Home

Bram Vermeulen: ‘Wij bekommeren ons om onze plantjes terwijl we de ellende buiten beeld schuiven’

Interview | Buitenlandverslaggever Naast ‘Frontlinie’ maakt Bram Vermeulen nu ook het praatprogramma ‘Bureau Buitenland’. Deze woensdag is zijn reportage te zien over internationale vrijwilligers aan de grens van Israël en Gaza.

Bram Vermeulen in Bethlehem

‘Ik dacht dat ik het wel helder had, maar pas toen ik in Israël aankwam, besefte ik hoe diep het zit”, zegt Bram Vermeulen over steun aan de genocide in Gaza. Voor de tv-rubriek Frontlinie maakte hij een reportage over de internationale vrijwilligers die hand- en spandiensten leveren voor Israël en zijn soldaten. De aflevering ‘Soldaten voor Israël’ wordt woensdag uitgezonden, en is vanaf nu al te zien op NPO Start.

Vermeulen: „We zaten in Tel Aviv, twee uur rijden van Gaza. Op die eerste ochtend zaten we aan het ontbijt en voelde ik in mijn maag de bommen dreunen.” Op de promenade en op het strand vroeg Vermeulen voorbijgangers of ze de bommen hoorden. „Iedereen is daar bezig met hardlopen, buikspieroefeningen, het lichaam aan het boetseren. Levenslust.  En unaniem zeiden ze: Die bommen? Dat is goed. Genocide? Nee hoor, fake news. Terwijl je de verwoesting daar ook gewoon op televisie kan zien.”

Naast reportages voor zijn VPRO-programma Frontlinie en dagblad de Volkskrant, maakt Bram Vermeulen sinds een maand ook het praatprogramma Bureau Buitenland op zondag. Daarmee is de journalist betrokken bij de belangrijkste buitenlandjournalistiek van de publieke omroep, een genre dat steeds minder ruimte krijgt op televisie. Vanaf januari verhuist Bureau Buitenland naar primetime NPO2, vóór Nieuwsuur.

Vermeulen en zijn tv-ploeg draaiden deze aflevering van Frontlinie voornamelijk op een Israëlische lunchplek aan de grens van Gaza. In september, dus voor het huidige staakt-het-vuren: „Het is een soort Bloemendaalse strandtent. De Israëlische soldaten uit Gaza kunnen tussen de middag even naar buiten rijden. Dan krijgen ze een lunch van internationale vrijwilligers, of een ijsbad. Ze eten aan lange, glazen tafels. Onder het glas liggen liefdesbrieven uit de hele wereld: We houden van jullie, we staan achter jullie.” Een Duitse vrouw met een gitaar zegt dat God haar riep. Ze zingt voor de soldaten en geeft ze massages.

Er zitten ook Nederlandse frietbakkers tussen, zag Vermeulen: „Ze delen friet uit aan de Israëli’s en Nederlandse klompjes. Die klompjes hangen de soldaten aan hun mitrailleurs. Het idee voor deze reportage kregen we ooit omdat we een foto uit 2023 zagen van een Israëlische bom met ‘From Urk’ erop.”

Maar Vermeulen kreeg de Nederlandse vrijwilligers niet te spreken: „Een Nederlands-Israëlische influencer was langs geweest om te zeggen dat ze niet met ons moesten praten”. Het maakt voor de reportage niet zoveel uit, zegt Vermeulen: „We hebben Duitsers, Fransen, Amerikanen, Canadezen. Het is hetzelfde verhaal.” Op een video van haar socials-account @Shalom_uit_Israel’ zegt een Nederlandse frietbakker: „Volgende week willen ze komen filmen voor de VPRO en vanochtend hebben wij gezegd: Doei.” De reden van de weigering: „Als wij zeggen: we doen dit voor de soldaten die een mooie oorlog voeren, dan maken hen ervan: ze geven de soldaten zoveel eten dat ze sterk zijn om genocide te plegen.”

Israëlische soldaten kun je in principe nooit interviewen zonder een woordvoerder erbij. Ze worden goed afgeschermd. Maar in dat lunchoord waren ze op een plek waar ze even het harnas aflegden, zegt Vermeulen: „Uniform uit, ijsbad in. Dus konden we ze ineens één op één bevragen.” Op de vraag hoe het is in Gaza, antwoordt een soldaat in de reportage: „Helemaal plat”. En op de vraag hoe hij zich daar over voelt: „Goed. Want het moet van ons worden. En Libanon. Zo staat het in de Bijbel”. Vermeulen: „Ze zijn dus nog niet klaar”.

Vermeulen bij een hek voor Gaza.

Zone of Interest

De Frontlinie-ploeg filmde ook in een komkommerkas bij de grens met Gaza. Voor de Hamasaanslag van 7 oktober 2023 werkten daar Palestijnen, nu westerse vrijwilligers. Vermeulen vraagt of ze de zware bominslagen ook horen, en of ze dan aan de slachtoffers ervan denken. Een vrijwilliger zegt: „Ik hoor het niet meer”. Een ander zegt: „Ik begrijp het, het moet moeilijk voor je zijn.” De uitbater van de lunchroom zegt geagiteerd: „Deze oorlog is voor jou. Dit is de oorlog van Goed tegen Kwaad. Tegen Hamas, tegen beesten.”

De rustieke taferelen in de lunchroom en de komkommerkas, op schootsafstand van een genocide, deden Vermeulen denken aan de film The Zone of Interest, over het jonge gezin van kampcommandant Rudolf Höss dat een prachtige tuin heeft naast Auschwitz: „Je hoort in die tuin soms mensen aan de overkant schreeuwen, honden blaffen, geweerschoten, maar aan deze kant van de muur kun je rustig de zonnebloemen bewateren.”

Zoals die komkommerkas bij Gaza of die tuin bij Auschwitz, redeneert Vermeulen, zo is eigenlijk het hele Westen ingericht: „Wij bekommeren ons hier om onze plantjes terwijl we de ellende buiten beeld hebben geschoven”. Om dat gevoel op te roepen, heeft hij in de reportage de verwoesting in Gaza bewust buiten beeld gelaten. Tot aan het laatste shot.

Net daarvoor zie je Hans, een Duitse vrijwilliger op een fiets, voor het hek met Gaza staan. Hans zegt: „De Palestijnen zijn voor strijd, voor sterven als martelaar. De Joden hebben ‘Leven’ in de vlag staan.” Vermeulen wijst naar Gaza: „Hans, kijk achter je. Alles is weg. Er is niets over.”

Vermeulen over die eindscène: „De cultuur van de dood tegen de cultuur van het leven – dat is precies wat GroenLinks-PvdA-leider Frans Timmermans zei na 7 oktober 2023. En dat zegt Hans dan met die totale verwoesting achter zich. Over welke cultuur van het leven praten we?”

Rond de wereldkaart

In Bureau Buitenland interviewt Vermeulen, afgewisseld met Sophie Derkzen, deskundigen die verdieping bieden bij het wereldnieuws. Ze zitten rond een wereldkaart waarop de gast met een stift cirkels, kruizen en pijlen zet, om zijn betoog te onderstrepen.

Vanaf het begin was er kritiek op de Mercator-wereldkaart die het tv-programma gebruikt. Te eurocentrisch: het Westen wordt groter uitgebeeld dan het mondiale Zuiden. Vermeulen: „Ja ja, daar wordt aan gewerkt. Die discussie is op zich al interessant. Dit is wel de kaart die iedereen kent.” Vermeulen neemt de wereldkaart ook mee op reis: „Ik ga rond Kerst naar Antarctica met fotograaf Kadir van Lohuizen. Daar gaan we in de kou de kaart uitrollen voor de wetenschappers die klimaatonderzoek doen.”

Dankzij zijn dubbelfunctie kan Vermeulen nu interviews voor Bureau Buitenland opnemen terwijl hij op reportage is voor Frontlinie. Zo interviewde hij voor de uitzending van 28 september de Israëlische journalist Gideon Levy van dissident dagblad Haaretz. Juist de combinatie van functies maakt het voor Vermeulen aantrekkelijk: „De reportages geven me een ander perspectief op de wereld. Je moet reizen om een beter gesprek te kunnen voeren.”

Los van de gimmick met de kaart is Bureau Buitenland eigenlijk radio op televisie. Je kunt het programma met je ogen dicht beluisteren: twee mensen die in een onopvallende kamer de toestand in de wereld bespreken. Vermeulen lacht: „Dit programma is schaamteloos inhoudelijk. Wil je echt weten hoe het zit? Kijk dan naar Bureau Buitenland. Daar zit iedere zondag iemand die het precies uitlegt.”

De vader van Elon Musk

Sinds drie jaar woont Vermeulen in Amsterdam, daarvoor was hij correspondent in Zuid-Afrika en Turkije. „Ze zeggen dat een correspondent maar één keer verliefd kan worden op een standplaats. Voor mij is dat Zuid-Afrika. Daar ben ik journalistiek het meest gevormd. NRC had vroeger een advertentie waarin de wereldbol 180 graden werd gedraaid. Die ervaring had ik toen ik naar Zuid-Afrika ging, dat je de wereld ineens vanaf de andere kant bekijkt. Dat land heeft bepaald hoe ik naar de wereld kijk.”

Voor de Frontlinie-aflevering van 29 juni keerde hij terug naar Zuid-Afrika, onder meer om de vader van Elon Musk te bezoeken, en om te achterhalen waar de techmiljardair zijn ideeën vandaan heeft. „Ik zie veel overeenkomsten tussen extreemrechts in Zuid-Afrika en in Israël. Maar bijvoorbeeld ook met Groenland, waar we hoorden over de vrouwen die door de Deense regering onvruchtbaar werden gemaakt zonder dat ze dat wisten, zodat we niet te veel Inuit-baby’s kregen. Dezelfde ideologie die in Zuid-Afrika leidde tot veertig jaar Apartheid begint in Nederland ook steeds meer te spelen.”

IDF-soldaten voeren een paspoortcontrole-uit

Daders zijn interessanter

Vermeulen zegt dat het interessanter is om daders te interviewen dan slachtoffers. En dan niet de machthebbers, maar de mensen daaronder: de uitvoerders. Toen ik in Israël was, dacht ik aan Ordinary Men, een Netflix-documentaire over de politiebataljons die met geweren de eerste fase van de Shoah uitvoerden – dus vóór de gaskamers. Gewone mannen waren dat, geen nazi’s. Ze mochten naar huis als ze het te heftig vonden. Maar de meeste bleven, voor hun kameraden.”  Hij is filosoof Hannah Arendt aan het herlezen: „Die schrijft dat mensen die kwaad doen, vaak nooit zelf hebben besloten om goed of kwaad te doen. Ze worden meegesleept door hun ambities, of omdat ze geloven dat ze het goede doen.”

De eerste keer dat hij dat snapte, was toen hij in Zimbabwe werkte: „Ik had eerst verhalen gemaakt over mensen die werden gemarteld, de voedselrijen voor de supermarkt. Totdat op een gegeven moment bij het stoplicht iemand in een Bentley naast me stopte. Dat bleek de neef van president Mugabe te zijn, de rijkste man van Zimbabwe. Toen dacht ik, die moet ik hebben. Want die kan mij uitleggen waarom dit regime maar door blijft gaan. Ik interviewde hem en hij legde uit hoe hij rijk werd van de hyperinflatie en de toegang tot buitenlandse valuta. Toen begon ik het te begrijpen. Als jij hoog in de boom zit en je hele land valt uit elkaar, dan kun je daar juist van profiteren.”

Met alle discussies die er zijn over Israël, vindt hij het interessant om met de mensen te praten die hun handen vuil maken,  en ze te vragen hoe ze dat voor zichzelf rechtvaardigen. „Dan heb je ook sneller een link met Nederland. Hoe rechtvaardigen wij dit voor onszelf? Hoe monsterlijk zijn daad ook is, ieder mens heeft een rechtvaardiging voor wat hij doet. De daders zijn geen monsters, maar mensen zoals jij en ik. Het enige verschil is dat ze in een andere omstandigheid zitten.”

Nederland altijd betrokken

Frontlinie wil in iedere aflevering onderzoeken wat de Nederlandse rol is in al die conflicten. Bijna altijd zijn er Nederlandse belangen mee gemoeid. Vermeulen: „In het geval Israël zijn het letterlijk Nederlanders die naar Israël reizen om het leger te helpen. Maar of je nu in Zuid-Afrika filmt, Israël of de Filippijnen, de hele tijd word je geconfronteerd met onze voetsporen, uit het verleden en het heden. En dan kom je in Nederland terug en dan is hier de sfeer van: oorlog is iets wat lang geleden is gebeurd, of ver weg.” Doordat Frontlinie steeds de Nederlandse invalshoek zoekt, zegt Vermeulen, kun je er discussie over voeren, beleid op maken. „Conflicten zijn niet ver weg. Wij zijn betrokken.”

De vraag voor alle samenlevingen is: wat doe je als er een catastrofe gebeurt?, zegt Vermeulen: „Dit gaat niet alleen over Israël. Of het nu 7 oktober 2023 is, of 11 september 2001, welke weg sla je in? Ga je als politicus de woede en angst oogsten? Of ga je zeggen: Nee, we houden het hoofd koel. Dan zijn er de vragen voor mijzelf: Zou ik blijven? Zou ik activisten durven helpen? Wat is de consequentie als je deze zin in de krant opschrijft? In Nederland komen we steeds dichter bij de situatie waarbij je dat soort afwegingen moet maken.”

Journalist Bram Vermeulen (1974) komt uit het rivierendorp Wamel (Gelderland), zijn moeder leidde met haar familie een transportbedrijf, zijn vader was leraar Frans.Hij was correspondent in Zuid-Afrika en Turkije voor onder meer NRC en NOS Nieuws. Over het eerste land schreef hij het boek Help, ik ben blank geworden (2009). Over het tweede maakte hij de reisseries In Turkije (2011) en Langs de grenzen van Turkije (2012). Hij werd bekroond met de Dick Scherpenzeelprijs en de Lira Correspondentenprijs voor de reisseries en verslagen uit Turkije, en in 2008 verkozen tot Journalist van het JaarSinds 2021 maakt hij voor de VPRO de reportageserie Frontlinie. Sinds september presenteert hij het wekelijkse praatprogramma Bureau Buitenland, afwisselend met Sophie Derkzen.Frontlinie: soldaten voor Israël (VPRO): woensdag, 21u50, NPO 2. Vanaf nu op NPO Start. Bureau Buitenland: iedere zondag, 22u40 op NPO2.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next