Elf van de vijftien politieke partijen doen voorstellen in hun verkiezingsprogramma’s die tegen de rechtsstaat ingaan, aldus de Nederlandse Orde van Advocaten. Lezers van de Volkskrant reageren.
‘Elf van de vijftien politieke partijen doen in hun verkiezingsprogramma’s voorstellen die tegen de rechtsstaat ingaan’, aldus de Nederlandse Orde van Advocaten dinsdag in de krant. En vorige week zaterdag konden we in het essay van Olaf Tempelman en in de recensie van het nieuwe boek Voor democratie van Bas Heijne lezen we hoe fragiel onze democratie is.
In 1917 zag de politiek de stemplicht als een van de bouwstenen van een stevig verankerde democratie. Maar later kwam men tot het inzicht dat zo’n door de overheid opgelegde plicht juist voor het vertrouwen in de democratie contraproductief is. En in 1970 werd die stemplicht definitief geschrapt.
Terecht natuurlijk. Maar wat nu dreigt, is dat het stemrecht ondergraven wordt bij de huidige ontwikkelingen. Niet in de zin dat je niet meer in het stemhokje mag komen (dat vinden zelfs, of juist de autocraten prima). Nee, het gaat om wat je stem waard is, en of die straks niet medeplichtig wordt aan een uitgeklede democratie.
Dus juist om het stemrecht – voor zover ingebed in een goed functionerende democratie – ook op termijn in zijn volle omvang te behouden, voel ik me deze keer meer dan ooit verplicht om te gaan stemmen.
Jacq Zinken, Gorinchem
Regeringspartijen VVD, BBB en PVV, maar ook JA21, FvD en SGP gaan verder dan ‘het opzoeken van de grenzen van de rechtsstaat’. In het rapport van de Nederlandse Orde van Advocaten lees je dat ze in hun verkiezingsprogramma’s royaal over die grenzen heengaan. De manier waarop ze grond- en mensenrechten afhandig willen maken van duizenden oorlogsvluchtelingen getuigt al niet van een verfijnd gevoel voor recht en medemenselijkheid. Maar ook de rechten van miljoenen ‘hardwerkende, geboren en getogen’ Nederlanders moeten het bij hen ontgelden.
Om te voorkomen dat opnieuw mensen worden vermorzeld, pleitte Kamerlid Michiel van Nispen (SP) voor een Nederland waarin basale grondrechten worden gerespecteerd en de rechtsstaat wordt versterkt. Wetten die een ongerechtvaardigde inbreuk maken op de grondrechten mogen niet worden aangenomen. Van Nispen zei dit als voorzitter van een staatscommissie die het toeslagenschandaal onderzocht.
De genoemde partijen lieten zich in lovende woorden uit over het rapport Blind voor mens en recht, en de gedane aanbevelingen. Ze toonden zich begaan met het leed van de gedupeerden. Het blijken praatjes voor de vaak, krokodillentranen. Yeşilgöz, Van der Plas, Wilders, Eerdmans, De Vos en Stoffer blijven blind voor mens en recht.
Hans Dammingh, Hoevelaken
Politieke partijen nemen steeds meer een loopje met de rechtsstatelijkheid. De aandacht gaat daarbij snel uit naar PVV en JA21, die koplopers zijn op dat gebied. Maar het meest schrijnend is de ontwikkeling bij de SGP. Nog maar een paar jaar geleden werd de partij geleid door Cees van der Staaij, die gold als ‘het staatsrechtelijk geweten van de Tweede Kamer’.
Het huidige verkiezingsprogramma van de SGP is op maar liefst dertien punten strijdig met die rechtsstatelijkheid. ‘Ieder mens moet zich onderwerpen aan de gezaghebbers die over hem gesteld zijn, want er is geen gezag dat niet van God komt. (…) Daarom verzet wie zich tegen het gezag verzet, zich tegen wat God heeft ingesteld.’ (Romeinen 13:1-2). Schaamt u, christenbroeders.
Rob Feenstra, Den Hoef
In plaats van partijprogramma’s alleen financieel te laten doorrekenen, zou het naar mijn mening een goed idee zijn ze te laten controleren op wettelijke haalbaarheid. Daarmee zou je twee vliegen in één klap slaan. Ten eerste zouden valse beloften bij voorbaat worden ontmaskerd, waardoor hopelijk minder mensen gaan stemmen op een partij die van alles belooft wat (vooralsnog, zeg ik er huiverend bij) nooit kan worden waargemaakt.
Ten tweede zouden kiezers duidelijker in beeld krijgen of een partij van plan is zich aan de wet te houden, of daar lak aan heeft. In het laatste geval kan een partij zich ook in Nederland na de verkiezingen zomaar ontpoppen tot een tirannieke haatmachine die alles platwalst wat een land leefbaar maakt.
Wie denkt dat dat in een land met een meerpartijenstelsel niet zo’n vaart zal lopen, moet zich misschien afvragen wat dat meerpartijenstelsel nog waard is als een meerderheid kan worden gevormd door partijen die het allemaal niet zo nauw nemen de wettelijke haalbaarheid van hun plannen. En die, als ze eenmaal aan de macht zijn, onze rechtsstaat bij het grof vuil zetten, niet gehinderd door wetten waar ze zich toch niet aan gebonden voelen. Ik zie het in dat geval zwart (of bruin) in.
Karin Breuker, Baarn
Stel dat we, in het kader van transparantie en overzichtelijkheid ten tijde van de politieke chaos, overgaan tot het alleen kunnen stemmen op partijen die voldoen aan ‘reguliere’ eisen van de kiesraad, de toets van de Nederlandse Orde van Advocaten en een door het CPB doorgerekend partijprogramma kunnen aanleveren. Dan gaan we momenteel over tot een tweepartijensysteem.
Waar er in 2023 nog vier partijen aan deze eisen voldeden, zijn dat er bij deze verkiezingen nog slechts twee: GroenLinks-PvdA en Volt.
De vraag is of we ons op een hellend vlak, of regelrechte afgrond bevinden richting – ja, richting wat eigenlijk?
Jo Wuijts, Leiden
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant