Home

Factcheck: willen partijen echt terug naar de 0,7 procent voor ontwikkelingshulp die internationaal is afgesproken?

In aanloop naar de verkiezingen onderzoekt de Volkskrant uitspraken van politici. Wat zeggen ze, en waarom? Vandaag: wat komt er terecht van de plannen voor ontwikkelingshulp als je de verkiezingsprogramma’s doorrekent?

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Afrika en het Mondiale Zuiden.

De afgelopen kabinetsperiode werd er veel gemopperd op bewindslieden die van alles beloofden, maar niets voor elkaar kregen. Wie zich nooit aangesproken hoefde te voelen, was Reinette Klever, de PVV-minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp. Ze bezuinigde 1 miljard op ontwikkelingssamenwerking vanaf 2026. Na 2027 komt daar, zoals afgesproken in het hoofdlijnenakkoord, een bezuiniging van 1,4 miljard euro bovenop. En ze versoepelde de koppeling tussen ontwikkelingshulp en de economische groei.

Door die maatregelen raakt Nederland verder verwijderd van de internationale afspraak dat landen 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen (bni) aan ontwikkelingshulp besteden. Nederland dook al vanaf 2013 onder die norm; in 2024 kwamen de uitgaven uit op 0,6 procent. Dat percentage gaat afnemen tot 0,44 procent in 2030.

Acht partijen die nu in de Tweede Kamer zitten, willen die dalende trend keren: GroenLinks-PvdA, ChristenUnie en SP willen terug naar 0,7 procent. CDA en D66 ook, al schrijven ze in hun verkiezingsprogramma’s slechts een ‘stap’ in die richting te zullen zetten. De SGP is voor ‘ruimhartige ontwikkelingshulp’, maar plakt er geen percentage op, en Denk wil de bezuinigingen terugdraaien. De Partij voor de Dieren (PvdD) pleit voor 1 procent van het bni naar ontwikkelingshulp. Volt wil 1 procent van het bruto binnenlands product (bbp) vrijmaken – het bbp is het bni plus de looninkomsten uit het buitenland.

Beloften

Om te beoordelen wat de ambities waard zijn, helpt het om van percentages exacte bedragen te maken. Wat een land aan ontwikkelingshulp uitgeeft, wordt uitgedrukt in Official Development Assistance (ODA): de optelsom van directe ontwikkelingshulp en bijdragen via internationale organisaties. Let wel: in Nederland is ODA geen loepzuivere indicator, omdat ook een deel van de asielopvang uit de ODA-middelen wordt betaald.

Door de plannen van het kabinet-Schoof gaat Nederland in 2030 6,31 miljard euro aan ODA uitgeven, blijkt uit de begroting die Buitenlandse Zaken voor Prinsjesdag maakte. In 2030 is het verwachte bni 1,42 biljoen euro. Wie daarvan 0,7 procent wil reserveren, komt uit op 9,95 miljard euro. Partijen moeten dus 3,64 miljard meer uitgeven dan het huidige kabinet om in 2030 weer aan internationale afspraken te voldoen.

Partijen die terug willen naar 0,7 procent, moeten dus verder gaan dan alleen het terugdraaien van de geplande 2,4 miljard aan bezuinigingen van het huidige kabinet. Ook vóór de bezuinigingen voldeed Nederland immers al niet meer aan de internationale norm. Daarnaast moet Nederland meer gaan afdragen zodra het bruto nationaal inkomen stijgt.

De Partij voor de Dieren wil niet 0,7 maar 1 procent van het bni uitgeven aan ontwikkelingshulp, wat neerkomt op 7,90 miljard extra in 2030. Volt streeft naar 1 procent van het bbp. Het verwachte bbp in 2030 is 1,44 biljoen euro, aldus het Centraal Planbureau (CPB). Om Volts plannen te realiseren, moet het ODA-budget met maar liefst 8,04 miljard euro stijgen.

Betalen

Hoe partijen die extra uitgaven willen betalen, is niet bij alle partijen te controleren. Partij voor de Dieren, Denk en SP hebben hun verkiezingsprogramma niet laten doorrekenen door het CPB. De andere partijen deden dat wel.

Uit de doorrekening blijkt dat de meeste partijen bij lange na niet in de buurt komen van de 0,7 procent. Het CDA wil maar 0,2 miljard extra investeren in ontwikkelingssamenwerking, de SGP 0,4 miljard, D66 en ChristenUnie 1 miljard, en GroenLinks-PvdA 1,3 miljard. Volt is de enige partij die met een extra investering van 3,3 miljard in de buurt komt van de 3,64 miljard. Tegelijkertijd is dat mijlenver verwijderd van de circa 8 miljard die de partij zelf belooft.

Aan de andere kant zijn er ook partijen bij wie de internationale afspraken nog verder uit het zicht raken. De VVD wil volgens de CPB-doorrekening nog eens 3,7 miljard euro bezuinigen op ontwikkelingshulp, BBB 3,9 miljard en JA21 4,4 miljard. De PVV wil zelfs ‘een volledige stop op ontwikkelingshulp’.

Conclusie

Welke partij er ook gaat (mee)regeren, de kans dat het budget weer terugkomt op 0,7 procent is buitengewoon klein.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next