Home

Cultuur, media en sport geven het leven kleur. Wat willen de politieke partijen daar nu écht mee?

Grote woorden vallen al snel als het in de verkiezingscampagne gaat over cultuur, media en sport. ‘Basis van de beschaving!’ Voor het hele terrein, van zwemles tot musea, is nu zo’n 3 miljard euro beschikbaar. Blijft dat zo? En wat zijn de partijen ermee van plan?

is kunstverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over kunstpolitiek en subsidiebeleid.

Het terrein waar de cultuur-, media- en sportredactie van de Volkskrant dagelijks verslag van doen, is klein bier voor de rijksbegroting. Sla er de cijfers maar op na die met Prinsjesdag zijn ingediend voor 2026. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft 366 miljoen euro ter beschikking voor sport en bewegen. De buren van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) hebben 1,3 miljard euro voor media en nog eens 1,4 miljard voor cultuur.

Samen is dat een ruime 3 miljard euro voor theater, atletiek, talkshows, symfonieorkesten, zwemles, NOS-journaal, rijksmusea, Olympische medailles, docu-podcasts, filmhuisfilms, basketbalveldjes in de wijk, De slimste mens, behoud van de Grachtengordel, verduurzaming van sporthallen, talentontwikkeling in de hiphop en nog zo een heleboel meer.

Het is veel geld. Maar op het geheel van de 555 miljard euro omvattende rijksbegroting komt het niet verder dan 0,55 procent. De bulk gaat naar gezondheidszorg, defensie, woningbouw, onderwijs, sociale zekerheid en andere verkiezingsthema’s die tijdens de televisiedebatten wel aan de orde komen.

Aan grote woorden geen gebrek

Toch doet geen van de partijen die nu in de Tweede Kamer zitten in hun verkiezingsprogramma luchtig over het belang van cultuur, media en sport voor de Nederlandse samenleving. Sterker nog: aan grote woorden is vaak geen gebrek.

‘Kunst en cultuur staan aan de basis van onze beschaving’, schrijft GroenLinks-PvdA. ‘Geluk zit in een klein hoekje’, meent het CDA. ‘Naar een concert of samen sporten.’ De VVD: ‘In tijden van desinformatie en buitenlandse beïnvloeding is een weerbare en moderne mediasector noodzakelijk.’

D66, pontificaal: ‘Cultuur is onmisbaar voor een vrije en veerkrachtige samenleving.’ De ChristenUnie, stevig: ‘(Sport)verenigingen zijn bouwstenen van de samenleving voor een bloeiend sociaal en cultureel leven.’ De SP, strijdbaar: ‘We stoppen de uitverkoop van onze beschaving door te investeren in kunst en cultuur.’ Volt, opgetogen: ‘Doe iets nieuws. Maak kunst belangrijk.’

Of lees wat de PVV schrijft, de partij die bij de verkiezingen zijn positie als grootste partij verdedigt: ‘Nederland is een prachtig land. Zie ons unieke landschap, onze eeuwenoude molens en onze kerken. Zie ook onze rijke geschiedenis, cultuur en identiteit.’

Normen en waarden bevragen

De grote woorden zijn verklaarbaar. Het rijk mag dan betrekkelijk weinig uitgeven aan cultuur, media en sport, het is wel het terrein waar zich voor een belangrijk deel de strijd afspeelt over wat Nederland is en wie Nederlanders zijn. Vragen over veranderende normen en waarden komen hier meer dan elders aan het licht.

Het waren twee dichters die de nationale discussie over de racistische Zwarte Pietentraditie in gang zetten, en het waren musea die pionierswerk verrichtten in een nieuwe omgang met het koloniale verleden. Het waren daarnaast journalistieke onthullingen over sportcoaches, toneelgroepen en televisieredacties die tot een nationale discussie over grensoverschrijdend gedrag leidden.

Reden genoeg om in dit verhaal het ministerie van Cultuur, Media en Sport (CMS) centraal te stellen, het voor deze gelegenheid opgerichte departement waar de V-redactie van de Volkskrant over schrijft.

De Rijksoverheid heeft sinds jaar en dag een bijzondere rol op deze terreinen, waar burgers allerlei grondwettelijke vrijheden kunnen vieren. Over wát daar gebeurt, heeft ze niets te zeggen: niet over de muziek die te horen is, niet over de sporten waarin Nederlanders uitblinken, niet over het nieuws dat op het avondjournaal te zien is. Maar het is wel aan politici om de voorwaarden te stellen dát er iets kan gebeuren – voor cultuur en media is dat zelfs in wetten vastgelegd.

Wel of geen overheidssubsidies?

De reden is dat het niet alleen van particuliere initiatieven en bevliegingen afhankelijk moet zijn of er concerten, festivals, toneelvoorstellingen, sportwedstrijden, documentaires, enzovoorts in Nederland zijn. Het leidt tot een permanente politieke zoektocht naar het ideale evenwicht tussen overheidssubsidies, kaartverkoop en sponsoren. Het is daarbij een vuistregel dat rechtse partijen weinig tot niets zien in subsidies: zij willen het aan de kapitalistische wetten van vraag en aanbod overlaten. Linkse partijen willen de vrije ruimte juist met subsidies beschermen tegen de grillen van de markt.

Het CDA is de enige partij die cultuur, media en sport geclusterd en meteen in hoofdstuk 1 aan bod laat komen: als paragraaf 1.5, 1.6 en 1.7 onder de kop ‘Sterke samenleving, betrokken burgers’. De VVD komt daarentegen pas op de laatste anderhalve bladzijde van het programma toe aan cultuur en media – en dat voor verkiezingen die de partij in het nawoord ‘de belangrijkste sinds de Tweede Wereldoorlog’ noemt. In het programma van Denk komen de woorden cultuur en media helemaal niet voor. Wel ‘cultuursensitief’ en ‘mediagebruik’.

Voor de duidelijkheid: stemadvies volgt hier niet. De verkenning van de verkiezingsprogramma’s geeft een indruk waar het kabinetsbeleid heen kan gaan de komende jaren. Het is verdeeld in drie vragen: wat, hoe en waarom? In de eerste vraag valt op hoeveel identiteitskwesties aan bod komen. Bij de tweede is er veel drang om bureaucratie te vereenvoudigen. Bij de derde valt op dat cultuur, media en sport in veel maatschappelijke vraagstukken invloedrijk kunnen zijn.

1. Wat?
Veel vlagvertoon

Voor iedereen die eigentijdse, experimentele kunst en cultuur een warm hart toedraagt, meteen maar het slechte nieuws. De partijen buitelen over elkaar om het belang te benadrukken van het behoud van erfgoed en tradities. ‘Denk aan prachtige bloemencorso’s, kermissen, schuttersfeesten en carnaval’, schrijft de VVD. ‘We maken volkscultuur een volwaardig onderdeel van de culturele basisinfrastructuur’, zoals het subsidiestelsel officieel heet.

Het blijft opmerkelijk dat het gevallen rechts-nationalistische kabinet met hun hoofdlijnenakkoord in 2024 zo weinig ingreep in het cultuurbeleid. De weerzin spat van hun programma’s af. ‘Cultuur leeft in mensen, gemeenschappen en tradities. Niet in beleidsnota’s en Randstedelijke top-downsubsidies’, schrijft de BBB, die de rode loper uitrolt voor ‘cultuur van onderop: van fanfares tot dialectpoëzie, van bloemencorso’s tot streekmusea’.

De grootste van het stel, de PVV, schrijft: ‘Wij willen weer collectief trots zijn op ons land en op wie we zijn – in plaats van excuses maken voor het verleden van onze voorouders. Geen misplaatste schaamtecultuur, maar het koesteren van onze tradities, de standbeelden van onze nationale helden en onze feesten als Kerstmis, Sinterklaas mét Zwarte Piet en Pasen.’

Mocht er zich een rechtse meerderheid aftekenen, dan wil ook JA21 graag meedoen om met de ‘links ideologische tunnelvisie’ af te rekenen, waarmee de cultuursector ‘al decennialang naar de samenleving kijkt’.

Maar ook progressieve partijen als GL-PvdA (‘Ons culturele geheugen staat onder druk’) en D66 (‘Door erfgoed actief te gebruiken, houden we de geschiedenis levend’) beloven zich in te zetten voor de materiële erfenis van het Nederlandse. De symfonische orkesten horen daar trouwens volgens GL-PvdA ook al toe.

Verschillende accenten

Wel zetten ze op links andere accenten. ‘Betwist erfgoed wordt in kaart gebracht’, schrijft de Partij voor de Dieren (PvdD) over kunstwerken en voorwerpen die bijvoorbeeld in de koloniale tijd zijn gestolen. ‘We zoeken op democratische wijze, in samenwerking met verschillende groepen, een andere, zelfkritische omgang met dit erfgoed.’

Om de nationale trots verder aan te wakkeren wil D66 niet alleen investeren in topsport (‘inspireert velen’), maar ook in een ‘nationaal museaal beleid’ voor musea die ‘de veelzijdige geschiedenis en cultuur van Nederland’ zichtbaar maken, zoals het Slavernijmuseum in Amsterdam, het Eise Eisinga Planetarium in Franeker, het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk en het Museum Prinsenhof in Delft.

Het klinkt als een eenvoudige variant van het oude probleemdossier Nationaal Historisch Museum, waar de SP ondanks de mislukking van vijftien jaar geleden nog altijd achteraan jaagt. De ChristenUnie wil een ander cluster onder de aandacht brengen: zes herinneringscentra voor de Tweede Wereldoorlog (van Kamp Amersfoort tot het Nationaal Holocaustmuseum) moeten structureel geld krijgen om nieuwe generaties te kunnen blijven onderwijzen.

Wereldbeeld van de partijen

Het departement van CMS is zo bij uitstek het terrein om te laten zien hoe partijen naar de wereld kijken. De Partij voor de Dieren verbiedt paardentopsport, kamelenraces, duivensport en vissen (oftewel: ‘hengeljacht’). De PVV en BBB verbieden deelname van trans vrouwen aan de vrouwensport – Volt pleit juist nadrukkelijk voor inclusie van trans vrouwen, ‘vrij van desinformatie’.

Denk wil, net als de PvdD, dat Israël wordt uitgesloten van alle cultuur- en sportevenementen tot de bezetting van de Palestijnse gebieden voorbij is. De CU wil dat er geen regeringsafvaardiging gaat naar culturele en sportevenementen in landen met christenvervolging of andere onvrije landen (om misverstanden te voorkomen: daar rekent de partij Israël niet toe).

Om het belang van persvrijheid te onderstrepen kijken bijvoorbeeld D66 en PvdD verder dan de rol die lokale, regionale en landelijke media voor de Nederlandse democratie spelen. Zij willen noodvisa verstrekken aan buitenlandse journalisten die door hun werk in gevaar zijn. Volt zet op het aantal visa zelfs een streefgetal: ‘ten minste 250’.

2. Hoe?
Ontsnapping uit het doolhof

De financiering van cultuur en media – waar de bulk van de 3 miljard van het departement van CMS heen gaat – is al sinds jaar en dag een hersenkraker. Want als het budget wel uit Den Haag komt, maar ministers niet mogen bepalen naar welk toneelgezelschap of welk radioprogramma het geld uiteindelijk gaat, wie verdeelt de subsidie dan wel?

Welkom in de wereld van adviesraden, fondsbestuurders, de Basisinfrastructuur (BIS), omroepverenigingen, genremanagers en de Nederlandse Publieke Omroep (NPO). Het is bedacht om alles zo eerlijk mogelijk te verdelen, maar in de praktijk uitgemond in een voor buitenstaanders moeilijk te doorgronden labyrint. Het systeem is daarmee kwetsbaar gebleken voor aanvallen van rechtse partijen die cultuur en media zien als de speeltjes van links.

Onder het kabinet-Schoof is een begin gemaakt met een verbouwing van de NPO naar rechts model: gekoppeld aan een bezuiniging van meer dan 150 miljoen euro vanaf 2027. Alleen SP en PvdD willen dat echt terugdraaien. Andere progressieve partijen willen doorgaan met de verbouwing van het systeem – ze reppen van een kortere zittingstermijn voor bestuurders, en van omroepverenigingen onderbrengen in omroephuizen – maar wel met investeringen in regionale omroepen die de scherpe kantjes van de bezuiniging afhalen.

Links wil extra budget voor cultuur en media

Alle linkse partijen willen extra budget uittrekken voor cultuur en media, maar de enige die een concrete financiële belofte doet is Volt – die doet de duidelijkste gooi naar de stem van de creatieve sector. ‘Kunst, cultuur en media maken een positieve impact op onze samenleving, ons welzijn en onze economie. Daarom investeren we in deze sectoren gezamenlijk minimaal 0,7% van het bruto binnenlands product (bbp).’ (Sinds 2023 ligt het bbp van Nederland boven de 1000 miljard euro.)

Op basis van de CPB-doorrekening van het Volt-programma heeft de Kunstenbond becijferd dat de partij het bestaande budget met 1,7 miljard euro per jaar wil verhogen. Volt gaat daarmee verder dan de SP en de PvdD, die eerder wel een Kamermotie van Volt over de 0,7-procentnorm steunden. Zij lieten hun programma’s niet doorrekenen, maar op basis van eerdere uitspraken berekende de Kunstenbond dat zij een miljard meer zouden willen uittrekken. De grotere progressieve partijen – GL-PvdA en D66 – willen op basis van de CPB-berekeningen respectievelijk 300 miljoen en 200 miljoen extra uittrekken.

De partijen willen hun investeringen gepaard laten gaan met een verbouwing van het subsidiestelsel – de voorstellen zijn geïnspireerd op een advies van de Raad voor Cultuur uit januari 2024. De subsidieperiode van vier naar acht jaar verlengen en de bureaucratie vereenvoudigen zijn in allerlei toonaarden terug te lezen.

Regionalisering cultuurbeleid

Hoe de verkiezingen ook aflopen, Nederland lijkt een periode van regionalisering van het cultuurbeleid tegemoet te gaan. De partijen zingen het in koor. GL-PvdA: ‘We hechten grote waarde aan regionale spreiding van culturele voorzieningen en subsidies.’ VVD: ‘Een groot deel van de landelijke cultuurgelden wordt enkel in Amsterdam ingezet, en dus veel minder in andere steden en provincies als Fryslân of Zeeland.’

Het CDA vertaalt het voor de fijnproever meteen ook in een stelselherziening: ‘De kleine culturele basisinfrastructuurinstellingen (BIS) en de fondsen worden samengevoegd, met regionale afdelingen.’ De christendemocraten halen daarbij volgens de CPB-doorrekeningen 100 miljoen euro weg bij cultuur en media door een kleine verhoging van het lage btw-tarief. (Nog een milde bezuiniging ten opzichte van VVD en JA21, die volgens de Kunstenbond 700 miljoen weghalen, en de BBB en PVV, die respectievelijk een miljard en 1,7 miljard bezuinigen.)

Bij GL-PvdA willen ze ook de talentontwikkeling in de kunsten repareren. ‘Heroprichting van publiek gefinancierde muziekscholen en centra voor kunstzinnige vorming’, is het streven. In hun programma’s spreken ook D66, SP en PvdD zich daarvoor uit.

Meer kans is er voor versterking van de zwemles ‘in ons waterrijke land’ (GL-PvdA), waar zowel links als rechts – ‘schoolzwemmen verplicht’ (JA21) – mee op de proppen komt. Het is het concreetste beleidsvoorstel op het terrein van sport, dat er al langer onder lijdt dat er geen sportwet is waarin overheidstaken zijn vastgelegd. Al belooft het CDA daar ‘op termijn’ verandering in te brengen ‘om zo veel mogelijk mensen te laten bewegen en te zorgen voor voldoende sportmogelijkheden’.

3. Waarom?
Duizenddingendoekje voor het grijpen

‘Sport wordt betrokken in beleidsvorming rondom zorg, welzijn, mentale gezondheid en re-integratiebeleid van uitkeringsgerechtigden en inburgeraars’, schrijft het CDA. Het is typerend voor het terrein van het departement van CMS. In de politiek zijn cultuur, media en sport zelden van zichzelf belangrijk. Vaak moet er een andere reden zijn om er gemeenschapsgeld voor vrij te maken.

Het ingewikkelde is dat de inhoud nooit een argument is: laten we deze musical financieren, want het duet in de finale is zo ontroerend. Over wat mooi en lelijk is, gaan politici in een open democratie namelijk niet. In het kunstbeleid heet die afspraak het Thorbecke-principe, naar de 19de eeuwse liberale politicus. Immers, wat de een een diep ontroerend abstract schilderij vindt, is voor de ander geklieder van een kleuter – wat voor de een een nationaal verbroederende voetbalwedstrijd is, kan in de ogen van de ander een godslasterlijk tijdverdrijf zijn op zondag.

De comeback van de bibliotheek

Dus duiken in ambtelijke stukken vaak andere beleidsdoelen op waar cultuur, media of sport een rol in kunnen spelen om ze maatschappelijk relevant te maken. De bibliotheek gooit hoge ogen in deze categorie. De instelling is al lang niet meer alleen een plek waar je van jongs af makkelijk kunt kennismaken met alle soorten literatuur – gedichten en verhalen die je verbeeldingskracht aanwakkeren en het leven rijker maken. Nee, de bibliotheek ‘is de huiskamer van de stad of het dorp’ (GL-PvdA). Het is een plek ‘niet alleen voor boeken, maar ook voor ontmoeting, gezelligheid, taallessen, toegankelijke overheidsinformatie, digitale hulp en projecten voor mensen die laaggeletterd zijn’ (D66).

De bibliotheek heeft het moeilijk gehad na bezuinigingen in de jaren tien – die ook de zwembaden en de muziekscholen troffen – maar is al even aan een comeback bezig. D66 wil de abonnementen gratis houden tot 18 jaar, GL-PvdA wil dat iedereen gratis boeken kan lenen.

Het belang van sport

Sport is in Den Haag in de jaren tachtig aan gezondheidszorg verbonden geraakt. Maar het kwam in de jaren zestig de politiek binnen op het toen opgerichte ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM), dat lang onder leiding stond van Marga Klompé, de eerste vrouwelijke minister. In die jaren behoorden cultuur, media en sport tot hetzelfde Haagse departement.

‘Sport, sportief bewegen en een gezonde leefstijl zijn van essentieel belang’, schrijft JA21. ‘Ze bevorderen fysieke en mentale fitheid, sociale interactie, gemeenschapsgevoel en nationale trots.’ Het is een overtuiging die best breed gedragen wordt. ‘In elke wijk’, schrijft PvdD, ‘wordt daarom ruimte gemaakt voor buurtsportcoaches en sportvoorzieningen voor jongeren, zoals openbare voetbal- en basketbalveldjes en skateparken.’

Onder het motto ‘stop de betutteling’ heeft FvD in dit verband nog een opvallend voorstel: ‘Sportkantines krijgen de vrijheid terug om hun rookbeleid zelf te bepalen.’

De media krijgen ten slotte bij velen een sleutelrol toegedicht in het Nederland van na de verkiezingen. ‘Kwaliteitsmedia zijn van groot belang in tijden van mis- en desinformatie en propaganda’, schrijft het CDA. ‘In tijden van desinformatie, digitale versnippering en buitenlandse beïnvloeding is een weerbare en moderne mediasector noodzakelijk’, meent de VVD. ‘Desinformatie ondermijnt vertrouwen en verdeelt mensen’, stelt D66.

Waar de verkiezingsprogramma’s alleen geen antwoord op geven is wat zij verstaan onder desinformatie en propaganda. Immers, net zoals een abstract schilderij in de ogen van de een een meesterwerk is en in de ogen van een ander kleutergeklieder, zo is een krantenverhaal volgens de ene lezer desinformatie, en voor de ander de waarheid.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next