Home

De morele wegloper

We zijn van de getuigenissen zomaar in het domein van de verantwoordelijkheden geduikeld, meteen na de verkiezingen. Ik spreek nu niet enkel namens mijzelf, maar vooral toch namens de Duitse socioloog Max Weber (1864-1920), die het verhelderende onderscheid maakte tussen een ‘overtuigingsethiek’ en een ‘verantwoordelijkheidsethiek’.

In de campagnetijd lieten de politici hun hart spreken, en bedwelmden de kiezers met politieke vergezichten. Nu de stemmen voor het grootste deel zijn geteld, is de politicus plots profeet af. Hij is een sjouwer geworden, die moet ‘leveren’, zoals je dat zegt over een meubelwinkel waar je net een bank hebt besteld. En de klant vraagt garantie voorbij de voordeur.

En toch was het moment dat me het meest is bijgebleven van de verkiezingsavond het afscheid van Frans Timmermans als leider van GroenLinks-PvdA; de man die besloot niet langer te ‘leveren’. De eerste exitpolls waren net binnen, de resultaten vielen meteen al tegen voor de rood-groene combinatie, en Timmermans trad terug. Juist door die beslissing op dat moment publiekelijk te nemen, en dus ook de partijverantwoordelijkheid te dragen, werd het een charismatisch afscheid. Timmermans dankte de zaal, de partijleden, de kiezers, maakte een zwierige buiging en liep toen daadwerkelijk weg.

Als student, lang geleden alweer, las ik dat mooie essay van Weber Politiek als beroep (1919), en het is dankzij een kernachtig stuk van Thor Rydin in De Groene Amsterdammer deze week, dat ik weer wist wat ik wel gelezen had, maar ook weer was vergeten. Weber schreef over ‘charisma’, dat onmisbare goedje voor een politicus, dat niet eigenhandig gebrouwen kan worden, maar dat de politicus in kwestie toebedeeld krijgt van anderen, zijn kiezers. In de getuigenisfase, vlak voor de verkiezingen, waarin de leider de ene na de andere fraaie frase aaneenrijgt, weet de politicus op voorhand ook (ik citeer nu Rydin): „Het zal nooit gaan zoals verwacht en toch moet er gehandeld worden; draag met mij bij voorbaat de schuld.”

„Draag met mij bij voorbaat de schuld”. Timmermans nam die schuld op zich voor GroenLinks-PvdA als geheel: hij werd dus even de zondebok waarop de frustraties van alle partijleden en stemmers geladen konden worden, en vertrok.

Weber had het in zijn tijd over „de morele leidraad van het charisma”. Want in de ogen van de socioloog was „moderne politiek” als een „seculiere religie”. Iemand zal zich moeten opofferen voor de partij en haar kiezers, iemand moet het boetekleed aantrekken, juist namens al die mensen die uit overtuiging op een partij hebben gestemd.

Ik heb niet op Timmermans gestemd, hij was als politicus niet mijn favoriet, maar zijn terugtreden was precies wat je moet verstaan onder ‘moreel charisma’: voorbeeldig. Hij verwittigde zijn achterban van zijn motieven, nam zijn verantwoordelijkheid en maakte de weg vrij voor een nieuwe leider.

Hij werd daarmee een wegloper, maar dan toch van een loepzuiver ander soort dan Geert Wilders. Die kreeg de naam ook, omdat hij twee keer was vertrokken; eerst in april 2012, als gedoogpartner van het kabinet-Rutte I, en vervolgens uit het laatste kabinet, dat in naam ‘Schoof’ heette, maar in alles het stempel van Wilders droeg.

Wilders verantwoordde zich nooit tegenover zijn partijleden, want die bestaan niet, hij wees alleen de andere coalitiepartners als schuldigen aan, en liep vervolgens weg om lekker toch te blijven.

Juist omdat Wilders zoveel charisma krijgt toebedeeld van zijn kiezers, is dat des te kwalijker. Alleen al in dat opzicht verschilt Timmermans hemelsbreed van hem. Timmermans is een morele wegloper.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next