Het is voor stemgerechtigden met vastomlijnde antipathieën lastig schuimbekken bij de lijsttrekkers van VVD, NSC, GL-PvdA, D66, CDA en PVV, die zondag in een special van het Jeugdjournaal in verkiezingsdebat gingen. Wat je politieke gezindte met bijbehorende adoratie, angst of walging ook is: kijk naar het zestal kopstukken in een studio vol kinderen (van basisscholen uit Meerkerk en Assendelft) met door henzelf geformuleerde vragen, en je vertrouwen in de integriteit van de volksvertegenwoordigers schiet omhoog.
Zie ze collectief schuldbewust als hen voor de voeten wordt geworpen dat ‘Den Haag’ er een rommeltje van heeft gemaakt. ‘Terecht dat we op onze kop krijgen’, erkent VVD-leider Dilan Yesilgöz. ‘Straks gaan we fatsoenlijker met elkaar om’, belooft CDA’er Bontenbal. En ik geloof ze bijna, voor een zaal kinderen lieg je immers niet.
Over de auteur
Arno Haijtema is redacteur van de Volkskrant en tv-recensent.
Yesilgöz? Kan, als het woensdag slecht afloopt met haar VVD, zó als zij-instromer voor de klas. Vriendelijk en op haar gemak tussen de jonkies. Geert Wilders? Stijfjes, maar net zo mild als bij de vorige verkiezingsronde. Rob Jetten, gevraagd naar zijn grootste fout? Dat hij niet éérder de positieve toon heeft aangeslagen die de kiezer nu als een sirene lokt. (Nauwelijks een mea culpa, tenzij je zoals hij een aureool van herboren smetteloosheid koestert, dus vooruit maar). Frans Timmermans? Bescheiden schuldbewust. Wil best toegeven dat hij in de Kamer soms boos of verdrietig over de grens van het betamelijke was gegaan.
Warm, respectvol en soms grappig was het in de studio van het Jeugdjournaal. Maar wat had ik het zelfbewuste boerenzoontje graag in discussie gezien over de toekomst van het familiebedrijf van zijn ouders, in plaats van zich te moeten beperken tot die ene vraag op zijn papiertje.
Hoe spannend als de kinderen met on-oer-Hollandse namen als Yassin of Karsu Wilders het vuur aan de schenen hadden kunnen leggen, nadat die had beweerd dat ‘PVV voor de Nederlanders’ geldt voor álle mensen met een Nederlands paspoort. Ook kinderen doorzien hypocrisie, maar ze kregen door de strakke regie niet de kans dat te verwoorden.
Hoezeer het gewaardeerde Jeugdjournaal ook trachtte de politiek voor kinderen inzichtelijk te maken, een gevoel van onbehagen kon ik niet onderdrukken. Een kinderprogramma is wellicht niet de plek om het rechtsextremisme van Wilders uitvoerig aan de kaak te stellen of Bontenbal aan te pakken over zijn (electoraal voor het CDA al zo pijnlijke) uitspraken over de vrijheid van scholen om homoseksuele kinderen op grond van artikel 23 van de Grondwet te discrimineren.
Maar door het níét over zulke fundamentele kwesties te hebben fungeert het Jeugdjournaal als een grote gelijkmaker, met als boodschap: Yesilgöz en Wilders, Timmermans en Bontenbal, ze hebben soms woorden, maar als het erop aankomt, zijn ze allemaal dikke vrienden in het huis van de democratie, dat vele kamers telt.
Nou, mooi niet.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant