Zondag speelt Feyenoord tegen PSV in De Kuip. Topscorer Ayase Ueda (27) komt tegenover verdediger Yarek Gasiorowski te staan. De stille spits van Feyenoord is in bloedvorm.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Het is eigenlijk helemaal niet zo logisch dat Ayase Ueda thans de onbedreigde topscorer van de eredivisie is. Toen hij als 5-jarige begon met voetballen was er van een snel opbloeiende romance tussen hem en het spel nog totaal geen sprake. ‘Ik keek naar mijn vader die voetbalde, het zag er grappig uit. Toen ik het zelf probeerde, vond ik het helemaal niet leuk.’
Hij groeide op in de Japanse bossen, met slechts hier een daar een plukje weiland waar hij kon voetballen. Tot hij op een mooie dag ineens een doelpunt maakte. ‘Dat vond ik hartstikke leuk. Toen wilde ik elke dag voetballen.’
Na schooltijd schoot hij tegen een muurtje aan, daarna zocht hij mensen om mee te voetballen. Hij haakte aan bij voetbalscholen. ‘Ik had telkens het geluk dat ik op het juiste moment de juiste leermeester tegenkwam. In de jeugd, op de universiteit, bij de clubs waarvoor ik speel.’
Zijn vader was zijn drijfveer. ‘Hij was heel erg streng, ik wilde hem trots maken. Ik was klein, maar heel snel, daardoor kon ik toch veel scoren. En doordat ik zo klein was, ontwikkelde ik ook mijn sprongkracht.’
Stilistisch is de atleet Ueda (27) op zijn mooist als hij als een adelaar komt aanvliegen, onverschrokken op jacht naar een hoge bal. Een andere specialiteit is als een cobra toeslaan als een keeper de bal loslaat. Verder heeft hij zich bekwaamd als aanspeelpunt in een 4-3-3-systeem. ‘Dat kende ik nog helemaal niet.’
De mondhoeken van zijn trainer en oud-spits Robin van Persie krullen doorlopend omhoog als het gaat over de verbeteringsdrang van de 26-jarige Japanner. ‘Zijn karakter hoef ik niet te managen. Of hij nou honderd goals maakt of niet scoort, hij is net zo hongerig om iedere dag beter te worden. Hij is coachbaar, leergierig, een feest om mee te werken. Een schoolvoorbeeld voor niet alleen profs, maar ook voor de jeugd.’
Er waren zoveel interviewaanvragen dat er afgelopen dinsdag een complete Ueda-persdag was opgetuigd door Feyenoord. Toch had het weinig gescheeld of Ueda was recentelijk bijgezet in de lange rij van mislukte Feyenoordspitsen. In zijn eerste twee jaar in De Kuip overtuigde hij in te weinig wedstrijden. Tal van analytici schreven hem al definitief af. Feyenoord kocht met Casper Tengstedt een spits erbij en zou op zoek zijn naar nog een volwaardige nummer 9.
Toch werd besloten Ueda nog een kans te geven, mede vanwege het forse bedrag dat Feyenoord eerder betaalde aan Cercle Brugge, zo’n 8 miljoen euro, en de potentie die iedereen, inclusief Van Persies voorgangers Brian Priske en Arne Slot, in hem zag.
Ueda stelt dat hij overal stoïcijns onder is gebleven. ‘Het maakt niet uit wie er komt, want het verandert niets aan wat ik moet doen. Dat is misschien de Japanse cultuur of het zit in mij, maar ik richt me op mezelf.’
Hij leerde van zijn populaire voorganger, de Mexicaan Santiago Giménez, en werd fitter nadat hij vorig seizoen geblesseerd was geraakt. Door elf doelpunten in de eredivisie dit seizoen, en recentelijk nog treffers voor Japan tegen Paraguay en Brazilië, is hij op de transfermarkt verschoven van de denkbeeldige categorie ‘tegen elk aannemelijk bod’ naar ‘20 miljoen plus’.
Wat kan dat worden als hij ook nog in Europa en zondag tegen landskampioen PSV gaat scoren? ‘Ik kijk niet vooruit. Dat ik nu hier ben gekomen, verbaast me niet. Natuurlijk is het geweldig, maar ik wil gewoon beter worden.’
Hij ontkent de voorbije twee seizoenen eenzaam te zijn geweest, hoewel Van Persie en ook directeur Dennis te Kloese zeggen dat hij opener en vrolijker is geworden sinds de komst van landgenoot Tsuyoshi Watanabe afgelopen zomer. Watanabe is twee jaar ouder, in de Japanse cultuur is dat een groot verschil. Als ze samen op pad zijn, betaalt Watanabe altijd de parkeerkosten en restaurantrekeningen. ‘Hij is als een grote broer voor me.’
Andere teamgenoten hebben Ueda, die matig Engels spreekt, beter leren kennen. ‘Ze respecteren het dat ik het fijn vind om alleen te zijn. Ik ben niet echt iemand van veel woorden, van veel mensen om me heen hebben. Ze blijven soms op afstand, er is wederzijds respect, dat speelt een grote rol.’
Hij voelt daarnaast het vertrouwen van Van Persie. ‘Hij was als spits al een groot rolmodel, en geeft me goede adviezen. Ik voel ook vertrouwen van teamgenoten, ze zien me.’
Ze zien hem soms ook niet. Met name Anis Hadj-Moussa is soms meer gericht op zijn actie dan op waar Ueda zich bevindt. Pas vorig weekeinde tegen Heracles, toen Ueda driemaal doel trof, leek de spits zich een keer daarover te beklagen. ‘Zij hebben hun kracht, hun speelstijl, maar ik zeg later wel vaak: je had die bal aan me moeten geven. Met respect.’
In Rotterdam zijn ze dolgelukkig met hun spits, die het Feyenoord-adagium ‘geen woorden maar daden’ als geen ander verbeeldt. Al in zijn eerste behoorlijk vruchteloze seizoen werd hij toegezongen.
Het contrast met alleen al de mimiek van Ajax-spits Wout Weghorst kan haast niet groter. Scoort Weghorst, dan springen de tranen in zijn ogen of schreeuwt hij het uit, soms een combinatie van die twee. Ueda loopt na een doelpunt volledig zen naar de supporters. ‘Ik ben heel erg blij, maar ik wil de mensen om me heen horen, hun blijheid in me opnemen. Daarom ben ik stil.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant