Home

Clash tussen Jetten en Timmermans markeert terugkeer van lang vermeden zorgdossier

GL-PvdA-leider Frans Timmermans weet zeker dat D66 jokt over zijn zorgplannen. Een oud hoofdpijndossier keert zo terug in het politieke debat: de betaalbaarheid van de zorg.

De synapsen in het brein van een politicus raken na verloop van tijd anders bedraad, diagnosticeerde de Britse ex-minister Rory Stewart al eens. Zoals Londense taxichauffeurs door het eindeloos bestuderen van plattegronden en routes een groter geheugencentrum blijken te krijgen, zo ontwikkelen politici volgens Stewart een uitdijende hersencapaciteit ‘voor sluiproutes en bochtige ontwijkingen’.

Het RTL-debat van zondag was daar weer een voorbeeld van. D66-leider Rob Jetten en VVD-lijsttrekker Dilan Yesilgöz ontkenden dat in hun plannen nieuwe, hoopvolle behandelmethoden niet langer in het basispakket van de zorgverzekering worden opgenomen. In de doorrekening van het Centraal Planbureau (CPB) staat het omgekeerde: D66 en VVD kiezen – net als JA21, Volt en ChristenUnie – voor een bevriezing van het basispakket. Daardoor zullen ‘nieuwe behandelmethoden en geneesmiddelen die de zorg duurder maken niet meer vergoed worden uit het basispakket’, aldus het CPB. Dat levert op de lange termijn een bezuiniging van 7,7 miljard euro op.

Modellenwerkelijkheid

Jokken Jetten en Yesilgöz, zoals GL-PvdA-leider Frans Timmermans stelt? In de doorsnee bovenkamer luidt het antwoord waarschijnlijk bevestigend, maar niet in het brein van politici met een extra hersenkwab om vluchtroutes te bedenken. De uitleg bij D66 en VVD is nu dat ze de kosten bevriezen, maar niet de inhoud. Als er een veelbelovend nieuw medicijn bijkomt, zal er gezocht worden naar een andere behandeling die weer uit het basispakket kan. Hoe dat in de praktijk moet werken, weet niemand, maar in een modellenwerkelijkheid is het denkbaar.

Politiek redacteur Frank Hendrickx bericht wekelijks over de mechanismen achter de politieke gebeurtenissen.

De clash bij het RTL-debat kan invloed hebben op de campagne, maar betekent ook een inhoudelijke cesuur. Na een vakantie van een klein decennium is de discussie over de oplopende zorgkosten terug in de politieke arena. Bij de campagnes van 2017, 2021 en 2023 speelde het thema niet. Geen enkele partij stelde in die jaren van relatieve voorspoed voor om substantieel te snijden in de zorg, hoewel ambtelijke werkgroepen onverminderd waarschuwden dat de door innovatie en vergrijzing oplopende kosten uiteindelijk ten koste zouden gaan van andere publieke voorzieningen, zoals onderwijs, veiligheid, wonen en armoedebestrijding.

GL-PvdA wil ook bij deze verkiezingen de zorguitgaven niet afremmen, maar onderscheidt zich daarmee inmiddels van de meeste politieke rivalen. Binnen de fusiebeweging zijn er nog steeds trauma’s van het harde bezuinigingsbeleid onder het kabinet-Rutte II, waar de PvdA in zat. Nu wordt ervoor gekozen om kwetsbare groepen te beschermen.

De partij betaalt de stijgende zorgkosten met een extra inkomensafhankelijke bijdrage en hogere belastingen, maar tegelijkertijd maakt de CPB-doorrekening ook duidelijk hoe moeilijk het is om de sommetjes kloppend te maken. GL-PvdA kiest ervoor om de afgesproken extra uitgaven voor defensie maar tot 2030 te financieren. Een rekening van zo’n 10 miljard euro blijft daardoor open staan, maar toch loopt ook nu al de staatsschuld op tot 130 procent in 2060 – ruim twee keer hoger dan de Europese norm. Voormalige PvdA-ministers van Financiën als Wim Kok en Jeroen Dijsselbloem zouden zwetend wakker worden van dergelijke cijfers.

Minder toegankelijk voor lagere inkomens

Andere voor de hand liggende regeringspartijen snijden wel in de zorgkosten, van 9,7 miljard bij de VVD tot 5,6 miljard bij het CDA. Zeker bij de liberalen leidt dat ertoe dat de zorg minder toegankelijk wordt voor lagere inkomengroepen.

De bezuinigingen op de zorg worden deels gebruikt om de extra uitgaven voor defensie te betalen. Toch blijft ook bij centrumrechtse partijen de vraag of het op de lange termijn houdbaar is om zorgkosten te hebben die sneller stijgen dan de economie. Zelfs bij de VVD, die zich altijd laat voorstaan op sobere overheidsfinanciën, loopt de staatsschuld bij ongewijzigd beleid op naar 106 procent in 2060. Bij D66 is dat 127 procent, bij het CDA 133 procent.

Dat Nederland met een dergelijk ruimhartig financieel beleid formeel nu al niet meer voldoet aan de Europese begrotingsregels, speelt geen enkele rol in de campagne. ‘Omdat niemand zich er nog aan houdt, zelfs de VVD niet, is het een apolitiek thema geworden’, aldus één insider.

Zonder risico is dat niet, wordt achter de schermen erkend. De bezuinigingen op de zorg worden nu een-op-een gekoppeld aan de extra defensieuitgaven. Partijen als PVV en SP hameren nu al op dat aambeeld: zorggeld gaat naar de Navo-norm.

Bij de centrumrechtse partijen valt te horen dat het hoe dan ook nodig is om iets te doen aan de stijgende zorgkosten. Tegelijkertijd is de kiezer daar nooit op voorbereid. Zeker als de concrete consequenties voor patiënten duidelijk worden, zal het nog veel moeite kosten om de samenleving te overtuigen van de noodzaak van bezuinigingen.

De ervaring leert ook dat bij forse tegenwind het politieke brein zomaar op zoek kan naar redenen om pijnlijke maatregelen toch weer even uit te stellen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next