Een bijzonder artikel van afgelopen weekend, over het overlijden van de 80-jarige Joop Sterk, kreeg veel complimenten van lezers. Het was goed geschreven, respectvol en uitgebalanceerd. Een integer stuk. De auteur had het verhaal helder neergezet zonder daarbij voor iemand partij te kiezen en had de „waarheid” mooi in het midden gelaten. „Voor mij als arts”, mailde een lezer de redactie, „een verhelderend artikel over hoe de patiënt en diens familie een en ander beleefd hebben”.
Maar circa twintig mails hadden een hele andere toon. De boodschap van het stuk was onduidelijk, vonden zij. NRC was afgedaald naar een bedenkelijk niveau. „Slechte journalistiek, alstublieft niet in mijn krant.” De foto’s en koppen bij het artikel gaven een lezer ten onrechte de indruk dat de familie slachtoffer was een medische misstand. „Maar wat blijkt? Een dochter en in minder mate een echtgenote die volstrekt wappie blijken te zijn … Schandalig dat de NRC dit The Sun-achtige stuk publiceert.”
Niet vaak roept een verhaal zulke uiteenlopende reacties op. In mijn eerste twee maanden als ombudsman maakte ik dat nog niet mee. Wat was hier aan de hand?
Het stuk verscheen over vier pagina’s in de weekendkrant, met de kop ‘Het ziekenhuis heeft mijn vader vermoord’. Bij de online versie stond een langere, betere kop: Aan het ziekbed van Joop Sterk stonden zijn familie en de artsen tot de laatste snik tegenover elkaar. De foto’s met de overledene in een lijstje, het intro en het trefwoord (‘medische tuchtzaak’) gaven lezers, en mij ook, de indruk dat dit een verhaal was over een medische misstand.
„Zwaar ademend staart Joop Sterk voor zich uit. Hij is al een aantal dagen wat verward”, begint het verhaal. Hij belandt op 27 november 2021 op de spoedeisende hulp van het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven. Daar wordt vastgesteld dat hij besmet is met het coronavirus. Gedetailleerd beschrijft auteur Hugo Logtenberg wat er daarna gebeurt. Hij doet dat volgens de methode show, don’t tell – oftewel: hij laat de feiten voor zich spreken.
Vrij snel wordt duidelijk dat de familie medici niet vertrouwt. „De argwaan over de dominantie van de reguliere zorg en in het bijzonder de farmaceutische industrie, maakt dat Joop, Riet en Mary Sterk na de uitbraak van de coronapandemie in maart 2020 op scherp staan”, schrijft Logtenberg. Moeder Riet en dochter Mary botsen met de artsen. Ze houden behandeling met een veelgebruikte antistof tegen. Ze eisen dat hij het middel ivermectine krijgt, waarover ze goede verhalen op internet hebben gelezen. Ook FVD-leider en coronascepticus Thierry Baudet gaf hier hoog van op. De artsen weigeren dit omdat het middel niet bewezen effectief is.
Het loopt niet goed af voor Joop Sterk: op 8 december 2021 overlijdt hij. De familie spant in februari 2023 tegen de elf behandelend artsen een zaak aan bij het medisch tuchtcollege. Anderhalf jaar later worden alle klachten ongegrond verklaard en stelt het college dat de artsen „zeer zorgvuldig” hebben gehandeld.
Zo werd in de loop van het verhaal steeds duidelijker dat dit verhaal niet over een medische misstand ging, maar over patiënten die zich beroepen op medische desinformatie. Maar dat woord valt niet in het artikel zelf, wel in een kader dat in een hoek op de laatste pagina stond en online helemaal onderaan het artikel. Ook de termen ‘wappie’ of ‘coronawappie’ staan niet in het stuk, al vinden veel lezers – getuige de reacties – dat wel van toepassing op de familie Sterk. Tijdens het maken van het verhaal zei Riet een keer tegen Hugo Logtenberg: „Er zijn mensen die ons wappies noemen.” Het was verleidelijk om dit citaat te gebruiken, vertelt de verslaggever. Maar hij deed dit niet. „Ik wilde ze niet wegzetten als wappies, maar laten zien hoe in deze tijd twee werelden met elkaar botsen. En dat medische desinformatie een toenemend probleem is in de zorg. De lezer is denk ik goed in staat om zelf te oordelen of deze mensen zijn doorgeschoten of niet.”
Logtenberg volgt deze werkwijze vaker. „Ik geloof heel erg in één casus heel goed uitzoeken die staat voor iets groters.” Algemene stukken, met daarin bijvoorbeeld meerdere deskundigen, maken een maatschappelijk probleem of een ontwikkeling volgens hem lang niet altijd net zo goed zichtbaar.
Chef onderzoeksgroep Wubby Luyendijk vindt dat de redactie meer aandacht moet geven aan autonomen en soevereinen, oftewel mensen die autoriteiten wantrouwen en zich van hen afkeren. Daarom was ze blij met dit verhaal. „Artsen hebben hier veel mee te maken, zij moeten soms de strijd aangaan om de goede behandeling te kunnen leveren. De intensiteit en het lange traject van zo’n kwestie kun je alleen maar goed laten zien door er heel gedetailleerd over te schrijven. Dat kun je doen door bijvoorbeeld mee te lopen, maar het is lastig om medewerking van artsen én patiënten te krijgen. Deze zaak reconstrueren was een goed alternatief.”
Ik vond het verhaal goed werken. De gedetailleerde beschrijving van de laatste weken van Joop Sterk liet zien hoe zijn vrouw en dochter medici wantrouwden, wat daarvan de gevolgen waren voor hun vader én voor de artsen die in de tuchtzaak van ‘pure moord’ werden beschuldigd. Het ziekenhuis werkte helaas niet mee, de artsen slechts beperkt en anoniem. Een van de artsen liet weten: „Het voelt heel heftig om te worden beschuldigd van een situatie waarin je je uiterste best hebt gedaan om goed voor iemand (patiënt en familie) te zorgen.”
Iedereen werd dus serieus genomen; een goed uitgangspunt voor een uitvoerig verhaal. Maar we moeten ook de relatief grote groep lezers serieus nemen die vond dat de familie té serieus werd genomen. Ging er toch iets mis met de aanpak en presentatie? Het kader over hoeveel artsen last hebben van medische desinformatie stond op de krantenpagina’s wat te veel weggedrukt. Online viel het onder het artikel helemaal weg. Vormgevers plaatsen zo’n kader liever niet hoger in de tekst omdat die voor lezers een afhaakmoment kan zijn. Maar een lang verhaal zoals dit, dat met ruim 400.000 leesminuten tot de best gelezen stukken van het weekend behoorde, wordt lang niet door iedereen uitgelezen. Volgens lezersinformatie haalt waarschijnlijk niet meer dan een kwart het einde van het stuk. Nu kun je zeggen: wie het niet uitleest heeft geen recht van spreken. Maar dat is te simpel. Essentiële informatie en context moet niet helemaal onderaan worden weggestopt in een kadertje. Beter is het ergens in de hoofdtekst op te nemen.
Dit verhaal maakte duidelijk dat show, don’t tell een fraaie vorm is, maar dat er risico’s aan kleven. Er komt vaker kritiek als personen in een artikel met desinformatie komen, ook als dat er volgens de redactie dik bovenop ligt. Dus moet goed worden nagedacht over koppen, intro’s, foto’s, presentatie én het geven van context. Dat vraagt elke keer een slimme en subtiele aanpak, want de redactie moet de hele samenleving blijven beschrijven. Ook de andersdenkenden.
Waarom schrijft NRC over Palestijnse ‘gevangenen’ en Israëlische ‘gijzelaars’, vroeg een lezer zich deze week in een mail aan de redactie af. „Wanneer Hamas de grens over gaat en burgers gevangenneemt dan worden dat gijzelaars genoemd. Maar wanneer Israël in Gaza burgers gevangenneemt en meeneemt dan heten ze gevangene of arrestant”, stelt hij. Zorgt NRC door verschillende woorden te gebruiken er niet voor dat misdaden van Israël minder erg lijken?
De redenering van de lezer is te begrijpen, reageert plaatsvervangend buitenlandchef Anne van der Schoot. „De Palestijnse burgers die zijn opgepakt en zijn vastgezet in Israëlische gevangenissen zaten daar soms maandenlang zonder enige vorm van beschuldiging of proces. In zekere zin zou daar het ‘etiket’ gijzelaar op kunnen worden geplakt. Onder de groep vrijgelaten Palestijnen zaten echter ook mensen die bijvoorbeeld veroordeeld zijn voor het plegen van terroristische aanslagen en lange straffen uitzaten, enkelen zelfs levenslang. In onze berichtgeving hebben we dit altijd zo precies mogelijk willen aangeven. Op geen enkele manier hebben we willen suggereren dat de acties van Israël ‘minder erg lijken’.”
De ombudsman opereert onafhankelijk; zijn oordeel is persoonlijk en niet dat van de (hoofd)redactie. Kijk hier voor de statuten van de ombudsman. Wilt u rechtstreeks reageren op artikelen of audioproducties van NRC, dan kunt u een brief van maximaal 200 woorden mailen aan opinie@nrc.nl.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC