Home

Aan de toog in de bruine kroeg: voor sommige mensen is dat de mooiste vrijdagavond

Wat is een ideale uitgaansavond? Voor José uit Andijk is dat de vrijdagavond in café De Slock in Den Burg op Texel. De Volkskrant gaat mee dobbelen.

is tv-recensent voor de Volkskrant en schrijft over film.

Soms kleedt José (66) zich in de auto op de boot al om. Eenmaal op het eiland heeft ze tenslotte geen tijd te verliezen. Het hoekje aan de toog heeft het beste uitzicht en is de fijnste plek, maar ja, voor je het weet zit daar een verdwaalde toerist. En dus begint de vrijdagavond eigenlijk al ’s middags, op de boot van Den Helder naar Texel.

’s Ochtends staat José nog op de broodafdeling van een supermarkt in Hoorn, maar haar gedachten zijn dan allang bij die barkruk. Als haar dienst erop zit, scheurt ze richting de boot. Ze komt uit de Achterhoek, woont al jaren in het West-Friese Andijk, maar in het weekend is Texel haar thuishaven, te beginnen op vrijdagavond in café De Slock in Den Burg, een bruine kroeg uit het boekje.

Wat maakt het nachtleven zo opwindend? In de rubriek Het is een nacht schuimt de Volkskrant elke twee weken met een groep de nacht af.

José zit daar wekelijks aan de bar naast Arjan (66), een echte Texelaar met wie ze enkele jaren een relatie heeft. Ze vonden elkaar ooit op een datingsite en zien elkaar nu elk weekend, te beginnen op die hoek van de toog.

Aan de stamtafel

Het vaste programma: eerst een beetje ouwehoeren over de stand van de wereld, de politiek en kapotte wasmachines. Af en toe zijn er speciale evenementen. Dan gaan ze met de hele kroeg sliptongetjes eten, of ze verkleden zich op een feestdag, zoals St. Patrick’s Day, een nationale feestdag in Ierland.

Natuurlijk, in het weekend gaan ze ook weleens, maar je kunt niet drie dagen op rij in de kroeg zitten, toch?

Wat die late vrijdagmiddag de moeite waard maakt: het dobbelen aan de stamtafel met een groep andere vaste gasten. Die tafel is voorzien van een speciaal boomstammetje met daarop geschreven ‘gasten’.

Dat stamgastenstammetje is nodig, want even na 6 uur zitten er nog altijd toeristen aan tafel. Die zie je vaker in De Slock, de verhouding is vaak, zeker op vrijdag, tachtig procent vaste klanten en twintig procent toeristen. Die zijn van harte welkom hoor, zolang ze maar op tijd plaatsmaken voor de dobbelende stamgasten.

Het dobbelen is serieuze business, in zoverre dat José wekelijks haar eigen blauwe dobbelstenen meeneemt. Het draait om alles en tegelijkertijd om niets . De eer, een biertje, maar vooral de gezelligheid. (Voor de kenners: ze spelen nikkebokken.) Maar het is traditie geworden, zeker in wat José en Arjan ‘de huiskamer van Den Burg’ noemen.

Huiskamer

Dat huiskamergevoel herkennen ook de andere stamgasten die op vrijdag steevast aanwezig zijn. Neem Chris (61), die hier toch al gauw een jaar of dertig komt. En ja, dan kijk je toch altijd even op als de deur opengaat en er iemand binnenloopt. Is het een van ons of een nieuw iemand? Maar denk niet dat er grote weerstand is tegen mensen van buiten. Toen Andrea (56) enkele jaren geleden na een paar decennia terugverhuisde naar Texel, was het in De Slock óók gewoon thuiskomen.

Toen de vaste vriendinnenclub van Chris laatst vroeg of ze op vrijdag een keer bij iemand thuis wilden afspreken, zag ze dat niet zitten. Niet hetzelfde. Het is ook belangrijk om te blijven komen, beaamt Chris. De bruine kroeg heeft het overal in Nederland zwaar, ook in Den Burg. Maar er moet toch tot in lengte van jaren ruimte blijven voor op z’n minst één bruine kroeg?

In die huiskamer vind je tenslotte ook steun. Denk aan Aad (75), een Texelaar die hier nu een jaar of drie wekelijks komt. Hij vond er een ware vriend in visser Richard, met wie hij nu elke maand ‘mannetjesdingen’ doet. Vissie eten in De Koog, dat werk. Na het overlijden van zijn vrouw voelde Aad zich ‘helemaal de doedelzak’, maar met hulp van De Slock (en een psycholoog) kwam hij er weer enigszins bovenop.

Eens meubilair, altijd meubilair

Het verleden wordt sowieso nooit vergeten in De Slock. Op de wall of fame prijken meerdere foto’s van grootheden uit het café die niet meer onder ons zijn. Eens meubilair, altijd meubilair.

Want ja, in De Slock ben je toch altijd ‘elkaars back-up’, volgens voormalig chefkok Theo (77). In de kroeg wordt hij steevast The Sweet Captain genoemd, al klinken er ook stemmen die beweren dat hij tot voor kort vooral The Sour Captain was. Zelf spreekt Theo liever van de term emeritus cuisinier. Ergens op zijn 40ste voer hij met zijn bootje naar Texel om aan te leggen en nooit meer te vertrekken. Het werken in de professionele keuken ligt inmiddels achter hem en dus heeft hij alle tijd om wekelijks te dobbelen – al heeft hij het betere koken nooit vaarwel gezegd: thuis hoeft niemand het ooit te doen met magnetronmaaltijden.

Verderop aan de bar zit Theun (81), die José eigenhandig ‘door de ballotage hielp’. José krijgt het even te kwaad als ze terugdenkt aan hoe makkelijk ze een jaar of tien geleden werd opgevangen in de huiskamer. Maar na het dobbelen keert de vrolijkheid gauw terug.

José stapt, na een hele avond wit voor een glaasje nog even over naar rood, Arjan houdt het gewoon bij een pilsje. Om half tien zit het er voor hen op. Meestal kijken ze op vrijdagavond nog een film op televisie, maar de kans is groot dat Arjan haar al tijdens het eerste reclameblok kwijt is.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next