Drugs Naast toeristen weten criminele organisaties Costa Rica steeds beter te vinden – als doorvoerhaven voor cocaïne uit Zuid-Amerika. „De jeugd vandaag wil alles snel. Snel geld verdienen, snel een mooie auto. Daardoor zoeken ze verkeerde manieren om geld te verdienen.”
Beeld van de kust van Costa Rica.
De zon staat op zijn hoogste punt als Alric Allen op de steile weg naar Barrio de San Juan op loopt, de wijk waar hij 47 jaar geleden geboren werd. Achter hem ligt de stad Limón, waar betonnen huisjes met golfplaten als daken van elkaar worden gescheiden door een wirwar van straatjes.
De stad wordt voor een groot deel omringd door de Caribische Zee. De enige plek waar op dit uur van de dag beweging waar te nemen is, is de haven van de Costa Ricaanse stad. Grote hefkranen bewegen op en neer, vrachtwagens rijden door de stalen toegangshekken, schepen leggen aan.
Terwijl magere honden aan kettingen zich verenigen in een onheilspellend geblaf, wijst Allen op een vervallen huis. „De vrouw die hier woonde had vier zonen. Ze kon amper rondkomen van haar werk. Een bende uit Limón bood twee zonen simpel werk aan. Ze moesten de hele dag op de hoek van de straat staan en een seintje geven als politie of rivalen in de buurt waren”, zegt hij. „Ze kregen in een week wat je normaal gesproken niet eens in twee maanden verdient. Inmiddels zijn beide zonen dood. Afgemaakt in een bende-oorlog”.
Allen veegt het zweet van zijn hoofd. Hij kent tientallen verhalen zoals dat van zijn buurtgenoot. Hij pakt zijn telefoon en scrolt tot hij een foto van zijn neef Jairel heeft gevonden. „Hij was 27 jaar, klaar met de middelbare school, had zelfs een bachelor gehaald. Maar zijn familie had geen geld om een vervolgopleiding te betalen. En in deze streek is amper werk”, zegt Allen. Jairel leerde via een bijbaantje als beveiliger „verkeerde mensen” kennen, legt Allen uit. „Op een avond ging hij naar een bar. En werd doodgeschoten. We weten niet door wie.”
Alric Allen.
Allen scrolt op zijn telefoon door de foto's van zijn neef Jairel.
„Pura vida”, oftewel „puur leven”, is de slogan waarmee de autoriteiten Costa Rica als een idyllisch toeristenparadijs verkopen. Maar niet alleen toeristen weten het Midden-Amerikaanse land te vinden: de afgelopen jaren is het een steeds belangrijkere rol gaan spelen in de internationale cocaïnehandel, als doorvoerhaven voor cocaïne uit Zuid-Amerika.
Het land exporteert jaarlijks miljoenen kilo’s aan fruit naar Europa en de Verenigde Staten, ladingen die snel vervoerd moeten worden, zodat de bananen en de ananassen niet gaan rotten. De routes naar Europa worden inmiddels veel gebruikt door drugshandelaren, die tonnen cocaïne verstoppen in de containers.
Het centrum van het fruittransport naar Europa is de gloednieuwe haven van Moín, gelegen naast Limón. In 2019 werd het complex geopend. Sindsdien is de rol van Costa Rica als overslagpunt voor cocaïne toegenomen, met enorme hoeveelheden die door autoriteiten in beslag worden genomen aan beide kanten van de oceaan.
Zo onderschepte de Nederlandse douane sinds 2020 29.500 kilo cocaïne afkomstig uit Costa Rica – alleen uit Colombia, Panama en Ecuador werd meer ontdekt. In Costa Rica zelf was het meer: denktank Insight Crime meldt dat alleen al in 2024 een recordhoeveelheid van 27.000 kilo cocaïne in beslag werd genomen.
Europol meldde eerder dit jaar dat een groot smokkelnetwerk tussen Costa Rica, Portugal en Spanje was opgerold. De cocaïne werd verstopt in bevroren yucca-poeder. Er werden 21 partijen cocaïne in beslag genomen, onder meer in België, Duitsland en Nederland.
De politie toont in mei 2024 een partij in beslag genomen drugs: 2024 kilo marihuana en 485 kilo cocaïne.
Met de toename van de drugshandel is ook het drugsgeweld toegenomen. Lokale bendes vechten felle oorlogen uit over de controle van smokkelroutes, met name in en rond Limón.
Allen werkt op een middelbare school in de havenstad. Hij probeert zijn studenten van het slechte pad te houden, onder meer door zijn eigen verhaal te vertellen. „Ik zeg ze dat het soms beter is om alles stap voor stap te doen. De jeugd vandaag wil alles snel. Snel geld verdienen, snel een mooie auto. Daardoor zoeken ze verkeerde manieren om geld te verdienen.”
Hij wijst erop dat het gebrek aan kansen en banen in de regio, in combinatie met armoede, bijdraagt aan de keuze voor een criminele loopbaan. „Twee jaar geleden zijn twee studenten doodgeschoten die betrokken waren bij drugshandel. Aan het begin van dit schooljaar verloren we nog een student.”
De haven van Limón is een van de hubs geworden van drugshandel naar Europa en Nederland.
Tussen 2020 en 2023 steeg het aantal moorden in Costa Rica met 53 procent tot een record van 907 moorden in 2023. Steeds meer kinderen worden slachtoffer van het geweld, ziet Marco Vargas, traumatoloog in het Nationale Kinderziekenhuis in de hoofdstad San José.
„In de afgelopen tien jaar hebben we het soort gevallen dat hier binnenkomt enorm zien veranderen”, vertelt hij in een van de operatiekamers. „Vroeger waren het kinderen die per ongeluk gewond waren geraakt door een wapen dat voor sport of de jacht werd gehouden. Nu worden ze geraakt door rondvliegende kogels of omdat hun familieleden lid zijn van een bende.” Dat gebeurt met militaire wapens, ziet Vargas. „Met zware kalibers. Fataal voor kinderen”.
Marco Vargas, traumatoloog in het Nationale Kinderziekenhuis in de hoofdstad San José.
Bezoekers in de gangen van het Nationale Kinderziekenhuis in San José.
„Het verkeerde moment op de verkeerde plek.” Zo duidt Randall Zuñiga, directeur van de Costa Ricaanse onderzoekspolitie, de situatie van Costa Rica. Nu drugsbendes uitkijken naar een nieuwe doorvoerhaven, lijkt Costa Rica de perfecte locatie te bieden.
Daarbij speelt de enorme productie van cocaïne in de driehoek van Colombia, Peru en Bolivia mee, zegt Zuñiga. „Onder meer door verbeterde technologie wordt in deze landen drie keer zoveel geoogst. Deze overproductie moeten ze verkopen. Organisaties uit deze landen, met voorop de Clan del Golfo uit Colombia, zoeken nieuwe plekken om te kunnen transporteren.”
Zuñiga lag de afgelopen jaren meermaals in de clinch met president Rodrigo Chaves over de aanpak van drugsgeweld. Chaves neemt de groeiende problematiek naar de mening van de politieman niet serieus. Dat blijkt volgens hem uit het politiebudget, dat tot 2024 ieder jaar slonk. „Salarissen gingen niet meer omhoog. We hadden te maken met een leegloop van personeel. Pas sinds dit jaar hebben we er wat geld bij gekregen. Maar dat is bij lange na niet genoeg”.
Ook op andere punten blijft de politiebaas kritisch. „De bewaking van onze grenzen is ondermaats, de controle over de Pacifische kust waar de meeste drugs vanuit Zuid-Amerika binnenkomt ook. Maar ook het feit dat veel jongeren hun school niet afmaken en door bendes worden gerekruteerd speelt mee in de toenemende onveiligheid”, zegt Zuñiga.
Randall Zuñiga, directeur van de Costa Ricaanse onderzoekspolitie.
Zuñiga is weinig positief over de toekomst. „Dit jaar eindigen we waarschijnlijk weer op negenhonderd moorden, voor het derde jaar op rij. Ik denk dat het eerst erger zal worden voordat het beter gaat. Misschien moeten we zoals Italië of Colombia eerst een dieptepunt bereiken voordat we als land zeggen: we moeten gaan werken aan een ander Costa Rica.”
Hoewel volgens onder meer Zuñiga een integrale veiligheidsstrategie ontbreekt, spreekt de rechtse president Chaves wel over de aanpak van de crisis in Costa Rica. Zo stuurde hij eerder dit jaar zijn minister van Veiligheid naar El Salvador, om zich te laten inspireren door de nietsontziende aanpak van de Salvadoraanse leider Nayib Bukele. Die kondigde drie jaar geleden een noodtoestand af en sloot ruim 84.000 landgenoten op in een megagevangenis om bendegeweld in zijn land in te dammen.
Chaves was daar zo van onder de indruk, dat de Costa Ricaanse president zijn ambtgenoot in november 2024 de hoogste diplomatieke onderscheiding verleende, voor diens aanpak van criminaliteit. Dat als onderdeel daarvan mensenrechten zijn geschonden, liet Chaves onbenoemd.
Uitzicht op de stad Limón (dronebeeld).
In juni werd duidelijk dat criminele organisaties intussen tot op het hoogste niveau van de Costa Ricaanse politiek zijn geïnfiltreerd. Toen werd Celso Gamboa, voormalig minister van Veiligheid, gearresteerd in San José en als eerste Costa Ricaan ooit uitgeleverd aan de Verenigde Staten. Daar wordt hij beschuldigd van cocaïnesmokkel: hij zou een spil zijn in het netwerk van de Clan del Golfo en zou ervoor hebben gezorgd dat cocaïne vanuit Zuid-Amerika via Costa Rica doorgevoerd kon worden richting de VS.
Eduardo Solano, die tussen 2018 en 2021 viceminister voor Veiligheid was, zegt dat Europa een steeds belangrijkere bestemming wordt voor door Costa Rica doorgevoerde cocaïne. „Door de fentanylcrisis in de VS is de markt voor cocaïne daar gekrompen. In Europa is die juist gegroeid. En we zien zelfs dat in Australië en Israël cocaïne afkomstig uit Costa Rica wordt onderschept”, zegt hij.
Volgens Solano ontstaat er een tweedeling in Costa Rica. „De toeristen blijven komen, in recordaantallen. De plekken waar zij heengaan blijven veilig, blijven mooi. Daar merk je niks van het geweld. Maar tegelijkertijd is veiligheid het nummer één thema voor de Costa Ricaanse bevolking. Er worden enorm veel moorden gepleegd. De regering lijkt zich er niet om druk te maken. Costa Rica moet er zijn voor de Costa Ricanen, niet alleen voor toeristen.”
Ondanks herhaalde pogingen van NRC weigerde de Costa Ricaanse regering in te gaan op interviewverzoeken. Schriftelijk commentaar wilden ambtenaren ook niet leveren.
Een vrouw en haar kind lopen door de straten van Limón.
Mensen aan het strand in Costa Rica. Dit is het beeld dat veel toeristen hebben van het land.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC