De wetenschapsredactie beantwoordt kleine en grote vragen die lezers bezighouden. Deze week: wat te doen tegen brillen die beslaan?
Een tocht door de regen is meestal geen pretje. Brildragers hebben als extra probleem dat de waterdruppels op hun brillenglazen het zicht belemmeren. ‘Maar waarom wordt de binnenkant van mijn bril dan nat?’, vraagt lezer Mieke van den Berg zich af.
Het antwoord begint bij de regen. De druppels die op de stoep kletteren, ontstaan wanneer warme, vochtige lucht opstijgt en afkoelt. De waterdamp in de lucht verandert dan in kleine druppeltjes, die wolken vormen. Koude lucht kan namelijk minder water vasthouden dan warme lucht. Als die groot en zwaar genoeg zijn, vallen ze als regen naar beneden.
Er zit dus veel water in de lucht als het regent. Wanneer je dan met een bril op naar buiten loopt, slaat de waterdamp neer op de brilglazen – maar alleen als de bril kouder is dan de buitenlucht. Dit zie je als kleine druppeltjes water. Maar hoe komt dat?
Het is hetzelfde als een spiegel in de badkamer tijdens het douchen. De warme, vochtige lucht botst tegen een koude, glazen spiegel aan. Daardoor vindt er een zogenaamde ‘faseovergang’ plaats: het water dat als een gas in de lucht zit, slaat neer als vloeistof op de spiegel. Dat fenomeen kennen we als condenseren.
Dat ‘koude bril, warme vochtige lucht’-scenario zal menig brildrager ook tijdens de winter herkennen. Doordat je van een koude, droge buitenlucht in een warme huiskamer komt, beslaan ook dan de brillenglazen. Daarnaast kan ook je warme adem – zeker wanneer een mondkapje alle lucht richting je ogen duwt – de koude bril doen beslaan.
Is er wat aan die condensdruppeltjes te doen? Jazeker, door bijvoorbeeld het temperatuurverschil te verkleinen. Verwarm de koude spiegel en de waterdamp zal de glasplaat niet beslaan. Dit kun je doen met een föhn, of door een spiegel met een verwarmingselement in huis te halen.
Een bril opwarmen is lastiger, al is het maar omdat je onderweg geen föhn bij de hand hebt. Astronauten hadden in de ruimte een vergelijkbaar probleem: hun vizier besloeg wanneer ze buiten in de ruimte rondhupten. De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie Nasa ontwikkelde daarom in 1966 een speciale spray, waardoor water het zicht niet meer zou belemmeren.
Dankzij het goedje kan het water beter hechten aan het glas, waardoor de condens een dun laagje water vormt in plaats van kleine druppeltjes. Daardoor kun je gewoon door je bril blijven kijken. Vergelijk het met een vijver. In het stille, strakke water kun je de vissen zien zwemmen. Maar als je er een handvol steentjes in gooit, komen er golfjes en wordt het oppervlak onregelmatig. Als gevolg kun je niet door het water heen kijken.
Met zo’n spray kun je dus zorgen dat de binnenkant van je bril niet beslaat. Maar om de rest van de bril ook droog te houden, moet je toch een paraplu meenemen.
Met dank aan Philippe Corboz, universitair hoofddocent gecondenseerde-materiefysica aan de Universiteit van Amsterdam.
Zelf een vraag voor deze rubriek? Mail naar willenweten@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant