Integriteit Zoals de wet die nu inricht, helpt het nieuwe instituut sporters en de sportbranche niet aan integere sport, schrijft voorzitter Tom van ‘t Hek.
Misstanden in het turnen waren aanleiding voor een nieuw op te richten centrum voor integere sport.
Niemand is er bij gebaat. „De melder niet, sportorganisaties niet en het centrum Integere Sport Nederland niet.” Dat schrijft Tom van ’t Hek, voorzitter van de Nederlandse Sportraad, deze donderdag in een brief aan staatssecretaris Judith Tielen van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) over haar plannen voor een nieuw op te richten instituut dat garant moet staan voor „een veilige en integere sport waarin iedereen, jong en oud, met plezier kan (top)sporten en bewegen”.
De Sportraad is een onafhankelijk adviesorgaan voor de Nederlandse regering en het parlement, dat het wetsvoorstel op verzoek van de staatssecretaris bestudeerde. Het oordeel over het centrum Integere Sport Nederland (ISN) is snoeihard. „Helpt ISN zoals de wet die nu inricht sporters en de sportbranche aan integere sport? Het antwoord is nee”, schrijft Van ‘t Hek aan het eind van zijn veertien pagina’s lange brief.
Aan het nieuw op te richten centrum, dat losstaat van sportkoepel NOC-NSF en de sportbonden, gaat een langere geschiedenis vooraf. Directe aanleiding waren de misstanden in de turnsport, waarover in 2021 het rapport Ongelijke Leggers verscheen van Marjan Olfers, hoogleraar recht en sport aan de VU, en criminoloog Anton van Wijk. Daarin wordt het beeld geschetst van een problematische sportcultuur, waarvan met name voormalig turnsters veel last van hebben. Sommigen zijn niet in staat om te werken of relaties aan te gaan. Ze kampen met depressies, zelfmoordgedachten en prikkelbaarheid.
Van ’t Hek bedankt de in juni aangetreden staatssecretaris dat zij het wetsvoorstel zo snel heeft voorgelegd, maar komt vervolgens met een lange lijst bezwaren. „De NLsportraad vindt dat het wetsvoorstel te veel vertrouwen uitstraalt in het effect van slechts het bestaan van een wet”, schrijft hij. „De praktijk moet dan verdere uitvoering regelen. Daarbij wordt er te veel van uitgegaan dat de kwartiermaker alles regelt en oplost.”
Ook vindt Van ‘t Hek het onduidelijk „wat het grensoverschrijdend gedrag is waarover het centrum gaat” en mist hij financiële onderbouwing. „De huidige financiële onderbouwing is onvoldoende uitgewerkt en daardoor te onzeker om een toekomstbestendig centrum neer te zetten”, schrijft hij.
Melders van sociale onveiligheid komen er wat de Sportraad betreft bekaaid vanaf bij het ISN. Psychische hulp is niet goed geregeld, anoniem melden is „bijna onmogelijk” en de melder heeft geen regie. „Als een melder zijn melding wil intrekken, besluit ISN of het onderzoek daadwerkelijk stopt.”
Marjan Olfers sluit zich aan bij de kritiek van Van ’t Hek. Ze noemt het wetsontwerp „niet goed doordacht” en vindt dat het „bestaande problemen niet oplost”. Zo’n centrum moet niet worden ondergebracht bij de overheid, zegt Olfers tegen NRC. „Het is de verantwoordelijkheid van de sport zelf. Leg die verantwoordelijkheid dan ook dáár waar die hoort.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC