Home

Politiek verslaggever Wilma Borgman: ‘Alles ligt nog open, maar ik denk dat het Bontenbal wordt’

Wat zijn dit voor vragen? In de aanloop naar de verkiezingen negen dilemma’s voor politiek verslaggever en stem van Met het oog op morgen Wilma Borgman (60). En we krijgen een dilemma terug. ‘Als ik zeg dat het in de politiek de afgelopen anderhalf jaar een rommeltje was, is dat dan een mening of een feit?’

is mediaverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft vooral over televisie, podcasts en boeken.

Premier Wilders (PVV), Bontenbal (CDA) of Timmermans (GL-PvdA)?

‘Ik denk dat het Bontenbal wordt. Als ik mensen op straat vraag naar hun mening over de politiek, krijg ik vaak te horen: het is een puinhoop. En op dit moment is Henri Bontenbal, ook omdat hij relatief nieuw is, de anti-puinhoop-politicus. Hoewel Wilders in de peilingen de grootste is, wordt het voor hem moeilijk om premier te worden, al is het in theorie nog mogelijk dat de partijen die hem niet uitsluiten samen een meerderheid behalen.

‘Alles ligt nog open. We hebben nog een week tot de verkiezingen en we hebben in 2023 gezien dat veel kiezers op het laatste moment nog naar een andere partij kunnen overstappen. Timmermans, Bontenbal en zelfs Rob Jetten kunnen ook nog de grootste worden.

‘Normaal gesproken weet ik in deze fase van de campagne alles, omdat ik er verslag van heb gedaan voor Met het oog op morgen, maar nu heb ik veel gemist. Dat geldt zelfs voor het lijsttrekkersdebat van Radio 1, dat ik eigenlijk had mogen presenteren. Op dat moment zat ik in een Jeep in Kenia te kijken naar een kudde olifanten. Ik had de reis met mijn gezin al gepland voordat het kabinet-Schoof was gevallen en het duidelijk werd dat er nieuwe verkiezingen zouden komen.

‘Ik probeer nu alles in te halen. Politieke podcasts luister ik op dubbele snelheid, maar het zijn er te veel – ik moet ook nog slapen en douchen.’

Verslag doen van het spel of de knikkers?

‘De knikkers. Uiteindelijk draait het hier in Den Haag om de gevolgen van beleid voor burgers.

‘Maar het politieke spel is ook belangrijk, want dat heeft grote gevolgen voor het beleid. Kabinetten vallen niet vanwege wetsvoorstellen, nota’s of beleidsnotities, maar vanwege een gebrek aan vertrouwen. Het kabinet-Schoof is niet gevallen op migratie, zoals de politici ons wilden doen geloven, want als ze het over één ding wél eens hadden kunnen worden, was het migratie. Ze gunden elkaar gewoon niks.

‘Tijdens de vorige formatie was er weer eens ophef, om dat vreselijke woord te gebruiken, en toen zei Dilan Yesilgöz: ‘Ik snap dat dit leuk is voor journalisten, maar ik ga daar niets over zeggen.’ Toen ben ik echt kwaad geworden. Dit was veroorzaakt door een politicus én politiek relevant en dan doet Yesilgöz alsof het onze hobby is om over gedonder te schrijven.

‘We doen verslag van wat er in de politiek gebeurt en de politiek werd de afgelopen anderhalf jaar gedomineerd door gedoe. Welk beleid hebben ze gevoerd waarover we hadden kunnen berichten?’

Radio of televisie?

‘Radio, vanwege de intimiteit. Radio verandert niets aan de werkelijkheid. Als ik nu een microfoon tevoorschijn tover, kunnen we gewoon doorpraten. Als er een cameraploeg verschijnt, gaan mensen gekke dingen doen.

‘Een van de mooiste complimenten die ik ooit kreeg, komt van Frits Spits van De Taalstaat. Over Den Haag vandaag, mijn rubriek in Het oog, zei hij: ‘Het is alsof Wilma Borgman je aan het voeteneinde van je bed nog even komt vertellen wat er is gebeurd in Den Haag.’

‘Ik was toen genomineerd voor de Taalstaatmeester. Dat was mijn finest hour. Ik ben nogal een taalfetisjist, (fluistert) ik corrigeer mijn collega’s als ze ‘Ik besef mij’, ‘ik irriteer mij aan iets’ of een ‘eensgezinswoning’ zeggen. We zijn journalisten, taal is ons instrumentarium. Maar als een violist net zo slordig zou omgaan met zijn instrument, zou er weinig mooie muziek overblijven.

‘Ik kom uit Twente, waar we de neiging hebben onze mond dicht te houden als we praten. Dat is lastig voor de radio. Dus heeft een logopedist me geleerd dat ik mijn kaak moet laten vallen.’

Denekamp of Den Haag?

‘Den Haag. Ik ben geboren in Eibergen in Gelderland, en ben op mijn 8ste naar Denekamp in Twente verhuisd. Het openbaar bestuur is me met de paplepel ingegoten. Mijn vader was gemeentesecretaris. Al zolang ik me kan herinneren, kom ik in gemeentehuizen. Toen is een fascinatie ontstaan die nooit meer is overgegaan.

‘Ik heb het mooiste beroep van de wereld. Ik mag me overal tegenaan bemoeien en kan de meest impertinente vragen stellen. In het kader van een cursus heb ik voorbijgangers eens gevraagd wat ze verdienden. Ze gaven nog antwoord ook.’

Dick Schoof of Mark Rutte?

‘Om te interviewen Dick Schoof. Eens in de drie weken interview ik de premier een kwartier voor het Wekelijks gesprek met de minister-president. Schoof is daarin soms bereid om iets van zichzelf te laten zien. Afgelopen Prinsjesdag zei hij bijvoorbeeld dat de hardheid van de politiek hem was tegengevallen.

‘Mark Rutte was veel afstandelijker. Toen Angela Merkel vertrok uit de Duitse politiek, vertelde hij daar vrijuit over. Maar over politiek explosieve situaties was hij voorzichtiger.

‘Ik volg de VVD al twintig jaar, over Rutte heb ik meerdere boeken geschreven. Ik denk dat hij zichzelf niet wil laten kennen. Ik snap dat. Als publiek bezit is hij kwetsbaar. Dan kan ik me voorstellen dat je een hek zet om je privéleven.

‘Twee jaar geleden had ik op Prinsjesdag mijn laatste interview met hem. Ik had besloten om het eens niet over politiek te hebben en vroeg hem of hij al pannen had – bekend is dat hij die niet heeft. Maar hij verstond ‘plannen’ en ging uitgebreid ontkennen dat hij die had – destijds circuleerden de geruchten dat hij naar de Navo zou gaan. Toen Rutte begreep dat ik naar pannen vroeg, zei hij dat hij een waterkoker had.’

De Nederlandse democratie is gezond of in gevaar?

‘Ik zou zeggen gezond. En dan baseer ik me niet alleen op mijn eigen deskundigheid maar ook op die van politicologen als Tom van der Meer. Hij zegt dat ons parlementaire systeem voorkomt dat één partij het voor het zeggen krijgt. Altijd zijn er dempende vaten, checks and balances – al hou ik er niet van om Engels te spreken.’

Objectieve of subjectieve journalist?

‘Dat is een ingewikkelde. Als journalist maak je voortdurend subjectieve keuzen. Welke onderwerpen je behandelt, hoe je ze behandelt, welke plek ze in de uitzending krijgen.

‘Maar ik werk voor de NOS, alle partijen zijn me even lief, zowel de SP- als de PVV-stemmer moet zich in onze berichtgeving herkennen. Ik wens op geen enkele manier op partijdigheid betrapt te worden en vertel ook niet aan vrienden wat ik stem. Ik doe verslag en geef geen mening. Soms is het verschil daartussen niet duidelijk. Als ik zeg dat het in de politiek de afgelopen anderhalf jaar een rommeltje was, is dat dan een mening of een feit? Als zelfs de vicepremiers zeggen dat hun kabinet is mislukt, kun je denk ik wel stellen dat het een feit is.’

Politiek journalist in 1996 of 2025?

‘Het is onvergelijkbaar. Er is nog maar weinig vertrouwen van politici in journalisten en er is nog weinig vertrouwen van journalisten in politici. Deels komt dat door het gebouw. In deze Tweede Kamer kom je elkaar nooit spontaan tegen. Als ik een politicus wil spreken, moet ik een afspraak maken. Dan kom je iets halen of brengen. In de wandelgangen van het oude Binnenhof had je het over het ski-ongeluk van je buurvrouw.

‘Het ligt niet alleen aan het gebouw. Door de snelheid van sociale media is iedereen kwetsbaarder geworden en daardoor voorzichtiger. Er zijn veel meer journalisten bijgekomen. En sommige politici zijn onbereikbaar. Dat wij iedere dinsdagmiddag gedwongen worden om ons in een kudde van dertig journalisten rondom Wilders te verdringen in de hoop hem eindelijk een vraag te stellen, is vernederend. Maar het kan niet anders. Want alleen op dinsdagmiddag loopt hij naar de Tweede Kamer. Je zou namens alle journalisten één iemand kunnen afvaardigen, maar uiteindelijk wil toch iedereen zijn eigen quote.

‘Vroeger was het speelveld gelijker. Als ik 25 jaar geleden een minister interviewde, wist ik dat hij misschien niet zijn hele ziel op tafel zou leggen, maar de kans dat er glashard tegen me werd gelogen, was niet groot. Nu weet ik dat niet meer zo goed.’

Paarden of politici?

‘Ik ben een paardenmeisje, maar ik ben twee keer in mijn leven hard van een paard gevallen, dus dan maar politici.

‘Politici zijn meestal mensen die iets willen en bereid zijn daar een hoge prijs voor te betalen. In 2017 hadden bewindspersonen en Kamerleden van de PvdA zichzelf vier jaar lang binnenstebuiten gekeerd, ze hadden afscheid genomen van het thuisfront en hun vrienden en hun sportclub om hier in Den Haag de boel naar hun politieke overtuiging enigszins te verbeteren. Ze werden afgedankt en bij het grofvuil gezet, ze verloren 29 zetels.

‘Toen vroeg ik me af: waarom zou je nog politicus worden? Je werkt tachtig uur met alle bedreigingen en ellende van dien. En wat staat er tegenover? IJdelheid natuurlijk en geld, maar dat kan niet alles zijn. Er is ook iets van verantwoordelijkheidsgevoel en, hoe klein ook, iets van idealisme.’

Wilma Borgman

1965Geboren in Eibergen
1988-1990 School voor Journalistiek in Utrecht
1990-1995Bureauredacteur Den Haag Vandaag TV
1996-nuPolitiek verslaggever NOS
2005-nuPolitiek verslaggever Met het oog op morgen
2018Boek Vrienden tegen wil en dank: de lessen van het tweede kabinet-Rutte (met Max van Weezel)
2019Genomineerd voor de titel Taalstaatmeester
2020 Radioverslaggever van het jaar
2022Boek De prijs van de macht: Mark Rutte en de VVD
2024Boek Het raadsel Rutte (met Ron Fresen)
Wilma Borgman heeft twee kinderen.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next