Home

Visuele trucs zorgen voor optimale spanning en sensatie in ‘Het serpent’

Strips Strips lenen zich met hun samenspel van tekst en beeld uitstekend voor het thriller-genre, zoals de verstripping van Het serpent van Pierre Lemaitre laat zien. Bij de horror in de Bloeddorst-anthologie gaat het vooral om perverse visuele prikkels.

Beeld uit 'Het serpent'

Het serpent, de puike verstripping van de roman van de Franse thrillerauteur Pierre Lemaitre, laat in optima forma zien waartoe het beeldverhaal in staat is. Vanaf het gruwelijke begin wordt het lezersoog over de pagina’s gedirigeerd, waarbij het visuele spektakel veel, maar lang niet alles prijsgeeft.

Pierre Lemaitre & Dominique Monféry: Het serpent.

Standaard uitgeverij. 128 pagina’s hardcover. € 25,95.

De moordpartij is evident, maar wat een onwaarschijnlijke dader en waarom praat ze met haar hond? Waarom is dat beest er eigenlijk bij? Al die vragen zetten de boel op scherp: het is knap hoe we nog niets weten, maar tegelijk een enorme voorsprong hebben op de rechercheurs die zich vervolgens over de zaak buigen.

De openingsscène van Het serpent is een goed voorbeeld van hoe een beeldverhaal spanning opbouwt. De lezer weet meteen meer dan de personages, wij hebben iets waargenomen wat niet voor onze ogen bestemd is. Later volgt nog een soortgelijke situatie: de rechercheur heeft de dader bijna ontmaskerd, maar wij weten niet of hij dat zelf doorziet. Want terwijl hij aan de keukentafel voor zich uit kijkt, speelt er iets achter zijn rug.

Het thriller-genre gedijt prima bij dit soort visuele trucjes en maakt van Het serpent een geslaagde strip, nog los van de fantastische dialogen die het verhaal echt op een hoger plan tillen: het sarcasme van de dader en het banale simplisme van de rechercheurs zijn prachtig tegenstrijdig.

Bebloede dalmatiër

In Het serpent, dat als roman in het Nederlands verscheen in 2022, is een twijfelachtige hoofdrol voor de 63-jarige huurmoordenaar Mathilde, de humeurige bazin van een dalmatiër. Die hond figureerde al op de romanomslag, maar wat stripmaker Dominique Monféry op de cover van het stripalbum doet is fraaier: daar zijn de karakteristieke vlekken op de vacht afgewisseld met bloedspatten. Er wordt namelijk genoeg geknald, al wordt Mathilde met de jaren slordiger in haar werk en moet ze uiteindelijk zelf vrezen voor haar opdrachtgevers. Zover wil ze het natuurlijk niet laten komen.

Beeld uit ‘Het serpent’

Monféry heeft het thriller-gevoel goed in zijn vingers: zodra er geweld aan te pas komt, veranderen de kaders van geordend naar chaotisch en tekent hij tot aan de bladrand. Ook de kleuren bewegen mee met de gewelddaden. Daar speelt Monféry ook mee: soms lijkt hij razernij aan te kondigen om het met een sisser te laten aflopen. Dan dagen de kleuren de lezer uit. Het zijn knappe, beeldende vondsten, die het verhaal optimaal dienen.

Verontrustend

Aan beeldende vondsten schort het ook bepaald niet in de 25 bijdragen aan de tweede Bloeddorst-anthologie. Het is een flinke, verontrustende verzameling horrorverhalen van eigen bodem, opgetuigd in stemmig zwart-wit. Het voorplat laat er geen misverstand over bestaan: het is enger, zieker en grensverleggender dan de eerste anthologie, die achttien jaar geleden het duistere licht zag. Onder redactie van filmregisseur en scenarioschrijver Martin Koolhoven jagen stripmakers als Fred de Heij, Ralf van der Hoeven, Maarten Janssens en Remco Schoppert de lezer angst aan, op het schokkende af.

Diverse auteurs: Bloeddorst #2.

Uitgeverij Bloeddorst. 164 pagina’s. € 35,00

Het subtiele samenspel van tekst en beeld van Het serpent is beduidend minder aanwezig in Bloeddorst. Vaak kiezen de auteurs, ook ingegeven door een beperkt aantal pagina’s, voor een snel exposé, gevolgd door waar het voornamelijk om draait: gespleten schedels, vallende messen en pruttelende ingewanden. Het is geen kwestie van hoe het zich aandient, maar wanneer. Veel tijd om de lezer in slaap te sussen en op een onbewaakt moment toe te slaan, is er niet. Zoals Koolhoven het in zijn voorwoord immers onomwonden stelt: „We komen niet voor de boodschap, niet voor de intellectuele prikkeling – we komen voor de emoties.” En wel meteen.

Schrikmoment

Omdat Bloeddorst een samenwerking is van strip- en filmauteurs (de scenario’s zijn in een aantal gevallen geschreven door filmmakers) is het gepast om de vergelijking met dat medium te maken. Het schrikeffect van horror wordt in film vaak ondersteund met geluid en ingeleid met dreigende muziek. Die emotionele laag ontbreekt in het beeldverhaal. Ook het plotselinge van de actie, van het ultieme schrikmoment, is afwezig in strip. Vergelijk het met de miraculeuze omhaal in een voetbalstrip: je weet pas dat het een doelpunt is als ze in het volgende plaatje juichen.

Beeld uit ‘Bloeddorst #2’

Op het gevoel spelen is een legitieme keuze en werkt in een paar korte verhalen prima, maar maakt het geheel door de herhaling minder sterk. Daarbij verschilt het niveau van de verhalen nogal. De donkerste bijdragen uit Bloeddorst zijn niet toevallig ook op tekstueel niveau de beste, met name de strips van Milan Hulsing, Stephan Louwes en Ludwin Schouten. Strips waarin de gruwelijke ranzigheid volgens het spoorboekje komt, vallen plat. Wie alles achter elkaar doorleest, kan overprikkeld raken of de slappe lach krijgen.

Beeld uit ‘Bloeddorst #2’

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next