Home

Praktische magie, daarmee bouwde Florence + The Machine haar nieuwe album: ‘Ik had behoefte aan aardse, natuurlijke dingen’

Het nieuwe album van Florence + The Machine staat bol van woede en hekserij. Frontvrouw Florence Welch vertelt over haar behoefte aan het bovennatuurlijke, haar ‘metafysische’ ervaringen en de woede over de oneerlijke verstrengeling van haar carrière en haar biologische klok.

is popredacteur van de Volkskrant.

Dat het nieuwste album van indiefolkiconen Florence + The Machine uitkomt op de dag van Halloween, is natuurlijk geen toeval. De titel Everybody Scream en de onheilspellende orgelklanken waarmee het album begint, vormen de opmars voor een album vol angst, woede, mystiek en hekserij.

De muziek van Florence + The Machine heeft altijd al een bovennatuurlijk tintje gehad, en frontvrouw Florence Welch (39) heeft zelf iets elfachtigs: met haar lange golvende haar en dito jurken boven blote voeten. Maar dit album leunt sterker dan ooit op hekserij, vertelt Welch in een weelderige hotelkamer in Londen. ‘Ik heb ervaren dat er iets metafysisch kan voorvallen tijdens optredens, en dat wilde ik onderzoeken.’

Sinds hun debuutalbum Lungs (2009) is de Britse band een vaste waarde in de alternatieve muziek. Met Welch als liedschrijver en charismatische zanger met het stemgeluid van een operazingende engel bestormden ze van begin af aan hitlijsten en hoofdpodia. Vrijwel direct na hun debuut belandden Dog Days Are Over en You’ve Got the Love in het collectief popgeheugen.

Verbinding met het spirituele

‘Ik heb altijd al een zekere kracht gevoeld bij het schrijven en optreden’, zegt Welch. ‘Alsof er iets bovennatuurlijks door mij heen stroomde. Soms komen er hele liedjes tot me, dan voel ik me een soort portaal voor de muziek. Zo voelt optreden ook: alsof er iets gebeurt dat groter is dan ikzelf.’

Dat klinkt wat zweverig voor de nuchtere luisteraar, maar Welch heeft ‘sterke aanwijzingen’, zegt ze. Tijdens de tour van haar vorige album Dance Fever, bijvoorbeeld, stapelde de fysieke misère zich op, maar door de roes van het optreden had ze dat zelf niet door. ‘Ik heb gewoon doorgezongen en gedanst op een gebroken voet, en ik voelde niks. Tijdens het schrijven en optreden bevind je je zozeer in het spirituele, dat je niet eens pijn kunt voelen. ’

Later moest ze door acute medische problemen zelfs een levensreddende spoedoperatie ondergaan. Welch houdt de details voor zichzelf, maar de gevolgen ervan zijn verspreid door het hele album. ‘Ik heb iets meegemaakt wat me op mijn knieën heeft gedwongen’, zegt ze. ‘Nu zoek ik iets helends vanuit de natuur.’

Praktische magie

‘Moderne geneeskunde heeft mijn leven gered en daar ben ik heel dankbaar voor’, zegt Welch. ‘Maar zo’n operatie is op zijn eigen manier ook gewelddadig. Ik had daarna behoefte aan aardse, natuurlijke dingen.’

Dus verdiepte ze zich in praktische magie. ‘Tijdens de middeleeuwen was magie een normaal onderdeel van het leven’, aldus Welch. ‘Als je bijvoorbeeld je middeleeuwse equivalent van een sleutelbos kwijt was, ging je naar een heks voor een spreuk om die weer te vinden.’

Dat is handig, maar het ging Welch niet per se om praktische ongemakken. ‘Ik had het idee van magie nodig om te kunnen begrijpen wat er met me was gebeurd, om er iets van betekenis in te kunnen vinden.’

Hekserij en het archetype van de heks hebben Welch altijd mateloos gefascineerd. Op school al begon ze een heksenkring met een paar vriendinnen. Al kwam dat volgens haar vooral door de heksenfilm The Craft (1996), die ‘een enorme culturele impact’ had op haar generatie.

‘In iedere cultuur zijn wel heksenverhalen te vinden’, zegt Welch. Daar word je je des te sterker van bewust wanneer je je, net als zij, verdiept in thema’s als dood en geboorte. ‘Ik had een bijna-doodervaring, daardoor heb ik voor dit album veel nagedacht over de dood en het creëren van leven. Dat kun je niet onderzoeken zonder bij hekserij uit te komen.’

De laatste jaren spelen gedachten aan geboorte en moederschap meer op. ‘Tot mijn 30ste heb ik niet stilgestaan bij de verschillen tussen mij en een frontman’, zegt Welch. ‘Ik haatte het als mensen mij vroegen hoe het was om een frontvrouw te zijn, ik vond dat zo reducerend. Bovendien voelde ik me nergens in geremd ten opzichte van mannen. Ik had zoiets van: ik kan alles wat zij kunnen, kijk maar.’

Schreeuwen van frustratie

Van die onverschillige bravoure is weinig meer te merken op het snedige One of the Greats: ‘It must be nice to be a man, and make boring music just because you can.’ Welch is boos, eindelijk, omdat de oneerlijkheid van haar positie zich nu aan haar opdringt.

‘Ik verlang naar dingen waar andere mensen ook naar verlangen’, zegt Welch. ‘Maar als ik een gezin wil, begint voor mij de tijd te dringen. Voor de mannen niet. Dat is niet hun schuld, maar het is zo fucking oneerlijk.

‘Ik heb deze carrière, waar ik zo hard voor heb gewerkt. Ik heb mijn hele leven eraan toegewijd. Maar de biologische klok begint te tikken, terwijl ik vind dat ik juist net mijn piek als artiest bereik.

‘Het wordt je aangepraat dat het onverantwoordelijk is als je je als vrouw niet afkeert van je carrière. De laatste vijf jaar werd ik daar steeds bozer en gefrustreerder over, het is zo’n biologisch onrecht.’

Op You Can Have It All schreeuwt Welch van frustratie. ‘Het maakt me zo fucking boos dat ons verteld wordt dat we alles kunnen hebben’, zegt ze. ‘In mijn werkveld moet ik het hebben van touren en optreden: mijn lichaam is zo ongeveer mijn baan. Als ik mijn lichaam ergens anders voor wil gebruiken, heeft dat grote consequenties voor mijn werk.’

Giftige liefdesverklaring

Het toursysteem is niet gebouwd voor vrouwen, er bestaat geen zwangerschapsverlof voor muzikanten. ‘De vorige twee albums voelde ik me vrijgesproken van gendergerelateerde verwachtingen, omdat wat ik aan het doen was zoveel groter was dan dat’, zegt Welch. ‘Dat was enorm bevrijdend, maar de afgelopen paar jaar komt de klap daardoor extra hard aan.’

Een vorm van geruststelling kwam van zangeres en liedschrijver Mitski (Mitsuki Laycock), die meeschreef aan dit album. Mitski was het met Welch eens, dat zij als vrouwen meer opofferen als ze hun lichaam wijden aan het optreden. Maar doordat het hun meer kost, zo redeneert ze, is het óók meer waard.

Hun band met het podium verwerkten ze samen in het titellied Everybody Scream. ‘We hebben eenzelfde relatie tot ons werk’, zegt Welch. ‘Het vraagt veel van ons, maar we blijven terugkomen. Het doet ons pijn, maar we kunnen niet zonder.’

Het resultaat is een giftige liefdesverklaring aan het podium: ‘She gives me everything, I feel no pain/ I break down, get up, and do it all again/ Because it’s never enough, and she makes me feel loved.’

Indie-Avengers

De titel van dit nummer en het album lagen al even klaar. Niet per se omdat Everybody Scream de woede, wanhoop en angst van het album zo goed vangt, maar omdat het (ongeveer) rijmt op Florence + The Machine, geeft Welch toe. ‘Als je je ooit afvraagt waarom een artiest een bepaald woord koos: waarschijnlijk omdat het rijmt’, lacht Welch. ‘Je kunt veel van de mystiek van muziekteksten wegnemen met dat gegeven.’

Behalve Mitski schreef onder anderen ook Mark Bowen van postpunklieveling Idles mee. The National-gitarist en superster-producer Aaron Dessner produceerde het album. Welch, giechelend: ‘Iemand noemde ons de indie-Avengers.’

Het is absoluut een sterrenteam, waarin de uitmuntende combinatie van Bowen en Mitski het best te horen is in het titelnummer. De stampende woede van Bowen gedijt prima onder het vleugje vederlichte mystiek dat Mitski toevoegt.

‘Mitski is een van mijn favoriete liedschrijvers, ze is een soort magisch wezen’, zegt Welch. ‘Elke keer als zij een nummer uitbrengt, denk ik: dit is het beste nummer ooit gemaakt. Ik heb tranen met tuiten gehuild toen ik Bug Like an Angel hoorde.’

En Dessner, ook niet de minste, produceerde volgens de Grammy-academy twee keer een album van het jaar (waaronder Taylor Swifts Folklore). Welch: ‘Ik ontmoette hem voor het eerst ergens in een bos. Hij had prachtig, lang haar. Het leek wel een ontmoeting tussen twee figuranten uit Lord of the Rings.’

Los van de sprookjesachtige uitstraling, bleken de twee ook muzikaal goed bij elkaar te passen. ‘Ik heb weleens meegemaakt dat producers mijn muziek te raar vonden’, zegt Welch. ‘Ik heb iemand nodig die snapt waarom ik lelijke geluiden gebruik, die begrijpt hoe belangrijk de wreedheid en rauwheid is. Zolang er maar een laag zwevende vocalen overheen gaat. Aaron, de tovenaar, begreep dat meteen.’

Dat wil niet zeggen dat Welch tevreden is over het eindresultaat. ‘Ik heb zes albums gemaakt, en het is nog geen enkele keer voorgekomen dat ik er klaar voor was om het in te leveren’, zegt ze. ‘Iemand moet het altijd met geweld van me afnemen.’

Ach, het hoort bij haar inborst. ‘De creatieve staat is er een van onverbiddelijke onvrede’, zegt Welch. ‘Zoals danser en choreograaf Martha Graham zei: de goddelijke ontevredenheid blijft ons vooruit stuwen.’

Everybody Scream van Florence + the Machine (Polydor) verschijnt op 31 oktober.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next