Terwijl ik voor mijn gevoel samen met mijn broertje flaneerde in de buurt van het Leidseplein, kreeg meneertje op zijn beurt de behoefte om het gal uit z’n geest spuwen. Eigenlijk is het mijn neefje trouwens, maar zo gaat dat bij Srananmangs, neefjes promoveren algauw tot broertjes. Maar goed, hier had hij behoefte aan na de zoveelste ruzie om niets met zijn babymomma, de moeder van zijn kind. Ik had te doen met hem. Conflicten tussen mensen die in het verleden in een relatie met elkaar hebben gezeten gaan zelden over hetgeen waar zij denken ruzie over te maken. Bijna altijd is het een dieperliggend, meestal emotioneel geladen, pijnpunt. Is ook gek toch, dat je het ene moment zo verweven met elkaar het leven deelt, om na verloop van tijd diezelfde persoon als vijand te zien. Ik probeerde hem dit uit te leggen, en te vertellen dat zij beiden emotioneel gezien veel intelligenter met elkaar om moeten kunnen gaan. Dat was precies het advies waar hij niet op zat te wachten.
Mijn ex-schoonmoeder zei altijd wanneer ik issues had met mijn vrienden: it takes two to tango. Naar elkaar wijzen heeft weinig tot geen zin, gezien een conflict altijd twee partijen betreft. Toen me neefje mij probeerde uit te leggen dat het wel echt aan zijn babymomma lag in dezen gooide ik de handdoek in de ring, en besloot ik maar enkel te luisteren in plaats van te reageren vanuit rationele ingevingen. Soms is dat ook genoeg, een luisterend oor bieden aan iemand die er mentaal even doorheen zit. Laat ik hem een gunst doen dacht ik bij mezelf, want het gaat toch niet om mij.
Terwijl mijn neef bleef praten als een broken record, genoot ik van het avondbriesje wat ons tegemoet kwam tussen Overtoom en Surinameplein. Het was een van de laatste zomerachtige dagen dit jaar, maar liefst 20 graden volgens het KNMI. Zelfs de zon zagen we nog onder gaan. Wat een mooie dag, dacht ik bij mezelf, en wat faya voor mijn neef dat hij dit alles niet ziet terwijl we pal naast elkaar lopen. Dwalend in mijn bevindingen realiseerde ik mij dat de schoonheid van het leven er ieder moment is, zelfs wanneer je loopt te piekeren.
Nadat de laatste kokhalzen uit zijn psyche achter de rug waren begon ik er toch maar over, want nu we in de herfst zitten behoren zulke dagen tot het zeldzame. „Kijk voor je”, zei ik, „kijk hoe mooi die libi is, en kijk hoe mooi jullie dochtertje is. Het is toch zonde om telkens als botsauto’s tegen elkaar in te gaan terwijl jullie het zolang dat kind bestaat met elkaar moeten doen. Jullie dragen gezamenlijk zorg voor een mens! Een heiligdom! Dus kappen nou met die nonsens.”
En alsof ik na eerst de verkeerde sleutel in het grendel te porren nu de juiste tevoorschijn haalde, stond mijn neefje plotseling open voor een ander perspectief. Het begon tot hem door te dringen dat het net zo goed zijn verantwoordelijkheid is als die van zijn babymomma om de boel in het gareel te houden. Soms moet je simpelweg stilstaan bij de schoonheid van die libi die ons gewoon zo de schoot in is geworpen. Want met dat besef verdampen veel van de shenanigans waar het ego ons naartoe leidt. „Misschien moeten ik next time samen met haar zo’n wandeling als dit maken”, zei hij.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC