Home

Ik schaam me voor de absolute kleinheid van ons land

is bestuurssocioloog aan de Erasmus Universiteit en columnist van de Volkskrant.

Het is vaak de blik van de ander die dwingt naar jezelf te kijken. Zo vroeg een Al Jazeera-journalist me vorige week wat de aankomende verkiezingen zo bijzonder maken. Uiteraard veronderstelt die vraag dat er iets bijzonder ís aan deze verkiezingen, maar ik moest beschaamd toegeven dat ik weinig bijzonders zie, eerder een terugkeer van hetzelfde, oude wijn en nieuwe zakken. Het lijkt een koortsdroom die al meer dan twee decennia voortduurt.

Want we zeggen zo graag grip op migratie te willen, maar migratie heeft volledig grip op ons, zoals hoogleraar Peter Scholten terecht stelt. Dat beeld wordt nu versterkt door de prachtige NPO-documentaire Fortuyn: On-Hollands. Het toont de historische situering van xenofobie waar verschillende politieke entrepreneurs door de tijd heen handig op in wisten te spelen. Of zoals Fortuyn het in een van de scenes ook zelf zegt: ‘Het gaat niet om mij, want zelfs als jullie me afmaken, blijft dit bestaan.’

En het is die voortdurende herhaling in dit land waar ik me voor schaam. Ik schaam me dat we hier op alle mogelijke manieren vastgedraaid zitten in ons ongelijk. Ik schaam me voor dit kabinet, voor onze uitsluitpolitiek, voor onze bestuurlijke impotentie en het Haagse provincialisme. Ik schaam me voor de permanente crisissfeer in dit land, het publieke gevoel van verlies en de collectieve waanzin dat we ieder moment naar de ratsmodee zullen gaan.

Ik schaam me voor de absolute kleinheid van ons land en onze gedachten, voor de totale uitverkoop van de publieke sector, voor de afbraak van de welvaartsstaat en privatisering van collectieve voorzieningen. Voor de onpretentieuze discussies, onze afwezige debatcultuur, voor de infantilisering van Kamervragen en de alomtegenwoordigheid van talkshows. We zijn een land van volgers.

Ik schaam me voor de ‘doe maar gewoon’-mentaliteit als vrijbrief voor ambitieloosheid. Voor ons totale gebrek ons te verheffen, voor ons anti-intellectualisme, want ‘doe zelf normaal joh’. Voor onze onverschilligheid voor kunst, cultuur, wetenschap en natuur – behalve als er aan te verdienen valt. Voor onze nadruk op water en dat ieder vergezicht hier altijd in dat water valt. Ik schaam me voor de woorden ‘migratiestroom’, ‘asieltsunami’ en ‘uitlekgewicht’. Voor onze zelfgenoegzaamheid.

Ik schaam me voor onze bio-industrie, voor Tata Steel en voor de 600 miljoen dieren die we hier jaarlijks afslachten. Ik schaam me voor ons koloniale verleden, voor ons aandeel in de slavernij, voor ons geloof in ‘politionele acties’, voor zoiets als een ‘VOC-mentaliteit’. En onze trots daarop.

Ik schaam me voor onze postzegelmonarchie, voor onze kruideniersmentaliteit, voor het idee van een ‘BV Nederland’ en voor het schaamteloos uitbuiten van Poolse medemensen want ja, ‘open economie, hè’.

Ik schaam me voor de lelijkheid in dit land. Voor de gelijkvormigheid van onze publieke ruimte, voor onze burgerlijkheid. Voor onze veel te luidruchtige kinderen. Voor onze verdwazing botheid te verwarren met directheid. Ik schaam me ervoor dat de platheid van ons landschap onze manieren kenmerkt. Dat we gekenschetst worden door lage luchten en een lucht van laagheid. Voor het zijn van een nogal laag land.

Ik schaam me voor de altijd terugkerende nadruk op gezelligheid. Voor de pacificerende werking die daarvan uitgaat en alle inhoud reduceert tot sfeer en toon. Voor onze barbecue- en vleescultuur. Voor de campagneslogan ‘Nederland Vleesland’. Voor het woord ‘Holland’ in plaats van ‘Nederland’ en dus voor alles wat ‘typisch Hollands’ en ‘on-Hollands’ is. En het meest schaam ik me voor ons verwrongen zelfbeeld van tolerantie, vooruitstrevendheid en nuchtere clichés.

Ik schaam me voor Nederlanders in het buitenland. Voor Nederlandse kinderen in het buitenland en vooral voor ouders van Nederlandse kinderen in het buitenland. En dat we in vrijwel al onze extremen weinig verschillen van landen om ons heen, zoals Frans conservatisme, Oostenrijkse vreemdelingenhaat en Hongaars nativisme. Er is dus weinig bijzonders aan Nederland. Sterker nog, het bijzondere zorgt hier doorgaans vooral voor ongemak. Totdat eraan verdiend kan worden.

Dus vreemde ogen dwingen. En die dwongen nu vooral schaamte af. Maar de Amsterdamse psychotherapeut Louis Tas stelde dat schaamte een vorm van identificatie is. Want waarom zou je je als kind schamen voor je ouders als je er niet mee verbonden voelt? Zodoende schaam ik me voor mijn schaamte.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next