Strip Asterix en Obelix gaan op reis naar Portugal en maken kennis met de fado, saudade (weemoed) en bacalhau (stokvis) in ‘Asterix in Lusitania’. Het nieuwe, 41ste stripalbum, verschijnt in 25 landen.
Beeld uit ‘Asterix in Lusitania’.
Dit jaar, 2025, is een goed jaar voor de Franse stripheld Asterix, de kleine, onverwinnelijke Galliër die het voortdurend met de Romeinse leider Julius Caesar aan de stok heeft. Begin dit jaar veroverde Asterix Netflix met een nieuwe, geestige 3D-geanimeerde miniserie De strijd van de stamhoofden.
Asterix in Lusitania. Tekst Fabcaro, tekeningen Didier Conrad. Uitgave Hachette/Goscinny-Uderzo. 48 pag. € 7,99.
En op donderdag 23 oktober verschijnt in 25 landen in een oplage van vijf miljoen boeken het nieuwe, 41ste stripalbum Asterix in Lusitania, waarin de besnorde krijger met zijn altijd hongerige vriend Obelix naar Portugal reist – dat onderdeel was van de Romeinse provincie Lusitania. Volgens de uitgever zijn er sinds het eerste Asterix-album uit 1959 wereldwijd nu vierhonderdmiljoen exemplaren verkocht, en stijgt de eerste oplage van ieder nieuw album nog steeds.
Niet gek voor de 66 jaar oude stripheld, wiens oorspronkelijke scheppers, scenarist René Goscinny en tekenaar Albert Uderzo, inmiddels zijn overleden (in 1977 en 2020).
Anders dan bij de Belgische stripheld Kuifje, van wie na de dood van diens schepper Hergé in 1983 geen nieuwe avonturen meer zijn verschenen, worden Asterix en zijn vrienden levend gehouden door verschillende teams van schrijvers en tekenaars.
Vandaar dat in de Netflix serie over Asterix actuele grappen over internet en ‘mozaïek-selfies’ gemaakt worden, door nieuwe figuren zoals het slimme jonge Romeinse meisje Metadata en de Galliër Tienmilleklix. De Netflix-serie is een bewerking van Alain Chabat van een oorspronkelijke Asterix-stripboek uit 1966 over een stamhoofdenstrijd.
Het album Asterix in Lusitania is een compleet nieuw reisavontuur, geschreven door de Fransman Fabcaro en getekend door Uderzo’s opvolger Didier Conrad, een Franse tekenaar die in de VS woont. Zijn oude makers lieten Asterix al reizen naar landen als Zwitserland, Groot-Brittannië, Spanje en Amerika, wat steeds aanleiding was tot vrolijke grappen over de volksaard en culinaire bijzonderheden.
Dat is ook weer het geval in Asterix in Lusitania, waarin vooral Obelix, liefhebber van everzwijnen, zich beklaagt over het populaire Portugese gerecht bacalhau: gezouten en gedroogde kabeljauw. Maar zo zorgeloos grappen maken over stereotypen als de oorspronkelijke Asterix-makers in de jaren zestig en zeventig dat deden, kan niet meer. Vandaar dat scenarist Fabcaro bij de lancering van dit nieuwe stripalbum in de Portugese ambassade in Parijs eerder deze maand benadrukte dat hij er met dit avontuur naar had gestreefd „met de Portugezen te lachen, niet om hen”. Dat dat gelukt was, bleek wel uit het commentaar van de Portugese ambassadeur, Francisco Ribeiro de Menezes, die blij was met de strip, en zei: „We vieren hier de vriendschap, ook al zijn er geen everzwijnen bij.” Hij wees op de historische overeenkomst tussen de Lusitaniërs (Portugezen) en de Galliërs (Fransen), die zich beiden verzet hadden tegen de Romeinse overheersers.
Beeld uit ‘Asterix in Lusitania’.
Die overeenkomst is ook door Fabcaro verwerkt als flashback in de strip – de Portugese verzetsstrijder tegen de Romeinen, Viriatus, leefde eerder dan de Gallische opstandsleider Vercingetorix (de inspiratiebron voor Asterix). Viriatus werd door zijn eigen mensen verraden aan de Romeinen. En dat is, volgens dit nieuwe Asterix-album, de bron van de beroemde Portugese melancholie, saudade, waarvan hun volksmuziek, de fado, doordrenkt is. „Wij leven ontroostbaar door, trots op ons verzet en bedroefd over het verraad van de onzen”, zegt een Lusitaniër tegen Asterix en Obelix. Waarop Obelix zegt: „Rare jongens, die onzen.”
Het verhaal in dit album draait ook om verraad door een Lusitaniër (genaamd Amorales), waardoor een onschuldige landgenoot door de Romeinen ter dood veroordeeld wordt, verdacht van een moordcomplot op Caesar. De hulp van de Galliërs en hun toverdrank, die hen onoverwinnelijk maakt, wordt ingeroepen om hem te bevrijden. Asterix en Obelix komen in Portugal in een web van intriges terecht rond de Romeinse leider en zijn superrijke, machtige vrienden.
Het verhaal komt wat traag op gang doordat Fabcaro in het begin veel over Portugals bijzonderheden kwijt wil, maar daarna komt het avontuur vol grappen op gang. Zo moet Asterix opereren onder de schuilnaam Efseheracles (leuke vondst van vertaalster Margeet van Muijlwijk) als hij en Obelix vermomd als Lusitaniërs in actie komen.
De fado-zang heeft op Romeinse soldaten een verlammende uitwerking: elke keer als ze zo’n melancholisch lied horen, ebt hun vechtlust weg: „Ik krijg ineens behoefte om met een reumatische ezel door Avernië te trekken”, zegt een aanvallende Romeinse soldaat die een fado hoort (een verwijzing naar het wandelboek dat Schateiland-auteur Robert Louis Stevenson in 1879 publiceerde: Travels with a Donkey in the Cévennes).
Ook wordt een stel gepensioneerde Galliërs dat als toerist door Lusitanië reist op de hak genomen. De twee verbazen zich onder meer over de hoge pensioenleeftijd buiten Gallië (een knipoog naar het huidige verlammende politieke debat in Frankrijk over de vraag of de Franse pensioenleeftijd van 62 naar 64 jaar opgeschroefd moet worden). Franse zelfspot is volop aanwezig in dit nieuwe album, net als in de oude albums. De geest van Goscinny en Uderzo is bij vlagen vaardig over Fabcaro en Didier in dit album, al was dat nog meer het geval in hun vorige album De Witte Iris uit 2023. Die Franse zelfspot kenmerkt ook de Netflix Asterix-animatie, waarin een Romein grappig wil zijn en zegt: „Wat is het verschil tussen een Galliër en een everzwijn? De ene is harig en maakt knorgeluiden, de andere is een everzwijn.”
Beeld uit ‘Asterix in Lusitania’.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC