Home

EU-leiders knagen aan de ziel van de Green Deal

Kan de Europese Unie zich nog een ambitieus klimaatbeleid veroorloven? Over deze vraag buigen EU-leiders zich vandaag. Steeds meer lidstaten trappen op de rem. ‘Dit wordt ellende.’

is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.

Het is een wetmatigheid bij EU-toppen: hoe heikeler de onderwerpen, des te langer de conclusies en hoe minder erin staat. In dat licht zijn de ontwerpbesluiten donderdag over het klimaatbeleid tamelijk verontrustend. Die beslaan inmiddels negen paragrafen (het waren er vier), die net zo substantieel zijn als een hand vogelkooizand.

Op zich niet zo verrassend. De regeringsleiders buigen zich vandaag over een fundamentele vraag: kan de EU zich nog een klimaatbeleid veroorloven als energieprijzen hoog zijn, er honderden miljarden euro’s extra naar defensie moeten en de Europese economie dringend dient te innoveren? In 2019 omhelsden de meesten nog de Green Deal, het Man on the Moon-project van de Europese Commissievoorzitter Ursula von der Leyen en toenmalig klimaatcommissaris Frans Timmermans. Groen was de toekomst, ook voor de economie.

Anno 2025 trappen steeds meer lidstaten – inclusief grote vier Duitsland, Frankrijk, Polen en Italië – op de rem. De barsten in het groene front laten zich nauwelijks nog toedekken met de verbale plamuur van steeds langere conclusies. ‘Dit wordt ellende’, zegt een nauw betrokken EU-ambtenaar over de komende klimaatdiscussie van de leiders. GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout sprak woensdag over ‘de grootste aanval ooit op de Green Deal’.

Steen des aanstoots

Directe steen des aanstoots voor veel leiders is het voorstel dat Wopke Hoekstra (de opvolger van Timmermans in Brussel) in juli presenteerde om de uitstootdoelen voor 2040 vast te leggen. De EU moet dan 90 procent minder broeikasgassen produceren vergeleken met 1990, waarvan – vroegtijdig cadeautje voor de klimaatcritici – 3 procent buiten de EU gerealiseerd mag worden.

Normaliter zou dit Commissievoorstel door de milieuministers en het Europees Parlement zijn afgehandeld, maar zover is het nog niet gekomen. De Franse president Emmanuel Macron en de Duitse bondskanselier Friedrich Merz eisten dat deze kwestie eerst door de leiders werd besproken. Het 2040-doel raakt de hele samenleving en kan niet worden overgelaten aan de vakministers zonder ‘politiek advies’ van de leiders, aldus Macron en Merz. Hun Hongaarse, Slowaakse en Tsjechische collega’s – al langer misnoegd over de groene golf – reageerden opgetogen.

Zij grepen hun kans om een andere wet opnieuw ter discussie te stellen: de afspraak om vanaf 2027 brandstof voor auto’s en woningverwarming te belasten met een heffing op de CO2-uitstoot. Dat leidt tot hogere prijzen aan de pomp en thuis en is potentieel goed voor een tweede opstand van de ‘gele hesjes’, de boze burgers die in 2018 vooral Frankrijk platlegden uit protest tegen een verhoging van de brandstofaccijns.

Merz bracht zelf nog een (reeds aangenomen) wet op tafel: die over het einde van de verbrandingsmotor vanaf 2035. Een deel van de Duitse auto-industrie en zijn christendemocratische partij, ook die in het Europees Parlement, willen respijt voor de traditionele wagen. Volgens Merz en de zijnen verdwijnt de auto-industrie anders uit Europa, zoals dat eerder met de productie van textiel en de zonnepanelen is gebeurd.

Het spook van de de-industrialisatie, waarmee Europa het openluchtmuseum zou worden voor rijke, wel producerende Chinezen en Amerikanen, maakt dat ook andere groene voornemens worden afgezwakt: de wet om wereldwijde ontbossing tegen te gaan en die voor verantwoord ondernemen. ‘In het verleden hebben we te veel alleen naar het klimaat gekeken’, zei Hoekstra deze week in De Telegraaf.

Politieke erfenis

Beducht voor het lot van haar politieke erfenis schreef Von der Leyen afgelopen maandag een brief naar de leiders om de klimaatdiscussie in de door haar gewenste banen te leiden. Groen is volgens haar nog steeds de toekomst, dus houdt ze vast aan het 2040-klimaatdoel, alsook aan het geplande afscheid over tien jaar van de verbrandingsmotor. Tegelijk belooft ze flexibiliteit en realisme. En ze zet de deur op een kier voor ‘schone brandstoffen’ (waterstof, geavanceerde biobrandstof) voor de groep die echt niet aan de stekkerauto wil.

Het is onzeker of deze ‘landingszone’ van Von der Leyen lang genoeg is. De harde tegenstanders van een ambitieus klimaatbeleid zijn bekend: Polen, Italië, Hongarije, Slowakije en Tsjechië. Daartegenover staat een groep landen – Nederland, Zweden, Spanje, Denemarken, België, de Baltische staten – die de klimaatdoelen, mits met enig pragmatisme, nog steeds steunt. De twee onbekenden zijn Frankrijk en Duitsland, de motor van de EU.

Macron zit thuis politiek gezien zwaar in de problemen. Zijn derde premier in een jaar probeert een begroting op te stellen, kredietbeoordelaars straffen Frankrijk voor de hoge staatsschuld en dito begrotingstekort en radicaalrechts klopt op de deur van zijn presidentiële Elysée. Niet het moment voor Macron om groene initiatieven te steunen, vandaar zijn stilte deze dagen.

Merz op zijn beurt wil minder groen, maar zit in een coalitie met de sociaaldemocraten, die de Green Deal wel een (zij het krimpend) warm hart toedragen. Zolang die verdeeldheid blijft, geeft dat Von der Leyen meer kans als de compromismaker.

De vage ontwerpconclusies van de leiders – geen getallen, iedereen zijn eigen uitleg – zorgen ervoor dat het 2040-besluit alsnog op het bord van de milieuministers belandt. Tot opluchting van de Commissie: deze vakministers zijn niet alleen groener dan hun politieke bazen, ze besluiten met gekwalificeerde meerderheid, terwijl bij de EU-top elke leider een veto heeft.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next