
„Ja, dat is een dubbel gevoel. Ik had na de rechtbankuitspraak een prettig gesprek met het fonds en kreeg van hen erkenning voor het feit dat ik getuige ben geweest van het misbruik, maar niet dat ik slachtoffer ben van het misbruik zelf. Dat was teleurstellend. De zaak krijgt nu ook zoveel aandacht, dat ik de verantwoordelijkheid niet meer alleen kan dragen. Daarom heb ik Lisa-Marie erbij gevraagd.”
Komp: „Het fonds laat wel zien dat je ondanks juridisch verschil van inzicht respectvol met elkaar om kunt gaan, door naast het hoger beroep direct een toezegging te doen voor een uitkering en door op een prettige manier het gesprek aan te gaan. Ik ken helaas veel voorbeelden van overheidsinstanties waar het anders gaat.”
Van den Hoek: „Het is ook mijn ervaring dat instanties zelfreflectie meestal ongelooflijk moeilijk vinden. Terwijl medewerkers van het fonds me na de zitting ook zeiden dat ze er zelf van leerden.”
Komp: „Nee, dat begrijp ik wel. Het hoger beroep tegen de rechtbankuitspraak is de geëigende procedure om te vertellen wat hun bezwaren tegen die uitspraak zijn. Wij wachten nu op het processtuk waarin ze hun argumenten geven.”
Komp: „Voor mij is heel logisch dat Jasper als slachtoffer wordt erkend, vanwege het recht op identiteit. Vaak wordt gedacht dat dat iets nieuws is, maar dat recht is al decennia in het recht verankerd. In adoptiezaken speelt het vaak een rol. Het is voor iedereen belangrijk om een identiteitsontwikkeling door te maken. En daarvoor geldt als noodzakelijk dat je je afstamming kent. Je hebt dus het recht om te weten van wie je afstamt. Je kunt natuurlijk niet kiezen van wie je afstamt, maar incest ervaren wij als maatschappij als heel onnatuurlijk, om goede redenen. En dat onnatuurlijke zit bij incest verankerd in je dna, het is onveranderlijk. Daardoor heeft Jasper van begin af aan geen kans gekregen om een goede identiteitsontwikkeling door te maken.”
Jasper van den Hoek en Lisa-Marie Komp.
Tegen Van den Hoek: „En de incest heeft ook van begin af aan een normaal familieleven onmogelijk gemaakt tussen jou als kind en je ouders. Je vader was je opa en de dader, en je moeder was slachtoffer en moet zich tot jou verhouden, jij die voorkomt uit een misdrijf dat haar is aangedaan. Zoals de rechter het ook zegt: het ligt voor de hand dat de incest inbreuk heeft gemaakt op jouw rechten.”
Van den Hoek: „Voor mij gaat het nog verder, het gaat ook over mijn bestaansrecht. Ik heb heel lang ervaren dat ik dat niet had. Zelfs tegenstanders vinden abortus meestal nog acceptabel bij een uit verkrachting voortgekomen zwangerschap. Mijn moeder heeft ook wel eens verzucht dat ze dat beter had kunnen doen. En ik las laatst over iemand die problemen had met zijn ouders, en zei: maar ik ben wel dankbaar dat ze me op de wereld hebben gezet. Toen dacht ik: hoe kan ik dankbaar zijn dat mijn moeder is misbruikt?”
Komp: „Wat jij nu zegt over bestaansrecht, dat is ook beschermd. Juridisch duid je dat aan als algeheel persoonlijkheidsrecht; het identiteitsrecht is daar een element van.”
Van den Hoek: „Daar ben ik op getest, dat is bij mij niet het geval.”
Komp: „Ja, ook dan moet je leven met de wetenschap dat je voortkomt uit geweld en kan het, afhankelijk van de situatie, ook zijn dat je een normaal familieleven is ontnomen en dat je net als Jasper bovendien nog getuige wordt van geweld. Dat laatste wordt ook als kindermishandeling gezien.”
Van den Hoek: „In mijn behandeling bij de ggz was er aandacht voor ‘de eerste duizend dagen’, dus vanaf je conceptie tot je tweede, derde jaar. In mijn dossier staat letterlijk dat ik vóór mijn geboorte getraumatiseerd ben en ik heb daar ook therapie voor gehad. Toch willen veel mensen daar niet aan, het is controversieel. Ik vind het heel jammer dat het fonds zich er niet over heeft uitgesproken, terwijl ik er wel veel over heb aangedragen. Hopelijk komt dat in het hoger beroep nog aan de orde.”
Van den Hoek: „Ik wil graag iets moois achterlaten op de wereld. En het steekt ook dat nog steeds niet helemaal wordt gezien dat mijn vader mij dit heeft aangedaan. Als dat erkend wordt, kunnen ook instanties daar niet meer omheen. En er zitten zóveel facetten aan. Zo dacht ik laatst: waarom leidt het in het strafrecht niet tot een zwaardere straf als uit het misbruik een kind wordt geboren? Net als wanneer je een huis in brand steekt en daar nog iemand binnen was.”
Recht op identiteit
Het identiteitsrecht wordt onder andere beschermd door artikel 8 van het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het kind. Nederland heeft zich daarbij verbonden om het recht van het kind te eerbiedigen om ‘zijn of haar identiteit te behouden, met inbegrip van nationaliteit, naam en familiebetrekkingen zoals wettelijk erkend, zonder onrechtmatige inmenging.’ En als een kind ‘op niet rechtmatige wijze wordt beroofd van enige of alle bestanddelen van zijn of haar identiteit’, moet de Staat ‘passende bijstand en bescherming bieden, teneinde zijn identiteit snel te herstellen’.
Cijfers
Hoeveel mensen uit incest zijn geboren is niet bekend en waarschijnlijk ook niet te achterhalen. Wel heeft de Stichting Rutgers in 2006 berekend dat er toen ongeveer 14.000 kinderen leefden die waren geboren uit seksueel geweld (waaronder incest) tegen vrouwen tussen de 19 en 70 jaar oud.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC