Home

Europese media opgelucht na verkiezingsuitslag, maar: ‘Solide worteling radicaal-rechts zit formatie in de weg’

In Europa wordt opgelucht gereageerd op de Nederlandse verkiezingsuitslag. Maar er is ook realiteitsbesef dat het rechts-populisme niet aan kracht heeft ingeboet.

is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.

Yes, he can (The Economist), ‘De opmars van rechts-populisme is geen natuurwet’ (Handelsblatt), ‘de progressieve en pro-Europese partij van Rob Jetten is de verrassing van de verkiezingen’ (Le Monde), ‘Centrist Jetten rekent erop een kabinet te vormen na verlies uiterst rechts’ (Reuters).

In berichten van gevestigde internationale media over de voorlopige uitslag van de verkiezingen klinkt enige opluchting door over de stijgende kans dat Nederland opnieuw een belangrijke rol zal kunnen opeisen in de Europese en trans-Atlantische diplomatie, als vijfde economie van de Europese Unie, en als relatief grote leverancier van hulp aan Oekraïne.

Gunfactor

Hoewel die hulp op peil bleef tijdens het kabinet-Schoof, heeft Nederland volgens diplomaten snel in aan invloed ingeboet. Dat leek onvermijdelijk na het vertrek van Mark Rutte, die in zijn veertien jaar als premier een belangrijke plek verwierf in de Europese diplomatie. Maar de terugval werd vergroot door de rol van de radicaal-rechtse populisten in het kabinet, en de partijloze premier die het leidde.

Premier Dick Schoof miste in Brussel de aansluiting, de contacten en de ‘gunfactor’ die zijn collega’s krijgen uit hun ideologische bloedgroepen (christendemocraten, socialisten, groenen, et cetera.). Het beeld werd er niet beter op door vakministers die niet langer werden gezien als constructieve spelers, bijvoorbeeld op het vlak van migratie of landbouw.

‘De Europese Unie zou tevreden moeten zijn met de uitslag’, schrijft de Vlaamse journalist Jean-Pierre Stroobants in Le Monde. ‘Zij moet ook hopen op de snelle formatie van een coalitieregering zonder partijen die, hoewel ze geen vraagtekens plaatsten bij steun aan Oekraïne, de rem hebben gezet op debatten over diepere integratie of de veiligheid van het continent.’

De uitslag biedt hoop dat Nederland kan terugkeren naar de Europese arena als ‘constructieve, zuinige dealmaker’, stelt Sander Tordoir van de denktank Centre for European Reform.

Ook Handelsblatt houdt de moed erin en spreekt van ‘het succes van Jetten – en in mindere mate Henri Bontenbal – dat zorgde dat Wilders zo krachtig verloor. De combinatie van heldere antipopulistische retoriek en een restrictiever immigratiebeleid kan werken tegen rechts-populisten.’

The Economist, dat het vorige kabinet afdoet als ‘een rommelig boeltje dat weinig presteerde en minder dan een jaar regeerde’, constateert dat de Nederlandse kiezer in meerderheid heeft gekozen voor Jettens ‘positieve krachten’.

Dubbele realiteit

Ondanks deze optimistische noten koesteren internationale media weinig illusies over de diepgang van de omwenteling, of over de kans dat er snel een nieuw kabinet kan zitten.

‘Dat een progressieve liberale partij een hard-rechtse partij versloeg, betekent niet dat het electoraat veel naar links is verschoven’, stelt The Economist. ‘Als een progressief in een naar conservatisme neigend land zal de heer Jetten het moeilijk krijgen om een regering samen te stellen’ die de taaie uitdagingen aankan.

‘De ideologische opmaak van Nederland is misschien weinig veranderd, maar het humeur wél’, aldus het Britse blad.

Ook Le Monde ziet hoe de ‘dubbele realiteit’ van de verkiezingsuitslag – progressieve winst naast de ‘solide worteling van radicaal- en extreemrechts’ – de spoedige vorming van een nieuwe coalitie in de weg kan gaan zitten. Er wachten waarschijnlijk ‘lange en complexe onderhandelingen’, terwijl het demissionaire kabinet-Schoof de zaken blijft waarnemen.

Ondanks alle mitsen en maren is er vooral in Brussel – zowel bij de EU als de Navo – hoop dat er binnen afzienbare tijd weer een door middenpartijen gedragen kabinet komt, dat een constructieve rol kan en wil spelen in de grote vraagstukken van deze tijd, geleid door een jonge premier uit een pro-Europese partij.

Het is nog afwachten

Maar de aarzelingen zijn begrijpelijk. Want in hoeverre een toekomstig kabinet-Jetten aan zulke verwachtingen kan of wil voldoen, en of de door diplomaten en de oppositiepartijen vaak bezongen afkalving van Nederlandse invloed kan worden gekeerd, moet worden afgewacht.

Daarbij speelt ook de uitkomst van de coalitieonderhandelingen een grote rol, en dat strekt verder dan de vraag wat er overblijft van ontwikkelingssamenwerking.

Ironisch genoeg, gezien de onwil van de VVD om met links te regeren, valt er inzake internationale veiligheid makkelijker een centrumlinks dan een centrumrechts kabinet te smeden. JA21, de beoogde coalitiepartner op rechts, bestaat deels uit Forum voor Democratie-spijtoptanten. Hoewel de partij wel voor steun aan Oekraïne is, verzet het zich tegen Oekraïens Navo- of EU-lidmaatschap.

Verenigd front in debat

Tijdens een recent verkiezingsdebat in De Balie vond Michiel Hoogeveen (JA21) hierover een verenigd front tegenover zich van Volt, VVD, GroenLinks-PvdA, CDA en D66. ‘Alleen Denk, SP en PVV delen uw mening’, schamperde Eric van der Burg (VVD).

Maar Hoogeveen bleef erbij dat zo’n strategisch doel ‘te risicovol’ is en ‘een onnodige provocatie’ aan Rusland. ‘Oekraïne is te ver naar het oosten, het is te anders, het is te veel in de Russische invloedssfeer.’

Nog even afwachten dus, welke internationale oriëntatie Nederland precies krijgt onder een nieuwe coalitie.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next