Verkiezingen Alle partijen willen wel iets met voedsel en landbouw. Maar een allesomvattende visie op de toekomst van ons voedsel is moeilijk te vinden.
Rara, welke partij wil een keurmerk voor Promotie van Vaderlands Vlees? Welke partij pleit voor gezond eten op scholen en in buurten, maar wil geen „betuttelend” beleid omdat mensen „zelf verstandige keuzes kunnen maken”? En welke wil bindende afspraken met supermarkten over een gezonder aanbod? De antwoorden: respectievelijk PVV, BBB en VVD.
Welke partij wil heffingen op suiker en andere ongezonde producten? Welke wil een grens aan de ‘wettelijke hoeveelheid’ suiker in producten – wat dat ook maar mag zijn. Welke wil geen btw meer op alles wat in de Schijf van Vijf staat? Dit zijn ChristenUnie, GroenLinks-PvdA en SP.
Het zijn weinig verrassende ideeën die je tegenkomt als je in de verkiezingsprogramma’s op zoek gaat naar een visie op voedsel.
Vlees dan. Al jaren een politieke splijtzwam. Doelen om mensen minder dieren te laten eten voor de gezondheid van henzelf en de planeet heeft de overheid wel. Maar maatregelen om die doelen te halen, liggen politiek gevoelig. Volt wil een vlees- en zuiveltaks en een verbod op vleesaanbiedingen in de supermarkt. Best gewaagd, want daarvan komt de rekening rechtstreeks bij de consument/kiezer. GroenLinks-PvdA en ChristenUnie leggen de lasten liever bij de industrie, met een slachtheffing. Al weet iedereen dat het vlees in de winkel dan ook vanzelf duurder wordt.
Niet alleen vlees, al ons voedsel is politiek. Het woord voedselzekerheid staat 28 keer in het programma van de BBB. De VVD schrijft: „Voedselproductie is geopolitiek.” En de SP heeft het over „strategische autonomie” en „voedselsoevereiniteit”. Maar alle drie bedoelen ze iets anders.
Waar het de BBB vooral om de bescherming van Nederlandse boeren te doen is, ziet de VVD kansen voor agrarische kennis als exportproduct, en wil die partij ruim baan voor innovaties als kweekvlees. De SP wil dat de zeggenschap over ons voedsel verschuift van de agro-industrie naar kleine duurzame boeren. Het woord voedselzekerheid gebruiken ze niet, hoewel ze als enige wel letterlijk het risico van voedselschaarste benoemen, als gevolg van klimaatverandering.
Voedselzekerheid is de laatste jaren vooral een woord van rechts geworden, om het belang van de Nederlandse veehouderij te onderstrepen. Als links woorden van die strekking gebruikt, dan toch vooral in de context van de betaalbaarheid en beschikbaarheid van voedsel. Is er genoeg betaalbaar voedsel voor iedereen?
Daar zit spanning op. Want als je wilt dat Nederlandse boeren een goed inkomen kunnen verdienen met minder koeien of varkens, die ook nog een beter leven krijgen, kan het zijn dat iedereen daar iets meer voor moet betalen. Zuivelbedrijven en vleesproducenten, supermarkten en cateraars, maar ook consumenten.
Partijen op links en rechts willen allemaal wél dat de boodschappen minder duur worden, en zeggen stellig dat supermarkten geen last moeten hebben van belemmeringen door leveranciers. Dat veel boodschappen nu misschien wel te goedkoop zijn omdat de kosten voor gezondheid, milieu en klimaat niet in de prijs zitten, is veel moeilijker uit te leggen.
„Ketenpartijen zoals supermarkten, verwerkers en banken moeten hun verantwoordelijkheid nemen”, schrijft het CDA bijvoorbeeld. En er moeten „langjarige afspraken tussen boeren en afnemers komen, met kostendekkende vergoedingen”, aldus GroenLinks-PvdA. Kalfjes moeten bij de koe blijven, en alle dierlijke producten moeten minimaal twee ‘Beter Leven’-sterren krijgen. Maar over de consument geen woord.
Het is soms best even zoeken om erachter te komen welke maatregelen partijen voorstellen en wat die mogen kosten. Daarvoor moet je de doorrekening van de plannen van het Centraal Planbureau naast de programma’s leggen. Dan zie je bijvoorbeeld dat ook D66 een vlees- en zuivelheffing wil, terwijl dit niet in het programma staat. En dat dit volgens het CPB „uitvoeringstechnische risico’s” met zich meebrengt.
Het is al lastig genoeg om erachter te komen wat partijen concreet voorstellen. Nog moeilijker is om te ontdekken wat ze weglaten. „In 2021 was er nog best een aantal partijen die een breed voedselbeleid wilden invoeren. Toen was er veel meer aandacht voor hoe consumenten, supermarkten, de hele omgeving, onze manier van consumeren en produceren kunnen veranderen„, zegt Jeroen Candel, die aan de Wageningen Universiteit landbouw- en voedselbeleid onderzoekt. „Dat zie ik bij partijen als D66 en GroenLinks-PvdA nu veel minder, terwijl de urgentie niet is afgenomen.”
Onlangs nog verscheen voor de tweede keer een dik wetenschappelijk rapport van de EAT Lancet-commissie, dat laat zien dat het eetpatroon van mensen drastisch moet veranderen om de hele wereld te kunnen blijven voeden binnen de grenzen van de planeet, en wat dat betekent voor de voedselproductie. En vorige week kwam het Planbureau voor de Leefomgeving met een toekomstverkenning: om alle doelen voor natuur, water en klimaat te halen moet Nederland veel groener worden. Door boeren veel meer aan natuurbeheer te laten doen, door juist heel intensief met hoogtechnologische methoden ruimte voor natuur te maken, of door een combinatie van beide.
In de verkiezingsprogramma’s is wel te zien dat GroenLinks-PvdA meer neigt naar natuurinclusieve landbouw, en bij D66 en VVD meer geloof is in innovatie en technologie. Maar het valt ook op hoe lastig partijen het vinden om alles aan elkaar te knopen. Voeding en gezondheid staan op de ene bladzijde, landbouw en voedselproductie ergens anders.
Een allesomvattende visie op waar het naartoe moet, is moeilijk te vinden, zegt Candel. „Het gaat in de verkiezingsprogramma’s nergens over: wat produceren we nu eigenlijk? En moeten we misschien toch andere dingen produceren?” Volt, dat eerder ook al een Europese Voedselvisie schreef, is de enige partij die het woord ‘voedselvisie’ gebruikt. Maar dit is tegelijkertijd het programma waarvan het CPB vreest dat veel plannen moeilijk uitvoerbaar zijn.
Nog een dikke week om als kiezer alle programma’s uit te pluizen. Maar na de verkiezingen is het moment om invloed uit te oefenen niet gepasseerd. De Amerikaanse voedselschrijver Michael Pollan schreef het al: het voedselsysteem veranderen doe je niet alleen in het stemhokje. Wat je elke dag koopt en eet, maakt ook uit. Stemmen met je vork kan elke dag.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Een overzicht van de verhalen die de economieredactie vandaag heeft gemaakt
Source: NRC