Koerden De PKK besloot haar strijders volledig terug te trekken uit Turkije richting Irak en zet zo een stap in het moeizame vredesproces. Hoe gaat president Erdogan hierop reageren?
PKK-strijders die zich terugtrokken uit Turkije wonen een bijeenkomst bij in het noorden van Irak.
Kort voor een nieuw vredesoverleg kondigde de PKK aan zich volledig terug te trekken uit Turkije. Strijders gaan naar Noord-Irak „om botsingen of provocaties te voorkomen”, zei de hooggeplaatste PKK-vertegenwoordiger Sabri Ok zondag. Hij voegde eraan toe dat de PKK ondanks de terughoudende opstelling van de Turkse regering blijft „streven naar een vrij, democratisch en broederlijk leven in de toekomst”. De aankondiging van zondag kwam na een jaar van moeizame vredesbesprekingen tussen de Turkse regering en de PKK, die in Turkije, de VS en verschillende EU-landen als terroristische organisatie is aangemerkt vanwege bloedige aanslagen.
Na een oproep van PKK-leider Abdullah Öcalan gooiden deze zomer PKK-strijders tijdens een ceremonie symbolisch hun wapens in het vuur. De voor veel Koerden geliefde en door nationalistische Turken intens gehate leider was na een gevangenschap van 26 jaar voor het eerst per videoverbinding te zien en riep de PKK op de wapens neer te leggen en de Koerdische strijd voor zelfbeschikking op vreedzame manier voort te zetten. Maar de PKK heeft nog niet alle wapens ingeleverd.
Hoewel er voorzichtig positieve reacties kwamen van zowel Turkse als Koerdische kant, komen er sinds de zomer weinig details naar buiten over het vredesproces. De vraag blijft of er een eind komt aan een van de langstlopende conflicten ter wereld. In ruim veertig jaar heeft dat aan zo’n 40.000 mensen het leven gekost. Eerdere vredesbesprekingen zoals in 2015 liepen uit op een mislukking.
Met de aankondiging van een volledige terugtrekking van de PKK uit Turkije kaatsen de Koerden de bal nu naar de Turken. Wat de Turkse regering onder leiding van president Recep Tayyip Erdogan gaat doen blijft onduidelijk en is daardoor voer voor speculaties onder Turkse analisten.
Reha Ruhavioglu, directeur van het Kurdish Studies Center, ziet de terugtrekking naar Irak als een stap om vertrouwen te kweken bij de Turken. „In de Turkse publieke opinie bestaat weinig vertrouwen in de PKK en de wil om de wapens neer te leggen. Zolang dit vertrouwensprobleem blijft bestaan, is het vredesproces een politiek risico voor de regering.”
Volgens Ruhavioglu zullen Turken die zich ongemakkelijk voelen over de voortgang van het proces zich waarschijnlijk afkeren van de regering. „Daarom is het cruciaal dat de PKK aantoont dat ze stappen zet in het ontwapeningsproces.”
Erdogan heeft een paar opties om de Koerden tegemoet te komen. Hij kan Koerdische politiek gevangenen vrijlaten, onder wie de bekende politicus Selahattin Demirtas. Ook is er de optie om Koerdische burgemeesters die uit hun functie zijn gezet opnieuw te installeren, én culturele en sociale rechten van Koerden, zoals het recht op onderwijs in het Koerdisch, te verankeren in de grondwet.
Volgens Gönul Tol, senior fellow bij het Middle East Institute in Washington, is er op die punten overeenstemming tussen beide partijen. Wat er moet gebeuren met de PKK-leden en vooral de top is een stuk problematischer, zegt Tol.
„Er wordt een amnestie overwogen voor PKK-leden die niet betrokken zijn geweest bij gewelddadige acties. Die zouden mogelijk kunnen terugkeren naar Turkije en deelnemen aan het politieke leven. Ook daar is consensus over.” Het lastige is, zegt Tol aan de telefoon, dat eenzelfde beslissing voor de PKK-top slecht zou vallen bij Erdogans nationalistische achterban. Het risico dat die zich tegen hem keert, wil Erdogan volgens haar niet nemen.
Het succes van de vredesonderhandelingen valt of staat uiteindelijk bij de ontwikkelingen in buurland Syrië, zeggen zowel Tol als Ruhavioglu. Daar zijn onderhandelingen gaande tussen de Syrische interim-regering onder leiding van president Ahmed Al-Sharaa en de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF), een samenwerkingsverband van Koerdische en enkele Arabische milities dat nauw samenwerkt met de PKK. De SDF geniet autonomie in het noordoosten van Syrië, de wens van Al-Sharaa is om de militaire en bestuurlijke instituties van de SDF te integreren met die van de Syrische staat.
Tol: „Wat de Turkse kant van Öcalan verwacht, is dat hij de SDF aanspoort hun wapens neer te leggen en afstand te doen van hun autonomie.” Volgens de Koerden die zij heeft gesproken wil Öcalan niet zo ver gaan, zegt Tol. „Hij wil niet de geschiedenis ingaan als de leider die eist dat Koerdische overwinningen worden opgegeven.”
Een ander belangrijk punt is dat Erdogan hoopt dat de Koerden een nieuwe grondwet zullen steunen zodat hij zich verkiesbaar kan stellen tijdens de volgende presidentsverkiezingen in 2028. Hij mag volgens de huidige grondwet na twee termijnen niet meer meedoen.
Donderdag zijn er opnieuw gesprekken over de vrede tussen de pro-Koerdische DEM partij en Erdogan. Een delegatie van Dem treedt op als bemiddelaar en bezoekt Öcalan af en toe in zijn gevangenis. Op dezelfde dag presenteert een parlementaire commissie een routekaart voor het vredesproces na een reeks gesprekken met betrokkenen.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC