Autonomie Door geen kinderen te krijgen een effectieve vuist maken naar een boze wereld? Je zou weleens het tegenovergestelde kunnen doen, betoogt Maartje Laterveer.
Naast vliegschaamte, vleesschaamte en koopschaamte, is er nu ook baarschaamte. Steeds meer jonge mensen geven aan geen kinderen op de wereld te willen zetten om niet nog meer bij te dragen aan de verwoesting van de planeet. Er worden ook andere redenen genoemd: de geopolitieke spanningen, de groeiende ongelijkheid in de wereld, de oorlogen. Het Engels heeft een pro-actievere term: daar heten de bewust kinderlozen (‘kindervrije’ is de term die ze zelf prefereren) ‘birthstrikers’ – zij die weigeren zichzelf voort te planten. Je zou het kunnen zien als een daad van verzet, een vuist tegen de machthebbers die de ellende in de wereld niet weten te stoppen, of zelfs een handje helpen. Het is echter de vraag in hoeverre dit werkelijk verzet is, of juist het toegeven aan de apocalyps.
Maartje Laterveer is journalist, schrijver en consultant.
Zo op het oog lijkt het een begrijpelijke keuze. Kinderen krijgen is een teken van hoop: je zet nieuw leven op de wereld in de verwachting dat dit een goed en voorspoedig leven zal worden. Er zijn echter steeds meer redenen om cynisch te zijn over de toekomst van onze planeet en het welzijn van toekomstige generaties. Wetenschappelijke, politieke en humanitaire analyses schetsen een beeld van overlappende crises die elkaar versterken en de veiligheid en levenskwaliteit van mensen wereldwijd bedreigen. Het Global Scenarios 2035-rapport van de OESO voorspelt dat klimaatverandering wereldwijd zal zorgen voor toenemende conflicten, honger en migratiestromen. Scenario’s laten zien hoe onvoorspelbare klimaatrampen zoals extreme droogte, hittegolven en overstromingen hele economieën zullen ontwrichten en de ongelijkheid in de wereld zullen vergroten, met groeiende geopolitieke spanningen tot gevolg. Democratische waakhond V-Dem rapporteerde al een gestage teruggang van liberale democratieën en de wereldwijde index laat zien dat er inmiddels meer autocratieën dan democratieën in de wereld zijn. Ook Nederland behoort nu tot de landen waar autocratiserende tendensen waarneembaar zijn, met dank aan het nationalistisch populisme dat ook hier floreert door misbruik te maken van de onzekerheid en desillusie van kiezers.
Voor sommige vrouwen – en enkele mannen – is dat laatste ook een reden om geen kinderen meer te willen. Bewuste kinderloosheid is voor hen een daad van verzet tegen de retoriek van de populisten om de vrouwenemancipatie af te schilderen als de bron van het morele verval en hun inzet op een herstel van de traditionele rolverdeling. Ook deze redenering is volkomen begrijpelijk. In Europa wordt actief propaganda gevoerd om het feminisme en bijbehorende verworven vrouwenrechten de das om te doen. Met name door vrouwen neer te zetten als fundamenteel andere wezens dan mannen, die voornamelijk dienen om kinderen te baren. Viktor Orbáns (premier van Hongarije) familiepolitiek dient hiertoe, maar ook Giorgia Meloni’s (premier van Italië) focus op het gezin als hoeksteen van de samenleving en de posters van de PVV met door AI gefabriceerde ideale gezinnen met een stralende blonde moeder in het middelpunt.
Hand in hand hiermee gaat de heropleving van traditionalistische ideologieën zoals de ‘tradwife’-beweging (influencers die op sociale media hun leven als onderdanige echtgenote promoten als natuurlijke bestemming voor vrouwen) en de ‘manosphere’ (mannen die online seksistische ideeën verspreiden en een dominante mannelijkheid propageren). Deze trends creëren een sociaal narratief waarin het moederschap wordt gekoppeld aan onderwerping, nationalisme en heteronormativiteit, waardoor jonge mensen bewust het moederschap afwijzen of uitstellen als een bevestiging van hun autonomie.
Het is alleen de vraag hoe autonoom deze keuze is, en überhaupt ooit is geweest. In haar pas verschenen boek Having It All: What Data Tells Us About Women’s Lives rekent de Amerikaanse econoom Corinne Low af met het idee dat kinderen krijgen voor vrouwen een vrije keuze is. Sinds de seksuele revolutie is dit idee wijdverbreid in het Westen, en dat is op zich niet vreemd. Voor de jaren zestig hadden vrouwen weinig opties om uit te kiezen. Je ging trouwen en kreeg kinderen, of je werd een oude vrijster. En zelfs dat was al niet een heel vrije keuze, tenzij je graag door het leven ging als iemand die door de communis opinio was afgeschreven. Dankzij veranderende mores, maar ook door de toegang tot anticonceptie en later ook abortus kregen vrouwen veel meer zelfbeschikking. Ze konden het krijgen van kinderen uitstellen of er helemaal vanaf zien. Ze konden ongewenste zwangerschappen afbreken, ze konden zelfs bewust ongehuwd moeder worden en dankzij de opmars van ivf soms zelfs zwanger worden wanneer hun dat niet van nature was gegeven. Er kwamen kinderdagverblijven, fiscale regelingen voor tweeverdieners en een toegenomen focus op vrouwenrechten die onder andere de onderwijskansen voor vrouwen aanzienlijk verbeterde. Inmiddels is het voor hen volstrekt vanzelfsprekend om te gaan studeren en daarna de opbouw van een carrière te combineren met de opbouw van een gezin. En dat lijkt een vrije keuze – maar dat is het niet, toont Low aan.
In feite is volgens de Amerikaanse econome geen enkele levensbepalende keuze een geheel autonome keuze – ook niet voor mannen. De beslissing om te trouwen, een carrièrepad te kiezen of kinderen te krijgen is een ‘deal’ die we sluiten onder invloed van economische, culturele en biologische omstandigheden. Kies je voor het een, dan kun je het andere niet of minder hebben (of krijg je het er juist gratis bij). Voor vrouwen ziet die afweging er anders uit dan voor mannen, zegt Low, omdat voornoemde omstandigheden voor hen wezenlijk anders zijn. Als vrouwen kinderen krijgen én fulltime werken, worden ze op het schoolplein afkeurend bekeken. Mannen daarentegen worden raar aangekeken als ze om vijf uur weggaan van kantoor om de kinderen op te halen. Van vrouwen wordt nog altijd verwacht dat ze het leeuwendeel van de zorgtaken op zich nemen, wat betekent dat ook in Nederland vrouwen doorgaans een paar uur meer per dag aan het huishouden besteden dan hun mannelijke partners. Het gevolg is dat vrouwen vaak vastzitten in een spagaat tussen verplichtingen thuis en de verwachting op werk dat ze altijd beschikbaar zijn – ook om ’s ochtends die call van 8 uur te doen, en om ’s avonds die vergadering tot 19 uur uit te zitten. Velen kiezen er daarom voor om parttime te werken zolang de kinderen jong zijn, wat ze de bijnaam deeltijdprinsesjes oplevert en een loon- en pensioenkloof van respectievelijk 10,5 en 40 procent. Veel mannen daarentegen krijgen niet de ruimte om parttime te gaan werken, of ze nemen die niet omdat ze bang zijn dat dit hun carrière schaadt. Vaak zijn ze tussen de 30 en 40 als de kinderen jong zijn, wat precies het decennium is waarbinnen belangrijke promoties worden gemaakt. Ook voor vrouwen, die zo een achterstand oplopen ten opzichte van mannen die hen inhalen op de carrièreladder. Veel ruimte om het moederschap uit te stellen hebben ze echter niet, want hun biologische klok stelt hen voor een meedogenloze deadline.
Zo bezien is het idee van een vrije keuze voor kinderen een mythe. Het lijkt evenzeer een mythe dat je door geen kinderen te krijgen effectief de wereld redt. Sterker, je zou weleens het tegenovergestelde kunnen doen.
Als je geen kinderen krijgt vanwege populisten die kinderen krijgen zien als vrouwelijke plicht, laat je hen bepalen hoe jij jouw leven vormgeeft. Daarmee erken je feitelijk dat het persoonlijke politiek is, zoals in de jaren vijftig, toen het recht op anticonceptie en abortus niet wettelijk waren verankerd.
Als het aan rechts-populisten ligt, gaan we wel weer terug naar die tijd. Hiertoe richten ze hun pijlen nu al niet alleen op wetten, maar vooral ook op sociale normen. Het is geen toeval dat zowel Wilders als Meloni als Orbán als Alice Weidel (leider van het Duitse AfD) hameren op een binair systeem, waarin vrouwen vrouwen zijn en mannen mannen, en al het andere onder de noemer ‘woke’ of ‘genderideologie’ kan worden gedegradeerd. Het is geen toeval dat Meloni consequent het moederschap verheerlijkt en Orbán verklaarde dat „de demografie staat of valt met vrouwen”, of dat Thierry Baudet in een essay schreef dat het problematisch is dat van moderne vrouwen verwacht wordt dat ze hun „traditionele rol als ondersteuner van de man” afwijzen en streven „naar een ‘gelijkwaardige’ relatie waarin ‘genderrollen’ inwisselbaar zijn”(aanhalingstekens van Baudet). Hun thematiek en vocabulaire lijken zo sterk op elkaar dat het er alle schijn van heeft dat ze een gezamenlijke agenda voeren, en allemaal Cass Sunstein hebben gelezen.
Harvard-professor Sunstein is een autoriteit op het gebied van sociale normen en conformiteit. In zijn klassiek geworden essay Social Norms and Social Roles (1996) stelt hij dat veel van wat mensen ‘vrije keuze’ noemen, in feite aangepast gedrag is dat wordt gevormd door sociale druk. Hij spreekt hierbij van ‘adaptieve voorkeuren’: het idee dat mensen sociale normen internaliseren en deze verwarren met persoonlijke voorkeuren en verlangens. Op het gebied van gender betekent dit dat zowel mannen als vrouwen hun rollen ‘leren’ door het gedrag van hun leeftijdgenoten te observeren en zich aan te passen om uitsluiting te voorkomen. En zo blijven gendernormen bestaan, zegt Sunstein, omdat we hierdoor ongelijke verwachtingen als ‘normaal’ of zelfs ‘natuurlijk’ beschouwen.
Dit is precies waar rechts-populisten op uit zijn: op het normaliseren van traditionele genderrollen en het kerngezin als maatstaf van de beschaving. Progressieven komen dan voor een duivels dilemma te staan. Krijgen ze kinderen, dan voldoen ze aan een sociaal narratief dat haaks op hun wereldbeeld staat. Weigeren ze dat narratief door geen kinderen te krijgen, dan erkennen ze tegelijkertijd het bestaan en de macht van dit narratief. De Franse filosoof Jean-Paul Sartre zou dat slavernij noemen vermomd als vrijheid.
Volgens Sartre, wiens vrijheidstheorie weer vaak opduikt in activistische kringen, was er niet zoiets als een vrije keuze – elke keuze was in zijn ogen per definitie vrij. De mens is veroordeeld om vrij te zijn, schreef hij, omdat je altijd een keuze hebt. Je hebt de keuze om je beslissingen te laten afhangen van externe factoren, zoals klimaatverandering, populisme of oorlogen – dan geef je je over aan cynisme of wanhoop. Je hebt ook de keuze om verantwoordelijkheid te nemen voor je eigen leven en deze invulling te geven op een manier die past bij jou en jouw waarden. En die vrijheid doet zich het meest gelden wanneer je het minst vrij bent. „Nooit zijn we vrijer geweest dan tijdens de Duitse bezetting”, schreef Sartre in september 1944, kort na de bevrijding van Parijs. Wat hij bedoelde was dat juist onder totalitair geweld elke keuze een diepgaande betekenis krijgt. Wanneer je het recht om te spreken is ontnomen, wordt elk gesproken woord een bevestiging van waar jij voor staat. Maar ook elke stilzwijgende instemming.
De ultieme vrijheid zit in jezelf. Sartre ontkende hiermee niet de verschrikkingen waar zijn landgenoten voor stonden, integendeel. Hij meende dat ze juist in het aangezicht van marteling, deportatie en dood werden gedwongen hun eigen vrijheid onder ogen te zien. Vrijheid werd in zijn ogen niet verminderd door onderdrukking, zij werd juist scherp zichtbaar gemaakt. Beperkingen maken mensen bewust van hun vermogen om te kiezen, al is het slechts de manier waarop ze hun lot tegemoet treden.
Nu we worden geconfronteerd met andere beperkingen, is de verleiding groot om deze externe crises onze meest intieme beslissingen voor ons te laten nemen. Maar dit, zou Sartre betogen, is precies het moment waarop vrijheid vereist dat we bewust kiezen, waarbij we zowel het gewicht van onze omstandigheden erkennen als ons onvervreemdbare vermogen om onze reactie daarop vorm te geven. Of je nu kinderen krijgt of niet, het gaat om de reden waarom. Is het uit wanhoop, dan geef je je vrijheid op. Is het in lijn met wat jij belangrijk vindt en koestert, dan neem je de vrijheid jouw leven in te vullen zoals jij dat wil. En dat is misschien wel de meest radicale daad van verzet.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC