Home

Deze ‘deep canvassers’ bellen aan om ideeën over migratie te beïnvloeden. En feiten helpen daarbij niet

Bezorgd over zondebokpolitiek en polarisatie? De mensen van Deep Canvassing Nederland gaan de deuren langs om te vragen hoe mensen denken over migratie. Want, zo leren we op de training voor nieuwe ‘canvassers’: je kunt iemand niet omlullen, maar wel omluisteren.

is verslaggever bij Volkskrant Magazine en columnist.

‘Wie is er weleens van mening veranderd over een groot thema?’ We zijn bij een training voor ‘deep canvassing’, op de website omschreven als: ‘Een manier om in gesprek te gaan over maatschappelijke thema’s met mensen die je niet kent’. Trainer Eefje Hendriks (30) kijkt rond in de kring met pakweg dertig geïnteresseerden. Een vrouw met lang grijs haar en tig armbanden om haar polsen steekt haar vinger op: ‘Zwarte Piet. Eerst dacht ik: wat een onzin allemaal. Maar toen ik het perspectief van de ander hoorde, kwam dat in mijn hart. Dat wil ik straks aan de deur ook gaan doen: me verplaatsen in de ander.’ Nog iemand? ‘Witte fragiliteit’, zegt een volgende vrouw. ‘Ik dacht eerst: wij mogen toch ook gevoelens hebben? Later zag ik dat mensen van kleur veel meer robuustheid hebben moeten opbouwen.’

De vraag die iedereen hier vanavond wil beantwoorden: hoe zorg je dat iemand van mening verandert? De groep (zo’n driekwart vrouw) is te gast in de geel en oranje geschilderde gemeenschappelijke ruimte van een woongemeenschap in Arnhem, waar mensen ‘in betrokkenheid met anderen samenleven’. Veel mensen hier zijn maatschappelijk betrokken – verpleegkundige, docent, ambtenaar verduurzaming, Extinction Rebellion-activist –, maar nog niet zo betrokken als ze zouden willen. Aan de tafel waaraan een bewoonster vooraf een pan zelfgemaakte soep serveert, vertellen ze waarom ze zijn gekomen: zorgen om het klimaat, de verrechtsing van Nederland of zondebokpolitiek rondom migratie.

Trainer Vivian Konijnenberg (30) ziet dat veel wannabe-canvassers zich zorgen maken over polarisatie. ‘Met de ideologische polarisatie in Nederland valt het mee’, zegt Konijnenberg, ‘maar affectieve polarisatie, de gevoelens van wantrouwen naar mensen met een andere politieke kleur, is er wél. Daar kun je met deep canvassing iets aan doen.’ Zo zegt cursist Marieke Tiebink (coach): ‘Als ik praatprogramma’s zie, wil ik afhaken: veel meningen, weinig feiten, er wordt op de man gespeeld. Maar ik wíl me niet in mijn veilige bubbeltje terugtrekken: ik wil me aansluiten bij een constructief initiatief.’

Voor Eefje Hendriks, Bruno Lauteslager en Pippi van Ommen, samen oprichters van Deep Canvassing Nederland, gaf de val van het kabinet-Rutte IV, twee jaar terug, de doorslag om te beginnen. Hendriks: ‘Ik was voor Milieudefensie al vaker langs de deuren gegaan, en voerde dan vaak écht goede gesprekken. En toen viel het kabinet, om een verhaal dat niet klopte, ‘nareis op nareis’. We dachten: waarom voert niemand in Nederland hier op grote schaal gesprekken over?’

In Nederland zijn inmiddels 750 mensen getraind, na vanavond komen daar weer dertig bij. ‘Het gaat nu ineens hard’, zegt Hendriks, ‘we gaan in oktober tot aan de verkiezingen nog bij ongeveer duizend deuren aanbellen.’ Het idee: met deep canvassing kun je die taaie massa aan overtuigingen in een mensenbrein los masseren. Niet door te discussiëren of je gesprekspartners feiten voor te houden, maar door hen te vragen naar hun gedachten over een thema. Die aanpak heeft meetbaar effect – daarover zometeen meer. Wat is het idee achter die methode, hoeveel resultaat kun je ervan verwachten, en hoe gaat dat in het wild?

Doorvragen

Later vanavond moeten de cursisten er in de buurt op uit om bij wildvreemden aan te bellen, maar eerst worden ze ingevoerd in de methode. Deep canvassing (canvassen is campagnevoeren langs de deuren, deep staat voor uitvoerig) is struikelend ontstaan. In Californië werd in 2008 campagne gevoerd door de lhbti-gemeenschap, om tegen een wetsvoorstel te stemmen dat het homohuwelijk verbood. ‘De beweging was er bijna zeker van dat mensen voor het toestaan van het huwelijk zouden stemmen’, vertelt Hendriks de zaal. ‘Maar dat gebeurde niet: ze verloren.’ Ontredderde activisten van het lhbti-centrum Leadership Lab in Los Angeles besloten in buurten waar tegen was gestemd, aan de deur te gaan vragen: waarom? ‘Die gesprekken gingen niet over feiten. Ze stelden vragen als: bent u getrouwd? Wat betekent uw huwelijk voor u?’

Zo kwamen ze op het idee dat mensen van mening veranderen als ze zélf vertellen: in de loop van de gesprekken smolten veel tegenargumenten weg. De methode werd daarna bij het Leadership Lab onder leiding van activist David Fleischer verder ontwikkeld. ‘Een schot in de roos’, zegt Hendriks. ‘Uit later onderzoek blijkt dat 1 op de 10 mensen blijvend van mening verandert, en dat resulteert ook in ander stemgedrag.’ 1 op 10 klinkt misschien mager, maar voor campagnevoerders of activisten, zegt Hendriks, heet dat een eclatant succes.

Je kunt voor allerlei onderwerpen deep canvassen, maar Deep Canvassing Nederland richt zich momenteel op migratie. Trainer Konijnenberg: ‘We willen laten zien dat in Nederland verdeel en heers wordt gespeeld, ten koste van migranten.’ Hendriks: ‘Er wordt gedebatteerd over de vraag of je een hoofddoek om mag op je werk, wat voor afschrikkende borden we moeten neerzetten in Ter Apel. Er wordt te weinig gepraat over het oplossen van problemen, over dingen waar we allemaal iets aan hebben. Het enige wat je kunt doen als je uit elkaar wordt gespeeld, is verbinden.’

Iemand in het publiek vraagt: ‘Zijn er voorbeelden waarbij deep canvassing door rechtse bewegingen wordt gebruikt, of is dat inherent onmogelijk, omdat rechts niet over verbinding gaat?’ Hendriks lacht: ‘Dat is een classic linkse valkuil, dat je denkt dat je altijd uitkomt bij linkse waarden.’ De methode is niet per definitie voorbehouden aan linkse lui, zegt Hendriks. Je zou in principe kunnen deep canvassen voor een asielstop. Maar, zegt Hendriks: ‘Als je niet links bent, denk ik dat je met onze aanpak niet zo veel kunt. Dat heeft te maken met de stellingen die we gebruiken.’

Dat behoeft wat uitleg. Canvassers leggen de persoon die straks opendoet twee stellingen voor. De eerste is: ‘Iedereen in Nederland heeft recht op een woning, onderwijs, werk en zorg.’ Mensen mogen met een score tussen de 0 en 10 aangeven in welke mate ze het ermee eens zijn. Vervolgens de tweede stelling: ‘Alle migranten hebben recht op een woning, onderwijs, werk en zorg.’ ‘En dan ga je vragen stellen’, zegt Hendriks, ‘zoals: waarom vind je dat, is dat op een persoonlijke ervaring gebaseerd? En doorvragen.’ Ook de canvassers zelf nemen in de zaal stelling: de meeste mensen scoren op de eerste stelling tussen de 8 en 10. Op stelling twee zijn ze iets verdeelder, maar scoort alsnog iedereen boven de 7.

Nadat de gesprekspartner aan de deur een verhaal heeft gedeeld, vertelt de canvasser zelf een persoonlijke ervaring. ‘En dan ga je je punt maken,’ zegt Hendriks, ‘dan kun je bijvoorbeeld zeggen: of je nou zwart of wit bent, hier geboren of niet, ik denk dat we allemaal een waardig leven zoeken.’ Aan het eind leg je nogmaals de stellingen voor, om te kijken of je gesprekspartner is verschoven. Wat te doen met mensen die alleen maar radicaler lijken te worden? ‘Ik heb meegemaakt dat mensen racistische dingen begonnen te roepen,’ zegt Hendriks. ‘Ik zeg dan inmiddels: ik schrik van wat je zegt. Je wil iemand niet bevestigen in ideeën waar je het niet mee eens bent.’

Grote krachten

Hoeveel effect kunnen de canvassers verwachten? Eerst het slechte nieuws: mensen zijn vaak vooral op zoek naar bevestiging van wat ze al vinden. ‘Tot ons 25ste zijn we vrij beïnvloedbaar, daarna zijn mensen politiek standvastig’, zegt politicoloog Derek Holliday, onderzoeker van methoden voor depolarisatie aan de George Washington University. ‘We veranderen niet makkelijk van mening, want daarmee geef je impliciet toe dat je fout zat. En: mensen denken dat ze op een rationele manier tot hun mening zijn gekomen, maar weten vaak niet goed op welke waarden ze hun ideeën baseren. Als je niet weet waaróm je iets vindt, helpt het ook niet als een ander de basis voor je mening onderuithaalt: die had je sowieso al niet.’

Daardoor gaat het met je politieke ideeën een beetje als met je muziekvoorkeur in je twintiger jaren: ben je op die leeftijd fan van Napalm Death en Cannibal Corpse, dan sla je dat op als de ultieme muziek, en is het onwaarschijnlijk dat je ooit net zo veel zult voelen bij Taylor Swift en Charlie XCX. ‘Daarnaast,’ zegt Holliday, ‘zijn mensen niet erg gemotiveerd om te depolariseren. Vraag je ze: wilt u gepolariseerd zijn?, dan zeggen ze: nee, maar ik wil dat de andere kant begint met depolariseren.’ Dat doen de deep canvassers dan maar.

Het onderzoek naar deep canvassing is zo jong als de techniek zelf. In 2014 verscheen een jubelende studie naar het werk van Fleischer in wetenschapsblad Science, waarover media als The New York Times en de podcast This American Life ronkende verhalen brachten. Toen onderzoekers Broockman en Kalla het resultaat in 2016 wilden repliceren, bleek met de data van het eerste onderzoek te zijn geknoeid – de studie werd teruggetrokken. Maar ook zij vonden bewijs voor het effect van deep canvassing: door gesprekken van tien minuten (over de toegang van trans mensen tot toiletten, in dit geval) werden de vooroordelen van 1 op 10 gesprekspartners kleiner. Dat effect was er drie maanden later nog.

Waarom is niet bekend: de onderzoekers gaan ervan uit dat het bedreigend is voor je zelfbeeld wanneer een ander je ideeën onderuit schoffelt. Het lastige aan discussiëren, schrijft David McRaney in How Minds Change, is dat mensen ervan uitgaan dat als de ander de feiten op een rijtje zou hebben, ze tot dezelfde conclusie als zijzelf zullen komen. Dus ga je feiten opdissen. ‘Het probleem is dat dat precies de methode is waarmee de andere partij denkt jou over te halen.’

Maar als mensen zelf vertellen, beginnen ze soms vanzelf tegenargumenten te geven als ze op inconsistenties stuiten. Zoals Blaise Pascal al schreef in Pensées (1670): ‘Mensen laten zich over het algemeen beter overtuigen door redenen die ze zelf ontdekken, dan door redenen die via anderen tot ze zijn gekomen.’ Het is lastig iemand om te lullen, maar misschien kun je iemand wel omluisteren.

‘De effecten van deep canvassing zijn klein, maar ze zijn er’, zegt Holliday. Hij vergeleek in een dit jaar verschenen metastudie 77 soorten interventies tegen affectieve polarisatie, en veel ervan hebben een klein effect. ‘Je kunt bij deep canvassing uitgaan van een vermindering van de affectieve polarisatie van 5 punten op een schaal van 100. Een nadeel aan dit type interventies is de enorme tijdsinvestering.’

Holliday is zich ervan bewust dat hij niet laaiend enthousiast klinkt: ‘Elk initiatief tegen polarisatie is goed, je moeite is nooit verspild.’ Maar: ‘Je neemt het op tegen grote sociale krachten: er zijn politici en media gebaat bij het opwekken van vijandigheid. Voor elke depolariserende boodschap zal je gesprekspartner tien polariserende boodschappen zien. Je moet dus zorgen dat er tegenover die tien negatieve doses, meer positieve komen te staan.’ Deep canvassing, zegt Holliday, kan deel zijn van een multidisciplinaire aanpak tegen polarisatie: ‘Maar je hebt hiernaast ook depolariserende krachten van bovenaf nodig, in de politiek of media.’

Minder wantrouwig

Daar hopen canvassers Hendriks en Konijnenberg ook op. En: als je niet overtuigt, heb je nog altijd een onbekende gesproken. Konijnenberg: ‘Daarom zeggen wij in de training altijd: het gaat om overtuigen én verbinden. Soms willen mensen gewoon dolgraag hun verhaal kwijt, dan heb ik echt niet het idee dat ik bezig ben met overtuigen. Die verbinding opzoeken, ik ben ervan overtuigd dat dat in 99 procent van de gevallen kan.’

Het (affectieve) depolariserende effect van deze methoden, zegt onderzoeker Holliday, werkt gelukkig twee kanten op: beide gesprekspartners voelen zich na dit soort gesprekken minder wantrouwig naar de ander. Dat herkent Hendriks: ‘Door dit te doen heb ik meer respect gekregen voor hoe mensen hun mening vormen. Ik ben door het canvassen harder geworden voor de mensen in Den Haag, maar zachter voor mijn medeburgers.’

Ook in de zaal vraagt Hendriks: ‘Wat is er belangrijker: verbinden of overtuigen?’ ‘Het gaat over contact maken’, zegt iemand. Een jonge vrouw achter in de zaal reageert verbaasd: ‘Je wil toch gewoon overtuigen? Als we alleen maar wilden verbinden gingen we wel over sport praten.’ Jullie hebben allemaal gelijk, zegt Hendriks lachend. ‘Als je van nature niet nieuwsgierig bent naar de ander, past deze methode minder bij je. Je doet het ook om de ander te ontmoeten. Als ik me rot voel, ga ik er even op uit om te canvassen: dan voel ik me echt beter. Maar ik zit hier ook omdat ik wil dat Nederland verandert.’

‘Jullie kunnen beter gaan’

Dan de praktijk: de wijk in. Wie vindt dat spannend? Vrijwel alle vingers gaan omhoog, behalve die van Sebastian Paolini van Helfteren (29, bankmedewerker), die er best een meeglurende Volkskrant-verslaggever bij kan hebben. Hij loopt de boomrijke straat in, vol keurig gekapte heggen en statige huizen. ‘Deze doen?’, zegt hij, wijzend naar een huis met een Tesla op de oprit. ‘Lekker makkelijk.’ De bel (type: ik hou u in de gaten) maakt een serie tingeltangelgeluiden, een vrouw die knus onder een fleecedeken zit, sluit ferm de horizontale lamellen. Ai.

Toch wordt de deur geopend. ‘Uit welke hoek komen jullie?’, vraag een man met een dun montuur geamuseerd. ‘Wij zijn van een beweging voor verandering’, zegt Van Helfteren. De deur wordt gek genoeg niet dichtgegooid. Op beide stellingen (1. Nederlanders hebben recht op zorg, onderwijs, werk en woning / 2. Migranten hebben recht op etc.) zegt de man (die zelf een Surinaamse achtergrond heeft) volmondig: tien. ‘Je eerste vraag was ‘iedereen in Nederland’, dan mag je bij die tweede geen onderscheid maken, toch?’ Hier valt niet veel te canvassen, denkt Van Helfteren.

We stappen het café verderop binnen, er zitten twee mannen aan het bier: een aan de bar, een bij de fruitautomaat. Van Helfteren legt de eerste stelling voor aan de man aan de bar. ‘Een 10. Als je hier geboren bent, heb je overal recht op. Zo was het vroeger ook.’ Dan stelling twee. ‘Als je uit een oorlog komt en je hebt de intentie om terug te gaan, dan heb je wel recht op die dingen’, zegt de man. ‘Maar er zijn veel gelukszoekers die alles hier gratis krijgen, dat is fout. Dus ik zeg 1 op die stelling.’

De man van de fruitautomaat komt erbij staan: ‘Ik zeg: min tien! Heel Nederland gaat naar de klote door dat gezeik. Die asielzoekers hebben eerder recht op een woning dan wij. Als mijn kinderen 24, 25 jaar zijn, gaan die mensen voor, ze krijgen een telefoon, een huis, kleren, de hele teringzooi.’ Vluchtelingen, daar heeft hij geen probleem mee, zegt de man. ‘Maar nu komen mensen hier rotzooi maken. Weet je wat de TV-TAS-eilanden zijn? Pak een eiland, zet er een flat op met een supermarkt, douw ze daar lekker in, dan hebben we nergens meer last van.’ Er wordt nieuw bier besteld.

Van Helfteren probeert ertussen te komen om zijn eigen ervaring te delen, maar dat valt niet mee. De man wil zijn theorie delen: ‘Stel: ik hang een vogelhuisje op met eten. Er komen steeds meer vogels, het is op, ik zet meer voer neer, en dan schijten ze de hele teringzooi onder: op enig moment krijg ik er last van.’ Van Helfteren laat zich niet uit het veld slaan. ‘Mensen zijn inderdaad net dieren’, zegt hij. ‘Gelukszoekende dieren, of ze nou migrant zijn of niet. Ik kom zelf uit Venezuela, en mijn moeder uit Nederland. Ik ben hierheen gevlucht toen ik 14 was. Als ik in Nederland geen zorg en onderwijs had gekregen, was het met mij heel anders afgelopen.’ Dan mengt de barvrouw zich: ‘Jongens, ik denk niet dat dit vruchtbaar is, ik denk dat het beter is dat jullie gaan. Kom, ga!’

‘Bedankt voor het gesprek,’ zegt Van Helfteren monter terwijl hij het café uit wordt gezet, ‘ik vond het interessant.’ Terug wandelend naar het zaaltje: ‘De angst die die man heeft is legitiem. Ik leer graag hoe mensen denken. Uiteindelijk vond ik hem toch vriendelijk. Hij gaf mij ook een schouderklopje. Jammer dat de barvrouw ons eruit zette, want ik had nét het gevoel dat hij aan het denken werd gezet.’

Piratenfeestje

Bij terugkomst in de groep blijken we het canvassen compleet verkeerd te hebben aangepakt. Les 1: niet deep-canvassen in drankrijke context. Hendriks: ‘Dit is precies waarom je de gesprekken een-op-een voert.’ Les 2: ‘Het is niet zinvol om te praten met iemand die ‘min tien’ antwoordt op je tweede stelling.’

De deelnemers gloeien allemaal als peuters na een piratenfeestje. De andere koppels troffen aanzienlijk minder extreme gesprekspartners. ‘De mensen die open deden waren aardig’, zegt een vrouw. ‘Een man zei dat hij een Syrische vriend had, dat hij óók wilde dat iedereen een plek kon hebben. Maar aan ons verhaal kwamen we niet toe: ik vond het moeilijk zelf over een ervaring te vertellen.’ Dat gesprekken wat vloeiender lopen komt vanzelf, zegt trainer Hendriks, oefening baart kunst.

Er worden ter plekke op vijf locaties nieuwe deep-canvasgroepen gesticht: in Arnhem, Nijmegen, Groningen, Amersfoort en Deventer. ‘Welkom in de beweging!’, zegt Hendriks tot besluit. Sebastian Paolini van Helfteren appt een week later dat zijn nieuwe groep al vier data heeft geprikt.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next