Zeven kleine partijen die niet mee mochten praten in het NOS-slotdebat debatteerden dinsdagavond uit protest samen buiten op het Mediapark in Hilversum. Daar waren ze het bijna allemaal over één ding eens: zij verdienen meer media-aandacht.
is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
De mini-demonstratie van lijsttrekkers van partijen die wel meedoen aan de verkiezingen maar zich niet gehoord voelen door de traditionele media, staat dinsdagavond op het punt van vertrekken als zich nog twee mannen met grote vlaggen bij het groepje voegen. Een van hen is Serge Lutgens, de leider van Hart voor Vrijheid (opgericht in 2021 als afsplitsing van Vrij en Sociaal Nederland).
Lutgens heeft een gulle glimlach, maar in de pikorde van de nationale politiek staat hij op de onderste trede. Of zelfs net daaronder, want Hart voor Vrijheid doet niet mee aan de verkiezingen. ‘Daarvoor ontbrak het geld’, zegt hij goedgemutst, ‘maar deze bijeenkomst wilden we natuurlijk niet missen.’
Die bijeenkomst is ‘Het Andere Slotdebat’, pal voor het NOS-gebouw op het Mediapark in Hilversum, waar zeven partijen bijeenkomen om hun standpunten te verkondigen – en hun onvrede te uiten over het feit dat ze geen media-aandacht krijgen, terwijl ze wel meedoen aan de verkiezingen.
Die aandacht is er binnen in het NOS-gebouw wel voor twee andere groepen verkiezingsdeelnemers: de groten en de kleintjes. De ‘kleintjes’ uit de Tweede Kamer (relatief gezien, want de ‘groten’ worden ook steeds kleiner) zijn de afgelopen weken ook uit beeld verdwenen in de meeste debatten, zoals Volt en SGP. Maar ze mogen bij de publieke omroep vlak voor de verkiezingen nog wel even hun opwachting maken, in een debat dat dient als opwarmertje voor het debat tussen de ‘groten’ die strijden om het meeste aantal zetels.
Zij zitten tenminste nog lekker warm binnen. Zeven andere partijen die ook meedoen aan de verkiezingen staan tijdens dit mediaspektakel buiten, uit protest dus.
Want media-aandacht is geen kleinigheid in een democratie, maakt Matthijs Pontier, lijsttrekker van de Piratenpartij (die nog 32 andere kandidaten op de lijst heeft) duidelijk. ‘Eerlijke verkiezingen kunnen niet bestaan zonder een gezond informatie- en medialandschap’, zegt hij. ‘Daarvoor is het belangrijk dat niet het grote geld bepaalt wie de aandacht krijgt, maar dat iedereen die aan de voorwaarden voldoet om mee te doen aan de verkiezingen de kans krijgt een bijdrage te leveren aan het publieke debat.’
Voor Wybren van Haga, die zich als oud-Kamerlid met zijn Belang van Nederland (BVNL) in een soort politiek vagevuur bevindt, is ‘de democratie al volledig dood in Nederland, en dat zien we vooral bij de media’. ‘En de NPO is ook schuldig, want die wordt gefinancierd door Den Haag en als gevolg daarvan komen we niet bij de grote debatten.’
Gerard van Hooft van De Linie (motto: ‘krachtig, kundig, kordaat en altijd in het belang van de kiezer’) wijst erop dat terwijl de grootste partijen miljoenen binnenharken aan donaties, zijn partij er in kieswijzers ‘hartstikke goed uitkomt, terwijl wij donaties hebben ontvangen ter waarde van 150 euro’.
Zijn klacht is serieus. ‘Er doen 27 partijen mee, een handjevol nieuwe, en het is eigenlijk heel gek dat de NOS, die van ons belastinggeld gefinancierd wordt en een maatschappelijke verantwoordelijkheid heeft om elke stem te laten klinken, dat niet doet.’
Voor wie klein is en geen geld heeft om aandacht te kopen, oogt het politieke landschap als een barre woestijn zonder oases of waterputten. Dat is nog verergerd, zeggen ze, sinds vorig jaar een Europese wet is aangenomen voor ‘transparantie en gerichte politieke reclame’. De verordening heeft betrekking op de zorgen in verband met informatiemanipulatie en buitenlandse inmenging bij verkiezingen, maar volgens de aanwezigen dinsdagavond is het sindsdien nog moeilijker geworden voor de kleinste partijen om zichtbaar te worden.
Dat komt doordat bijvoorbeeld exploitanten van buitenreclame huiverig zijn geworden om zaken met ze te doen, waarbij ze expliciet verwijzen naar de nieuwe Europese regels, legt Esraa van Beelen van de Libertaire Partij uit. ‘In de praktijk merken we dat bedrijven en platformen die advertentieruimte aanbieden niets meer van ons durven plaatsen, uit angst om in de problemen te komen.’
Recentelijk nog werd om die reden hun campagneposter met de tekst ‘Tegen de controlestaat’ geweigerd.
Hoewel er regelmatig stemmen opgaan voor invoering van een kiesdrempel, en veel Nederlanders hiervoor lijken te voelen, voelen de partijen die zich volgens de nu geldende regels hebben ingeschreven voor verkiezingsdeelname zich tekortgedaan. Want zij zijn er ten diepste van overtuigd dat ze iets toe te voegen hebben.
Dat blijkt dinsdagavond niet zozeer uit de manier waarop Tofik Dibi (lijsttrekker Bij1) en Van Haga met een zekere Haagse voorspelbaarheid op elkaar inhakken, maar wel uit de betogen die bijvoorbeeld de Piratenpartij en de Libertaire Partij houden.
Beide zien dreigingen waar de Haagse politiek zich volgens hen onvoldoende mee bezighoudt. ‘De overheid neemt digitale veiligheid niet serieus genoeg’, vindt Pontier van de Piratenpartij. ‘We hebben nog steeds geen ministerie van Digitale Zaken. Maar onze zorggegevens zijn onvoldoende beveiligd. Ook in het waterschap waarin ik verkozen ben, bleek de digitale beveiliging zo lek als een mandje. Daar hebben we dat aangepakt, en dat willen we in heel Nederland doen.’
Volgens de libertairen moet niet alleen de alom aanwezige overheid worden teruggedrongen, maar ook de rol die het internationale bankwezen speelt, geholpen door overheden. Dat blijkt ook uit het antwoord van lijsttrekker Tom van Lamoen op de vraag van debatleider (en ‘zelfbenoemd complotdenker’) George van Houts of de overheid moet ingrijpen tegen inflatie en dure boodschappen.
‘Je moet het dan eerst over de definitie van inflatie hebben’, zegt Van Lamoen. ‘De Libertaire Partij ziet inflatie primair als geldcreatie.’ Door banken, centrale banken en overheden, welteverstaan. ‘Dan ontstaat er inflatie en wordt ons geld minder waard. De overheid moet dus niet ingrijpen, het is juist de schuld van de overheid dat dat gebeurt. We zijn voor een scheiding van geld en staat.’
Behalve dat de aanwezige zeven partijen klein zijn en in de regel de gevestigde macht en de gevestigde media wantrouwen, delen ze verder niet zoveel eigenschappen. Zo lijkt Kok Kuen Chan van Nederland met een Plan (‘Geen kok, geen wok’) in een eigen universum te opereren. Als hij eenmaal gearriveerd is, pleit hij vooral voor een open houding naar andere machten.
Hij ontkent dat zijn partij gesteund wordt door organisaties die banden hebben met de Chinese Communistische Partij (zoals FTM en RTL meldden na onderzoek), maar dinsdag pleit hij ervoor, inzake digitale veiligheid, ‘open te staan voor andere landen waar ze het wel goed doen’. Ook moeten we ‘andere landen niet bij voorbaat uitsluiten’ om redenen van spionage of communisme.
En hoe gaat het tenslotte met Pascale Plusquin, lijsttrekker van Vrede voor Dieren, de afsplitsing van de Partij voor de Dieren? ‘Fantastisch!’, zegt ze enthousiast op het donkere plein voor de NOS. ‘We zijn echt een grassrootsbeweging, we draaien volledig op vrijwilligers, zonder financiering. We hebben zoveel bereikt in korte tijd, en zijn zoveel op sociale media en in de media geweest.’
Verkozen worden in de Tweede Kamer mag een moeilijke strijd zijn voor deze partijen, aan gebrek aan enthousiasme heeft het niet gelegen. ‘Ik ben op’, laat Dibi zich ontvallen. Het was een lange, zware campagne.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant